EK 2020: Voorbeschouwing wegwedstrijd mannen

EK 2020: Voorbeschouwing wegwedstrijd mannen

Elia Viviani zal zijn titel niet verdedigen - foto: Cor Vos (archief)

woensdag 26 augustus 2020 om 07:15

Het EK wielrennen zou dit jaar eigenlijk worden verreden in Trento, maar de UEC moest door de coronacrisis snel schakelen en een alternatieve locatie zoeken voor het meerdaagse wielerevenement. Het Franse Plouay bleek uiteindelijk bereid om het EK te organiseren. WielerFlits blikt vooruit op de wegwedstrijd voor elite-heren.

Historie

De eerste editie van het WK wielrennen vond plaats in 1927. De legendarische Alfredo Binda wist in het Duitse Nürburg zijn eerste van in totaal drie wereldtitels te veroveren. Het Europees kampioenschap wielrennen heeft nog geen dergelijke rijke traditie. Sterker nog, de elite-heren kregen pas in 2016 voor het eerst de kans om te strijden voor de titel ‘beste wielrenner van Europa’. De organisatie in Plumelec kreeg met Peter Sagan meteen zijn gedroomde winnaar.

Het is wel belangrijk om te vermelden dat de Europese wielerunie al een tijdje ervaring heeft met het organiseren van Europese kampioenschappen. De beloftenmannen- en elitevrouwen mochten in 1995 al voor het eerst deelnemen aan een EK, twee jaar later besloot de UEC voor beide categorieën een tijdritkampioenschap te organiseren. Maar om terug te komen op de wegwedstrijd voor eliteheren: die eerste editie, die kwam er niet zomaar.

Peter Sagan won vier jaar geleden de Europese titel – foto: Cor Vos

Vier jaar geleden moest het Zuid-Franse Nice, waar over enkele dagen de 107e editie van de Tour de France van start gaat, de gaststad worden van het EK wielrennen. Alles leek in kannen en kruiken, de benodigde documentatie was ingeleverd en men was volop bezig met de laatste voorbereidingen. De badplaats werd op de Franse nationale feestdag (14 juli) echter getroffen door een terroristische aanslag op de Promenade des Anglais.

Hierdoor moest in allerijl worden gezocht naar een vervangende locatie. Het was lange tijd onzeker of het evenement wel kon doorgaan, maar uiteindelijk wist de UEC met Plumelec halsoverkop nog een alternatieve locatie te vinden. Dit stelde Sagan in staat om na een heuvelachtige wedstrijd naar de titel te sprinten, voor Julian Alaphilippe en Daniel Moreno. Het Europese wielercircus verplaatste zich vervolgens naar Denemarken en Schotland.

In Herning wist Alexander Kristoff na een biljartvlakke wedstrijd naar het goud te sprinten, ten koste van Elia Viviani en Moreno Hofland. Een jaar later wist Matteo Trentin Italië wel zijn eerste Europese titel bij de herenprofs te bezorgen door in een kletsnat Glasgow af te rekenen met Mathieu van der Poel en Wout van Aert. Die laatste twee waren toen nog parttime-wegrenners, maar inmiddels maken Van der Poel en Van Aert ook furore op de weg.

Laatste winnaars EK wielrennen
2019: flag-it Elia Viviani
2018: flag-it Matteo Trentin
2017: flag-no Alexander Kristoff
2016: flag-sk Peter Sagan

foto: Orange Pictures / Alex Whitehead


Vorig jaar

Elia Viviani was razend na de finish van het EK wielrennen 2017 in Herning. De Italiaan stond dan wel op het eindpodium met een zilveren medaille om zijn nek, maar de sprinter was naar Denemarken gekomen voor de Europese titel. Twee jaar later kreeg hij opnieuw een kans om Europees kampioen te worden, aangezien het parcours in Alkmaar behoorlijk vlak was en dus mogelijkheden bood voor de rappe mannen in het peloton.

