Bauke Mollema: “Tokio spookt al drie jaar door mijn hoofd”

Bauke Mollema: “Tokio spookt al drie jaar door mijn hoofd”

foto: Instagram Bauke Mollema

donderdag 22 juli 2021 om 09:15
Interview

Dat hij de onomstreden kopman van de Nederlandse olympische ploeg is, onderstreepte hij nogmaals in de Tour de France. Met zijn ritwinst in Quillan bewees Bauke Mollema dat de topvorm er voor Tokyo 2020, zoals het evenement officieel nog heet, is. “De Olympische Spelen spoken al door mijn hoofd sinds het parcours in Tokio bekend werd gemaakt” erkent Mollema. “Vanaf dat moment, nu alweer zo’n drie jaar geleden, heb ik mijn zinnen op deze wedstrijd gezet. Al is het natuurlijk een jaartje later dan de bedoeling was.”

Vlak voordat Mollema afgelopen zondag afreisde naar de Japanse metropool sprak WielerFlits met de Nederlandse troef in de wegwedstrijd. Zo’n vier uur na de finish op de Champs-Elysées stapte hij om half twaalf ’s avonds op vliegveld Charles de Gaulle in het vliegtuig richting Tokyo Haneda Airport, waar hij maandag in de loop van de middag arriveerde. Met een voldaan gevoel, want met zijn ritzege daags voor de eerste Pyreneeënrit heeft de geboren Groninger weer veel indruk gemaakt.

“Het is een fijn gevoel om de Tour met een ritzege te kunnen afsluiten. Je kunt dan concluderen dat je Tour is geslaagd en dat geeft toch veel vertrouwen en een relaxed gevoel naar alles wat er dit seizoen nog komt”, blijft hij immer bescheiden.

Bauke Mollema wint in Quillan. foto Cor Vos

Al begint zijn palmares er ondertussen wel rijk uit te zien. De klassieke zeges in ‘Il Lombardia’ en de Clásica San Sebastián, twee ritzeges in de Tour de France en een dagsucces in de Vuelta a España. En in die laatste ronde stond hij in 2011 ook al met een derde plaats op het podium, al was dat pas nadat eindwinnaar Juan José Cobo zijn titel kwijtraakte. Iedere nieuwe zege geeft zijn carrière daardoor alleen maar meer aanzien.

Ontlading
“Misschien klopt dat wel”, reageert hij voorzichtig. “Anderzijds vond ik de eerste Tourrit die ik in 2017 in Le Puy-en-Velay boekte meer bijzonder. Toen overviel me wel gevoel dat ik eindelijk een rit in de Tour had gewonnen, en de ontlading was destijds veel groter. Misschien geniet ik er juist daardoor nu wel meer van.”

Vooral de wijze waarop Mollema zegevierde maakte grote indruk. Drie dagen eerder zat hij ook in de juiste ontsnapping in de rit over de Mont Ventoux en eindigde hij die dag uiteindelijk als derde. Terwijl hij naar Quillan een solo van ruim 40 kilometer bekroonde. “Het klopt dat je goed in orde moet zijn om dit te kunnen. De rit met tweemaal de Mont Ventoux was al een pittige dag. Ik had ook echt wel die twee dagen nodig om te herstellen van die inspanningen. Ik kon me die dagen gelukkig een beetje wegsteken in het peloton.”

“In de rit naar Quillan wilde ik er weer echt voor gaan. Ik denk dat je vooral goede benen en een goede moraal moet hebben om dat te kunnen. Zeker voor een lange solo van zo’n veertig kilometer. Als je niet sterk bent, val je na een paar kilometer al stil. Gelukkig was mijn conditie goed. Daar had ik ook vertrouwen in, want al in de eerste week voelde ik me op die aankomsten op die kleine klimmetjes in Bretagne heel goed. Dat was voor mij wel de bevestiging dat ik in orde was.”

foto: Cor Vos

Schakelde je na die ritzege in de Tour direct het vizier helemaal op Tokio?
“Natuurlijk besefte ik in de laatste week dat die olympische wegwedstrijd al heel snel na de Tour komt. In de slotweek van de Tour heb ik dan ook bewust met Tokio in mijn achterhoofd gereden. Ik heb nog een à twee dagen uitgekozen waarin ik keek of er mogelijkheden waren om in de goede ontsnapping mee te zitten. Maar ik wilde me zeker niet meer iedere dag in de vernieling rijden. Met Tokio in gedachten wilde ik me zeker niet leegrijden voor een tiende of vijftiende plek in een rituitslag. Dan was ik toch vooral bezig om me zo goed mogelijk voor te bereiden op Tokio.”

Dus eigenlijk was de Tour ook een ideale training richting Tokio? Een paar keer diep gaan en de andere dagen vooral weer krachten sparen en kilometers maken.
“Dat denk ik wel. Al bij het uitstippelen van mijn jaarprogramma heb ik de Tour de France als de beste voorbereiding op de Olympische Spelen gezien. Als klassementsrenner is dat anders, omdat je dan iedere dag aan de bak moet. Niet alleen fysiek is de Tour voor een klassementsrenner al iets zwaarder, maar vooral mentaal wordt het dan een heel stuk pittiger. De focus en de stress eisen ook veel van je.”

