Dit was het voorjaar van Belgische teams: versterkt Alpecin, geduld van Foré en wie krijgt De Lie in vorm?
foto: fotopersburo Cor Vos
Niels Bastiaens
Youri IJnsen
maandag 13 april 2026 om 17:54

Dit was het voorjaar van Belgische teams: versterkt Alpecin, geduld van Foré en wie krijgt De Lie in vorm?

Special Zoals de evolutie van het wielrennen het wil, zijn het steeds meer de drie à vier grote namen die de koek onderling verdelen en moeten de andere teams en renners het dus ook vaker met de kruimels doen. Alpecin-Premier Tech met leiders Mathieu van der Poel en Jasper Philipsen natuurlijk buiten beschouwing gelaten, geldt dat laatste voor de Belgische teams in het peloton. Hoe kwamen zij de Vlaamse voorjaarsklassiekers door? Dit is onze evaluatie van de teams uit eigen land.

Alpecin-Premier Tech

Afgelopen winter was er veel te doen om het vertrek van het sterke middenveld. Termen als ‘leegloop’ en ‘kwaliteitsverlies’ staken de kop op door het vertrek van onder meer Gianni Vermeersch, Quinten Hermans, Timo Kielich en Xandro Meurisse. Tot onbegrip Christoph en Philip Roodhooft. Zij vonden dat ze goedkoper én versterkt uit de transferwinter kwamen. We stellen vast dat ze in ieder geval niet zwakker zijn geworden.

Het WorldTeam won met Omloop Het Nieuwsblad, E3 Saxo Classic (beide Mathieu van der Poel), Nokere Koerse en In Flanders Fields (tweemaal Jasper Philipsen) vier van de negen kasseiklassiekers. Na jaren met Monumentale zeges zat die er dit voorjaar weliswaar niet bij, maar toch kun je zeker niet spreken van een slecht voorjaar. Nieuwkomers als Florian Sénéchal en Jonas Geens wisten zich direct te bewijzen, terwijl het inslikken van de transfer naar Soudal-Quick-Step door Edward Planckaert zich het meest heeft uitbetaald.

De sprintaantrekker van Philipsen was van goudwaarde in het positioneren van de kopmannen. Tel daarbij op dat de rol die Tibor Del Grosso in het voorjaar kan spelen komend seizoen nóg groter zal zijn, en je kunt stellen dat de broers Roodhooft gelijk hebben gekregen. De enige fout die je ze kunt verwijten is de keuze om niet iedereen van dezelfde ploeg met dezelfde pedalen te laten rijden in Parijs-Roubaix.

Soudal Quick-Step

Eind goed al goed, moet ploegmanager Jurgen Foré hebben gedacht. Anderhalve week terug zag het er nochtans niet zo goed uit voor de Belgische ploeg die door Patrick Lefevere werd opgebouwd. De uitslagen in de grootste kasseikoersen bleven een beetje uit, al deden Laurenz Rex en Jasper Stuyven toen al hun best om dat te camoufleren met enkele ereplaatsen. Met name Stuyven was de constante zelve in elke koers die hij meedeed, en dat op z’n 33e.

Stuyven op de finishlijn in Roubaix – Foto: Fotopersburo Cor Vos

Het was een ondankbare taak voor Jurgen Foré om na het vertrek van Remco Evenepoel terug aan een ‘Wolfpack’ te moeten bouwen. Dat wilde hij niet alleen met Stuyven en Rex, maar ook met Dylan van Baarle. Alleen kwam de Nederlander er, mede door pech, nooit aan te pas. Datzelfde excuus roept de ploeg in voor goudhaantje Paul Magnier. Foré: “Hij moet uit deze campagne komen met het geloof dat hij de Omloop Het Nieuwsblad, Kuurne-Brussel-Kuurne, In Flanders Fields en Dwars door Vlaanderen had kunnen winnen.”