Binnen de Italiaanse selectie was Matteo Trentin de titelverdediger, maar Viviani stond hoger in de pikorde. Die laatste wist in het tenue van zijn dagelijkse werkgever Deceuninck-Quick-Step namelijk de Prudential RideLondon-Surrey Classic te winnen, precies één week voor het Europees kampioenschap in Alkmaar. Viviani had de goede vorm dus te pakken en liet dat ook zien in het noorden van Nederland.

Sebastian Langeveld en Dylan van Baarle op kop van een groepje – foto: Cor Vos

Het werd een Europees kampioenschap om niet snel te vergeten, met dank aan de fel blazende wind in het Noord-Hollandse polderlandschap. Het peloton werd al snel in waaiers getrokken en verschillende (schaduw)favorieten hadden de slag gemist. Zo reden twee belangrijke Belgische speerpunten, Jasper Philipsen en Tim Merlier, de hele dag achter de feiten aan. Merlier, vooraf beschouwd als een van de favorieten, moest al relatief snel uit de wedstrijd stappen.

Onder aanvoering van de Italianen volgde er in de binnenstad van Alkmaar een nieuwe aanval. De Squadra Azzurra had daardoor met titelverdediger Trentin, Simone Consonni, Davide Cimolai en Viviani vier man mee in een kopgroep van dertien man. Andere namen die bij de pinken waren: de Duitsers Pascal Ackermann en Rüdiger Selig, de Nederlander Sebastian Langeveld, de Belg Yves Lampaert, Florian Sénéchal namens Frankrijk en de Sloveen Luka Mezgec.

De voorsprong op een tweede groep, met andere sprintfavorieten als Alexander Kristoff, Sam Bennett en Dylan Groenewegen, bleef lange tijd schommelen rond de halve minuut, maar de winnaar moest na een bikkelharde wedstrijd vooraan worden gezocht. Met nog 25 kilometer te gaan wisten Viviani, Ackermann en Lampaert weg te rijden uit de voorste groep en een beslissende voorsprong bij elkaar te fietsen.

De Italianen namen de koers in handen – foto: Cor Vos

De drie zagen hun voorsprong oplopen en gingen de slotronde in met een bonus van 48 seconden, wat voldoende bleek om uit de greep te blijven van de achtervolgers. De op papier veel tragere Lampaert probeerde op 3,5 kilometer van de finish zijn medevluchters te verrassen met een ultieme aanval. Het bleek de doodsteek voor de vermoeide Ackermann, maar Viviani reed met sprekend gemak terug naar het wiel van Lampaert.

De twee ploeggenoten bij Deceuninck-Quick-Step zouden in het shirt van hun land onderling uitmaken wie de Europese titel zou pakken. In de sprint bleek Viviani zoals verwacht de snelste. Lampaert moest vrede nemen met een zilveren medaille, een moegestreden Ackermann veroverde nog wel het brons. Alexander Kristoff won de sprint van de achtervolgende groep en finishte als vierde, voor Michael Mørkøv en thuisfavoriet Groenewegen.

Elia Viviani viert zijn overwinning met een gebaar naar boven – foto: Cor Vos

Uitslag EK wegwedstrijd 2019
1. Elia Viviani (flag-it Italië) in 3u30m52s
2. Yves Lampaert (flag-be België) op 1s
3. Pascal Ackermann (flag-de Duitsland) op 9s
4. Alexander Kristoff (flag-no Noorwegen) op 33s
5. Michael Mørkøv (flag-dk Denemarken) z.t.


Parcours

Woensdag 26 augustus: Plouay – Plouay  (177,4 km)

In Plouay, een plaats van zo’n zesduizend inwoners in de regio Bretagne, moet het komende woensdag gebeuren voor de renners die wél de moeite hebben genomen om naar het noordwesten van Frankrijk te reizen. In Plouay weten ze wel hoe je een wielerwedstrijd moet organiseren en verwelkomen. Romāns Vainšteins spurtte er in 2000 naar de wereldtitel, Karsten Kroon won er twee jaar later een Touretappe en klassiekerspecialisten komen elk jaar weer terug voor de Bretagne Classic.