Vincenzo Nibali, jouw ploegmaat bij Trek-Segafredo, stapt op de tweede rustdag in Andorra af om zich beter voor te bereiden op Tokio. Jij rijdt bewust de Tour uit. Waarom maak jij deze keuze? En spreek je over zo’n beslissing ook met Nibali?
“Voor mij is eerder afstappen nooit een optie geweest. Ik wil de Tour sowieso altijd uitrijden. Ik hou er niet van om eerder uit een wedstrijd te gaan, om me vervolgens voor te bereiden op een andere koers. Met de lange reis naar Japan en het tijdsverschil van zeven uur snap ik wel deze keuze van andere renners. Hoewel het bij ons al in het begin van de Tour bekend was dat Nibali deze strategie zou volgen, heb ik daar geen enkele keer met hem over gesproken. Ik geloof dat de Italiaanse bond hem daarin ook een beetje gepusht heeft.”

“Iedereen moet hierin zijn eigen keuzes in maken. Ik denk echter niet dat dit voor mij een verschil maakt. In mijn ogen was het voor mij alleen maar ingewikkelder geworden wanneer ik eerder uit de Tour was gestapt. Dan moet je thuis nog gaan trainen of daar in Japan onder moeilijke omstandigheden. Nu hoef ik alleen nog maar een paar dagen te herstellen van de inspanningen van de Tour. Misschien nog twee uurtjes per dag een beetje losrijden. That’s it.”

Bauke Mollema in de sprint voor de 17e plek in Rio de Janeiro – foto: Raymond Kerckhoffs

Rio de Janeiro
In 2016 werd Mollema ook als een van de favorieten gezien voor de olympische medailles in Rio de Janeiro. Tot drie dagen voor het einde van de Tour de France stond hij destijds echter nog tweede in het klassement achter Chris Froome. In de stromende regen op weg naar Saint-Gervais Mont Blanc verspeelde hij destijds een podiumplaats door een glijpartij. Zes dagen na die Tour won hij de Clásica San Sebastián, om vervolgens op de zondag vanuit Madrid naar Rio de Janeiro te vliegen.

“Het is nu zeker anders. Destijds waren het mijn eerste Olympische Spelen. Dan kijk je in het olympisch dorp toch een beetje je ogen uit. Ik zal me nu een stuk minder door de grootte van het evenement laten afleiden. Al zitten we ditmaal sowieso niet in het olympisch dorp, maar in een hotel buiten Tokio, niet ver van het parcours en Mount Fuji. Ik zie dat alleen maar als een voordeel. Ik denk dat dit overigens voor alle sporters alleen maar beter zou zijn. Tegenover 2016 ben ik nu als wielrenner ook weer iets meer ervaren. Ik laat me minder gek maken door de entourage en alle coronaregels waar we ons in Japan strikt aan moeten houden. Daar had ik me al heel goed op ingesteld.”

Maar ik doel vooral dat de Tour in 2016, waar je voor het klassement reed, een stuk vermoeiender voor je was.
“Dat klopt. Al zaten er toen wel twee weken tussen het einde van de Tour en de olympische wegwedstrijd. Ik reed toen na de Tour nog een paar criteriums en vervolgens de Clásica San Sebastián, die ik dus won. Ik had toen tijd genoeg om van die Tour te herstellen. Ik wil die Tour zeker niet als een excuus opvoeren. Nee, ik voelde me juist goed in Rio de Janeiro. Ik had daar alleen op het verkeerde moment een mindere dag. Er was die zaterdag een weersomslag. In vergelijking met de eerste dagen dat we er waren was het ineens een stuk vochtiger en warmer. Daar had ik in de wedstrijd moeite mee.”

Denk je dat het verschil groot is dat Tokyo 2020 nu slechts zes dagen na de Tour is. Dus dat er een week minder tussen zit dan in Rio de Janeiro 2016?
“Dat kan wel een verschil maken ja. Destijds zaten we toch nog met de trainingen, waardoor je nog wat extra langere fietstochten moest ingelasten in de tussenliggende periode. Dat is niet zo eenvoudig wanneer je in zo’n wereldstad bivakkeert. Nu hoef ik in Tokio alleen een beetje uit te fietsen. Ik ga hier echt niet langer dan 2 à 2,5 uur fietsen hoor. De conditie van de Tour is nu de perfecte basis.”

Bauke Mollema tijdens Rio 2016.

Je zelfvertrouwen voor de wegwedstrijd in Tokio zal na de ritwinst in de Tour alleen maar gegroeid zijn?
“Ja, het is zeker een lekkere opsteker om met een ritzege naar Tokio te gaan. De grootste uitdaging gaat worden om de jetlag en de omstandigheden ter plaatse qua vochtigheid en extreme hitte te verwerken. Het is moeilijk in te schatten hoe mijn lichaam hierop reageert. Veel renners zullen hier last van krijgen. Door de hitte en jetlag zullen sommigen een complete offday hebben.”

Wat dat betreft is het een voordeel dat jij Japan goed kent en de Japan Cup zelfs al twee keer gewonnen hebt.
“Inderdaad. Twee van de drie keer dat ik in Japan was, heb ik die wedstrijd gewonnen. Dat is een mooie score. Ik vind Japan een mooi land. Voor de Japan Cup vlogen we slechts vier dagen voor de wedstrijd naar Tokio. Maar ja, de Japan Cup is van een heel ander niveau. Mijn ervaring van die drie bezoeken is wel dat ik weinig last van de jetlag heb. Al heb ik sowieso nooit veel last van jetlags. Ik ben de laatste jaren wel gewend om weinig te slapen. Dus zelfs wanneer ik in Tokio wat minder slaap, dan ga ik me daar niet zo druk over maken.”

Dit artikel delen:

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.

Headlines

Materiaalzone

Populair