Muur van Geraardsbergen: Het heiligste wielerheiligdom
foto: Cor Vos

Muur van Geraardsbergen: Het heiligste wielerheiligdom

Fietstoerisme Wielerheiligdom: elk land heeft wel zo zijn plekken die heilig zijn in de geschiedenis van het wielrennen. We denken aan de Cauberg in Nederland, de Alpe d’Huez, Puy de Dôme of Col du Tourmalet in Frankrijk of de Alto de l’Angliru in Spanje, bijvoorbeeld… In België is dat zonder twijfel de Muur van Geraardsbergen. Er is geen plek ter wereld waar je de geschiedenis van het wielrennen zo goed kunt voelen als op de Muur.

Het heiligdom van de Muur van Geraardsbergen heeft alles te maken met de Ronde van Vlaanderen, die door Vlamingen zelf al de Hoogmis wordt genoemd. Tussen 1973 en 2011 was de Muur als voorlaatste helling in het parcours dé scherprechter van De Ronde. Vele malen werd de Ronde van Vlaanderen beslist op de Muur van Geraardsbergen. Zo herinneren we ons nog Fabian Cancellara in 2010, die Tom Boonen zittend uit het wiel reed op de Kapelmuur.

De afgelopen jaren zat de Muur niet meer, of veel vroeger, in De Ronde. Maar de plek draagt nog altijd wielergeschiedenis met zich mee. In de Omloop Het Nieuwsblad is de Muur tegenwoordig de voorlaatste helling, en ook de E3 SaxoBank Classic doet de Muur van Geraardsbergen aan. Met nog steeds honderden wielerliefhebbers langs de klim.

De grote aantrekkingskracht van de Muur is onmiskenbaar de Kapel van Onze-Lieve-Vrouw op de top. Het bedevaartkapelletje, dat in 1906 werd ontworpen door architect A Vandamme voor de inwoners van Geraardsbergen, torent trots boven de Oudenberg uit en is het grote mikpunt voor wielrenners als zij uit het steile bos komen en aan de iets vlakkere slotmeters van de Muur beginnen. Op de top voel je de geschiedenis van het wielrennen die je is voorafgegaan, wat grotendeels te maken heeft met de herkenbaarheid van de klim in de laatste meters met een flauwe bocht uit het kleine bos naar de Kapel van Onze-Lieve-Vrouw.

De Kapel van Onze-Lieve-Vrouwe goed in beeld – foto: Cor Vos

Wielerliefhebbers die nog nog nooit in Geraardsbergen zijn geweest, zullen de eerste 900 meter van de 1,1 kilometer lange klim wat minder goed kennen. Het kapelletje is in de beginfase nog zeker niet te zien. En de iconische top is niet het zwaarste gedeelte van de Muur van Geraardsbergen. Dat de Muur wielergeschiedenis heeft kunnen worden, heeft ook te maken met de zwaarte van de klim, die zeker kan wedijveren met de zwaarste klimmen in de Vlaamse Ardennen.

De klim begint ongeveer ter hoogte van de Grotestraat in Geraardsbergen, vanwaar je de rivier de Dender over rijdt en door het stadscentrum van Geraardsbergen de Oudenberg oprijdt. Langs het gemeentehuis van Geraardsbergen, over goed liggende kasseien, rijd je naar de Vesten. Hier eindigt jaarlijks een etappe in de Binckbank Tour en tegenwoordig Renewi Tour. De stijgingspercentages zijn tot dan toe schappelijk geweest: nergens komt de klim echt boven de 10 procent gemiddeld uit.

Vanaf daar wordt het echt zwaar. Vanaf de Oudenbergstraat rijd je een klein bos binnen waar niet alleen de stijgingspercentages duizelingwekkend worden, maar ook de kasseien. Omdat de kasseien hier horizontaal liggen, heb je het idee dat je als het ware een soort trap aan het beklimmen bent. Het is hier dat veel profs moeten afstappen tijdens hun klim naar de top.

Bovenaan dit bos sla je rechtsaf en krijg je de kapel voor het eerst te zien. Het is dan nog een meter of 150-200 naar de top van de Muur. De stijgingspercentages zijn inmiddels een stuk minder steil geworden, het uitzicht dan weer een stuk fraaier met de Kapel van Onze-Lieve-Vrouw. Je staat nu op de top van wielergeschiedenis!

Om te reageren moet je ingelogd zijn.