De wegwedstrijden worden verreden op een heuvelachtig parcours van 13,7 kilometer, met daarin een viertal beklimmingen die goed zijn voor 195 hoogtemeters per ronde. De vrouwen krijgen acht rondjes voorgeschoteld, de elitemannen rijden dit circuit dertien keer. Een niet onbelangrijk detail: de Ty Marrec-klim, die vaste kost is in de GP Plouay (tegenwoordig dus de Bretagne Classic), wordt gemeden tijdens het Europees kampioenschap.

Vlak na de start is de Côte du Moulin (800 meter aan 5%) de eerste klim van de dag, gevolgd door een zeer korte afdaling richting de Côte du Bois de Kerlucas. De Kerlucas is eigenlijk niks meer dan een licht oplopende strook van een paar honderd meter, maar dit kan in de laatste ronde wellicht een breekpunt zijn in de koers. Vervolgens koersen de renners naar het hoogste punt van het parcours, naar de toppen van de Côte de Kervréhan en Côte de Kercoulan.

Beide heuvels liggen op 152 meter boven zeeniveau, het hoogste punt van dit EK. Er zijn in de regio rondom Plouay overigens wel pittigere klimmetjes te vinden dan de Kervréhan en Kercoulan, maar het zijn voor de puncheurs wel ideale momenten om eens flink aan de boom te schudden in de hoop de sprinters volledig uit te wringen. Na de Kercoulan beginnen de renners aan een afdaling van een tweetal kilometer, gevolgd door een vlakke tussenstrook.

Wie na deze tussenstrook van ruim één kilometer in de veronderstelling is dat het vlak blijft richting de finish, komt bedrogen uit. Op de flanken van de Côte du Pont-Neuf (1 km aan 4,5%) is het nog mogelijk om weg te rijden en een (mogelijke) sprint te ontlopen. De aanvaller met dienst zal dan nog wel twee kilometer moeten overleven richting de verlossende eindstreep, al gaat het wel grotendeels bergaf. De laatste 400 meter van dit EK zijn zo goed als vlak.

Samenvattend is het een behoorlijk lastig parcours, deels over vrij smalle en kronkelige landwegen en meerdere selectieve passages. Het lijkt een parcours voor explosieve renners met een flinke technische bagage.

Start: 12.00 uur
Finish: tussen 15.45 en 16.00 uur
Aantal hoogtemeters: +/- 2.500

Romāns Vainšteins kroont zich in Plouay tot wereldkampioen, 2000 – foto: Cor Vos

Programma EK wielrennen

Maandag 24 augustus
EK tijdrijden voor junior-meisjes en -jongens
EK tijdrijden voor belofte-vrouwen en -mannen
EK tijdrijden voor elite-vrouwen en -mannen

Woensdag 26 augustus
EK wegwedstrijd voor belofte-vrouwen
EK wegwedstrijd voor elite-mannen

Donderdag 27 augustus
EK wegwedstrijd voor belofte-mannen
EK wegwedstrijd voor elite-vrouwen

Vrijdag 28 augustus
EK wegwedstrijd voor junior-meisjes en -jongens
EK Mixed Relay


Favorieten

Wie kroont zich aanstaande woensdag tot Europees kampioen bij de profs? Deze vraag hangt al een paar dagen boven de markt en het is niet makkelijk om het koersverloop op voorhand te voorspellen. De organisatie mag zijn handen dichtknijpen dat enkele wereldtoppers hebben besloten om naar het noordwesten van Frankrijk af te zakken. Zeker in tijden van corona en gezien de beroerde plek (enkele dagen voor de start van de Tour de France) op de kalender.