Maar Dame Fortuna bleef de blauwhemden niet slechtgezind. Snelle man Tim Merlier, die er het hele klassieke voorjaar had uitgelegen met een aanslepende knieblessure, keerde door de grote poort terug in de Scheldeprijs. Hij schonk het team op de valreep een belangrijke overwinning. Stuyven steeg dan weer boven zichzelf uit in Parijs-Roubaix en pakte een podiumplaats. Om het met de woorden van ploegleider Niki Terpstra te zeggen: “Als het dan toch uitbetaalt, dan is dat harde werk het allemaal waard geweest.”

Lotto-Intermarché

Zou dit dan het jaar worden dat Lotto-Intermarché er in slaagt om Arnaud De Lie zonder ziekte of pech doorheen het Vlaamse voorjaar te loodsen? Het is een vraag die al op de ploegenpresenatie in januari gesteld werd, maar we moeten vaststellen dat de ploeg opnieuw van een kale reis thuiskomt. Op zich kan je hen nu weinig verwijten: tegen ziekte op een slecht moment kan je nu eenmaal weinig beginnen. Maar dat De Lie voor het derde jaar op rij de Ronde van Vlaanderen mist, is niet enkel aan toeval te wijten.

De Lie veranderde binnen de ploeg al meermaals van trainer en vindt – mede door die ziekte, die na de GP Denain voor het eerst de kop op stak – nooit op het juiste moment zijn topvorm. Is dat door allergieën en dus seizoensgebonden? Of speelt ergens ook het mentale aspect mee? We hebben er geen eenduidig antwoord op. De Lie is einde contract bij de Lotto-ploeg en het is maar de vraag of het team zelf vragende partij is om een hoge prijs voor het goudhaantje neer te leggen na een nieuwe mislukte voorjaarscampagne.

De Lie kwam er nooit echt door – foto: fotopersburo Cor Vos

Te meer omdat er veel te weinig kwaliteit is om iets op te vangen, als De Lie niet levert. Voor Jenno Berckmoes is het toch altijd net niet, maar hij hinkte op momenten wel tegen de top 10 aan. Vito Braet werd werd negende in Dwars door Vlaanderen en De Lie zelf vierde in de sprint in In Flanders Fields, maar je voelt dat er iets – denk aan de vertrokken Alec Segaert en Brent Van Moer, die beiden een steengoed voorjaar reden – mist. Dat is ook het gevolg van financiële beperkingen, natuurlijk.

Flanders Baloise

Bij de door de overheid gesubsidieerde ploeg is het altijd afwachten wie de volgende goudhaantjes zijn die een eerste stap in de klassiekers zetten. Bij Flanders Baloise koersen ze niet met echte kopmannen, en zijn resultaten in de klassiekers vaak moeilijk. Maar we moeten zeggen dat ze er opnieuw in zijn geslaagd om boven zichzelf uit te stijgen.

Met Tom Crabbe heeft het team van Christophe Sercu een renner in handen die straks grof wild op de transfermarkt wordt. Al vroeg in het seizoen schoot hij raak in de Ster van Bessèges en Ruta del Sol. Jules Hesters deed daar even later in Frankrijk nog een derde overwinning bij. Ploegleider Hans De Clercq wist niet wat hem overkwam: “Zoiets hebben we al in tien jaar niet meer meegemaakt. Ons voorjaar en hele seizoen is nu al geslaagd”, klonk het.

In de grootste klassiekers doet Flanders Baloise wat het moet doen: actief meekoersen in de vroege vlucht. Iets waar Victor Vercouillie vaak in uitblinkt, maar ook Michiel Lambrecht en Vincent Van Hemelen verdienen een pluim. Die laatste sloop op die manier wel de top 20 van de Omloop Het Nieuwsblad én E3 Saxo Classic in. Voor Crabbe kwam er, op een tiende plaats in de Scheldeprijs na, geen vervolg aan die blitsstart. Maar een gebroken pink zit daar ook voor een deel tussen, dat was een kleine domper op de feestvreugde.

Om te reageren moet je ingelogd zijn.