We beginnen met de renners die niet van de partij zijn in Plouay. De meest opvallende afwezige is de winnaar van vorig jaar, Elia Viviani, die van zijn ploeg Cofidis geen toestemming heeft gekregen om het Europees kampioenschap te betwisten. De Franse formatie wil, zo vlak voor de Ronde van Frankrijk, geen enkel (gezondheids)risico meer nemen en heeft dan ook besloten dat de Tourrenners in hun speciale ‘Tourbubbel’ moeten blijven.

Mathieu van der Poel – foto: Cor Vos

Ook de allereerste Europese kampioen bij de profs, Peter Sagan, schittert door afwezigheid. Wie wel de moeite heeft genomen om de trip naar de regio Bretagne te maken? Mathieu van der Poel, de onbetwiste kopman binnen de Nederlandse brigade. Als de alleskunner ooit eens de vrijheid krijgt om zelf een parcours uit te stippelen, dan komt zijn schetsje in de buurt van het rondje van 13,7 kilometer dat de renners woensdag krijgen voorgeschoteld.

Smal, optrekken, draaien, keren, klimmen, dalen en dat over een afstand van bijna 180 kilometer. Van der Poel is op een dergelijk intervalparcours normaal gesproken de topfavoriet. De 25-jarige renner is ook de duidelijke kopman namens Nederland, terwijl andere grote wielerlanden als België, Italië, Frankrijk en Spanje voor een andere tactiek kiezen met meerdere speerpunten.

Van der Poel heeft de goede vorm ook duidelijk te pakken, wat begon in Italië met een derde plek in Gran Piemonte en een toch wel ijzersterk optreden (tiende) in de Ronde van Lombardije. Op het Nederlands kampioenschap wielrennen op en rond de VAM-berg was de coureur van Alpecin-Fenix weer ouderwets onverslaanbaar. Wat verwacht de beste man eigenlijk zelf van het EK?

“Ik verwacht een hele zware koers en een felbetwiste wedstrijd. Ik heb er naar toegewerkt en het is een hoog aangeschreven koers. Een Europese titel is niet alleen voor mijn gevoel belangrijk.” Van der Poel weet overigens hoe het voelt om een Europese kampioenstrui te dragen, maar dan wel in het veld en op de mountainbike. De Nederlander zal ongetwijfeld ook tijdens het wegseizoen als Europees kampioen willen rondfietsen, in een trui die tijdens de koers niet met modder is besmeurd.

Greg Van Avermaet en Oliver Naesen – foto: Cor Vos

Van der Poel kan woensdag rekenen op enkele ervaren ploeggenoten, met in het bijzonder Sebastian Langeveld en Pieter Weening. De Nederlandse equipe is op papier echter niet de sterkste formatie. Zo hebben we de Belgische brigade, aangevoerd door Greg Van Avermaet, Oliver Naesen, Jasper Stuyven en Sep Vanmarcke. Vier renners die het in zich hebben om Europees kampioen te worden. Naesen en Vanmarcke weten zelfs hoe je in Plouay moet zegevieren.

Beide coureurs wonnen namelijk al eens de Bretagne Classic, na een finale die identiek is aan het aankomende EK. Naesen won de Franse eendagswedstrijd zelfs tweemaal, terwijl Vanmarcke in 2019 de allerbeste was. Het probleem voor Naesen is alleen dat hij de absolute topvorm nog niet heeft kunnen vinden na de coronabreak. De klassiekerspecialist was zeker niet slecht in de voorbije Tour de Wallonie (tiende in het eindklassement), maar hij moest toch passen op de beslissende momenten.

En wat kunnen we eigenlijk zeggen over Vanmarcke? De West-Vlaming reed met de Bretagne Classic nog maar één wedstrijd sinds de hervatting van de competitie. De vraag is of hij al over de benodigde koershardheid beschikt om mee te doen voor de Europese titel. Wellicht dat bondscoach Rik Verbrugghe ook woensdag weer de kaart-Greg Van Avermaet zal trekken. De renner van CCC is zelden uit vorm en was ook in de Tour de Wallonie (tweede) weer uitstekend op dreef. De snelle Stuyven, winnaar van Omloop Het Nieuwsblad, is eveneens een kanshebber.

Van Avermaet over zijn kansen in Plouay: “Ik neem het er graag bij, omdat ik met deze conditie overal waar ik start toch een beetje kans maak. Het parcours in Bretagne moet me normaal gezien wel liggen. Het is alleen wat spijtig dat het weer ‘tussen alles door’ wordt georganiseerd, drie dagen voor de start van de Tour. Maar 170 kilometer… Dat is zeker geen slechte training. En het blijft toch altijd een EK, hé. Als het dan toch plaatsvindt, is het altijd een mooie kans om een koers te winnen.”

Arnaud Démare – foto: Cor Vos

Thomas Voeckler is tegenwoordig de bondscoach van de Fransen en de oud-renner zal voor eigen volk willen presteren. Een gouden medaille behoort zeker tot de mogelijkheden, helemaal als je kunt beschikken over renners als Arnaud Démare en Benoît Cosnefroy. We kunnen misschien wel stellen dat Démare in de vorm van zijn leven is. Zijn zege in Milaan-Turijn (voor Caleb Ewan, Wout van Aert, Peter Sagan en Fernando Gaviria, om maar wat namen te noemen) was al indrukwekkend, maar wat te denken van zijn prestatie in de Tour de Wallonie?

De sterke sprinter van Grouapama-FDJ won er twee etappes, maar Démare won niet na twee reguliere sprints. In de slotrit van de Waalse rittenkoers, tevens de koninginnenrit, bleek hij sterk genoeg om een aartslastige finale te overleven en niemand minder dan Philippe Gilbert en Greg Van Avermaet te vloeren na een machtsspurt bergop. Dit leverde hem ook nog de eindzege op, terwijl hij afgelopen zondag eveneens de Franse titel opeiste. De tegenstand is gewaarschuwd: als ze na ruim 170 kilometer koers mét Démare naar de streep rijden, zijn ze simpelweg gezien voor de Europese titel.

Démare zal hopen op een wat gesloten wedstrijd, zodat hij kan overleven richting de streep en de sprint van een uitgedunde groep naar zijn hand kan zetten. De Fransen kunnen echter, mocht het toch een chaotische koers worden, ook nog Cosnefroy uitspelen. De renner die ooit wereldkampioen bij de beloften werd (2017, in Bergen) is een van de betere puncheurs in dit veld en is bovendien nog snel aan de meet. Een derde scenario is dat we een sprint van een grote groep krijgen, maar dat Démare niet aanwezig is. In dat geval is Anthony Roux wellicht een renner om een ereplaats uit de brand te slepen.

Matteo Trentin – foto: Cor Vos

Matteo Trentin, Diego Ulissi, Davide Ballerini, Giacomo Nizzolo… Zijn er überhaupt nog wel Italianen die willen knechten tijdens het EK? Het moge duidelijk zijn dat keuzeheer Davide Cassani een luxeprobleem heeft in aanloop naar de wegwedstrijd in Plouay. Trentin werd twee jaar geleden al eens Europees kampioen en reed in de Tour de Wallonie de ballen uit zijn koersbroek voor ploegmaat Greg Van Avermaet. De ervaren sprinter krijgt een mooi parcours voorgeschoteld en is zelf ook niet vies om koers te maken en mee te springen in een ontsnapping.

Trentin is niet de enige Italiaan die kan gokken op zijn vlijmscherpe sprint. Giacomo Nizzolo is ook bijzonder snel aan de streep, maar heeft verder geen moeite om een viaduct te overleven. Sterker nog, Nizzolo komt als sprinter uitstekend een heuveltje over. Dit liet hij nog meerdere keren zien na de coronabreak, maar de renner kwam op vervelende wijze ten val in de Tour de Wallonie. Het was even de vraag of Nizzolo wel helemaal jofel zou zijn voor aanstaande woensdag, maar op het Italiaans kampioenschap liet hij zien klaar te zijn voor het EK wielrennen.

Van Diego Ulissi weten we dat hij goed in zijn vel steekt. De heuvelspecialist is uitstekend begonnen aan het tweede deel van het seizoen. Het begon met een zestiende plek in Strade Bianche, maar Ulissi liet zich pas echt zien in de Ronde van Polen (vijfde), Gran Piemonte (tweede), de Ronde van Lombardije (achtste) en de Giro dell’Emilia (derde). Een hele ris ereplaatsen dus, maar winnen was er voor Ulissi nog niet bij. Zien we hem in Plouay wel als eerste over de streep komen? Het parcours moet hem echt liggen.

De vierde Italiaan om in de gaten te houden, Davide Ballerini, is een kampioenschapsrenner. Een jaar geleden was hij het die goud veroverde op de Europese Spelen in het Wit-Russische Minsk na een succesvolle solo. Ballerini beschikt over de kwaliteiten om in Plouay Europees kampioen te worden. De renner van Deceuninck-Quick-Step combineert een vlijmscherpe sprint met de nodige explosiviteit, terwijl hij ook gewend is aan de hectiek van een eendagskoers. In de Ronde van Polen was Ballerini nog succesvol, straks in Plouay ook?

Wat kan Tom Pidcock tussen de grote jongens? – foto: Cor Vos

Het is ook uitkijken naar twee Spanjaarden: Iván García en Alex Aranburu. Beide deelnemers kunnen gokken op een sprint, maar kunnen ook meesluipen in een klein vluchtgroepje om vervolgens af te rekenen met hun medevluchters. García liet alleen nog niets zien na de coronabreak, maar Aranburu reed al naar verschillende top 10-plaatsen in Italiaanse eendagskoersen. Spanje heeft met Jon Aberasturi en Juan José Lobato nog twee outsiders geselecteerd.

We hebben de sterkste landen langs de WielerFlits-meetlat gelegd, maar dit betekent niet dat Duitsland volledig kansloos is voor de Europese titel. Met Pascal Ackermann staat de nummer drie van Alkmaar (waar het EK van 2019 werd verreden) aan de start, maar het is de vraag of de spurtbom kan overleven op het toch wel lastige parcours. De Britten rekenen met multitalent Tom Pidcock op de ultieme dark horse, al reed de crosser annex wegrenner annex mountainbiker nog niet al te vaak op het allerhoogste niveau. Is de Europese titel een realistische ambitie?

Verder is het nog uitkijken naar Aleksandr Riabushenko (de kopman van Wit-Rusland), Lilian Calmejane (Frankrijk), Alexander Kristoff (in 2017 nog Europees kampioen, maar is het parcours niet te lastig voor de sterke Noor?), Rui Costa (de Portugees liet in de Tour du Limousin mooie dingen zien), Sergei Chernetski (namens Rusland) en Joel Suter (uitkomend voor Zwitserland).


Favorieten volgens WielerFlits
**** Mathieu van der Poel
*** Arnaud Démare, Greg Van Avermaet
** Matteo Trentin, Diego Ulissi, Alex Aranburu
* Giacomo Nizzolo, Benoît Cosnefroy, Jasper Stuyven, Iván García

Website organisatie
Deelnemerslijst


Weer en TV

Volgens de laatste weersvoorspellingen worden de renners woensdag niet getrakteerd op zomerse omstandigheden. De gemiddelde temperatuur zal schommelen rond de twintig graden Celsius. Er wordt nauwelijks regen voorspeld en er staat de hele dag een matige wind. De wedstrijd is vanaf 13.40 uur live te volgen via Sporza op Éen. De NOS is er vanaf 13.45 uur ook live bij.


Dit artikel delen:

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.