Gelukkig maakt Remco Evenepoel ongenaakbare Tadej Pogacar nog nerveus
Raymond Kerckhoffs
maandag 6 april 2026 om 19:58

Gelukkig maakt Remco Evenepoel ongenaakbare Tadej Pogacar nog nerveus

Analyse Tadej Pogacar voerde het scenario uit zoals negen van de tien kenners dit al vóór de Ronde van Vlaanderen hadden voorspeld. Met deze wedstrijd wordt de heerschappij van de wereldkampioen alleen maar groter. Het gemak waarmee hij in deze ‘Hoogmis’ klim na klim en één voor één met zijn belangrijkste rivalen afrekende, benadrukte nogmaals dat deze Sloveen van een ander niveau is.

Natuurlijk, een mooier podium was niet uit te tekenen. De rugnummers 1, 11 en 111 namen in deze volgorde de eerste drie plekken in. Op de tweede beklimming van de Oude Kwaremont tekende zich, op 55 kilometer van de finish, een droomscenario af toen de Grote Vijf zich richting het roemruchte Kwaremont-plein halverwege de klim leken af te scheiden. Met Pogacar als grote gangmaker en Wout van Aert, Mads Pedersen, Remco Evenepoel en Mathieu van der Poel die naar zijn slipstream zochten.

Al schudde ‘Pogi’ richting het laatste steile deel van de 2,1 kilometer lange Oude Kwaremont Pedersen en Van Aert van zich af. Vijf kilometer verder op de Paterberg moest ook Evenepoel lossen, maar buigen deed de kopman van Red Bull – BORA – hansgrohe niet.

Liefst 35 kilometer lang zorgde Evenepoel voor de grootste spanning in de wedstrijd. De ’aerokogel’ is de beste tijdrijder van deze generatie, maar was in deze Ronde van Vlaanderen ook de renner die Tadej Pogacar het meest nerveus maakte. Waar de Sloveen normaal alleen met het vizier vooruit koerst, draaide hij nu kilometerslang meer dan geregeld zijn hoofd om te kijken of de tweevoudig olympisch kampioen niet te dichtbij kwam.

Op een zeker moment kon Evenepoel tot op vijf seconden terugkomen, maar dan zette Pogacar van voren weer aan. Hierdoor kregen we tussen de Paterberg, via de Koppenberg, Taaienberg en Kruisberg een mooi tactisch schouwspel. Als Pogacar de kop overnam van Van der Poel groeide de voorsprong op de Belg. Wanneer ‘MVDP’ op kop reed, kwam de tweevoudig olympisch kampioen weer wat dichterbij. Het leidde tot een situatie waarin Pogacar driekwart van het werk voor zijn rekening nam.

Remco Evenepoel lost op Paterberg. Foto: Fotoburo Cor Vos

Er zat dus duidelijk enige vrees bij Pogacar voor Evenepoel, want hij wilde de Belg absoluut niet meer terugzien. In de aanloop naar deze Ronde van Vlaanderen zei de Sloveen al dat hij Remco eerder grote ‘stoten’ had zien plaatsen: “En als hij een paar meter heeft….”

Na de finish in Oudenaarde bevestigde Pogacar zijn vrees voor de Belg: “Ik weet hoeveel uithoudingsvermogen Remco heeft. In zo’n zware wedstrijd had hij me zomaar kunnen kloppen, dus het was belangrijk om hem absoluut niet te laten terugkeren.”

Hoewel Evenepoel zich tevreden moest stellen met een derde plek, mag hij zich als debutant in ‘Vlaanderens Mooiste’ ook wel een beetje een morele winnaar noemen. Derde in zijn eerste Ronde, daarin slaagden Van der Poel en Pogacar met hun vierde plek in respectievelijk 2019 en 2022 zelfs niet. Al moeten we ook zeggen dat hij onnodig krachten verspeelde in het deel tussen de 100 en 50 kilometer van de streep, door te vaak naast Pogacar mee het tempo te willen bepalen in de eerste groep. Als hij zich goed voelt, dan wil hij het immers ook altijd laten zien. Een stelling waar zijn ploegleider Klaas Lodewyck zich ook in kon vinden.

Het was Van der Poel die knap het langst kon aanhaken bij de Sloveense TGV. Toch wekte de kopman van Alpecin – Premier Tech nooit het gevoel dat hij echt een kans kon maken tegen de ‘Kannibaal’ van deze generatie. Op de Vlaamse wegen, waar de wind de koers extra hard maakte, zagen we het contrast tussen de soepele tred van de flyer Pogacar en de soms schokschouderende stijl van de noeste werker Van der Poel.

Zoals verwacht plaatste Pogacar zijn beslissende aanval op de laatste beklimming van de Oude Kwaremont. Al was het knap dat ‘MVDP’ op de top slechts zes seconden moest toegeven. Pas op de Paterberg moest de Nederlander definitief buigen.

Foto: Fotoburo Cor Vos

In de debatten na de wedstrijd werd door de Belgische media gesproken over een Pogacar-effect in het peloton. Er zou sprake zijn van een verlammende dominantie, waarbij veel concurrenten zich bij voorbaat al neerleggen bij de superioriteit van de Sloveen. In alle wedstrijden die hij wint, lijkt echter het recht van de sterkste te gelden. Hij steelt zijn overwinningen niet, maar domineert zijn koersen.

Dat roept bij veel ploegen opnieuw de vraag op of een klassieker als de Ronde van Vlaanderen de laatste jaren niet te zwaar is geworden. De wielersport kent golfbewegingen. Tien à vijftien jaar geleden spraken we nog over een nivellering in het peloton, waardoor de top breder werd en veel koersen in een sprint eindigden. Een koers als de Amstel Gold Race zat vaak op slot, waarna een groot peloton richting de slotklim van de Cauberg trok. De organisatie reageerde door een extra lus met smalle wegen toe te voegen, wat de koers opener maakte.

Moet je nu een handjevol renners (of eigenlijk maar één) een wedstrijd zo dominant naar zijn hand kan zetten, niet opnieuw kijken hoe je een koers interessanter maakt zodat finales met meer kandidaat-winnaars meer kleur krijgen? Precies het tegenovergestelde van tien jaar geleden. Een aantal ploegleiders die wij na de Ronde van Vlaanderen spraken, is van mening dat de zwaarte van het huidige parcours veel spanning uit de wedstrijd haalt. Alleen Fabian Cancellara sprak dit duidelijk tegen. Volgens hem werd de zwaarte van deze editie in ‘Vlaanderens Mooiste’ ook voor een groot deel bepaald door de tegenwind.

Over één ding was iedereen het wel eens: met een minder zwaar parcours krijg je misschien langer spanning in de wedstrijd, maar de winnaar zal dan nog steeds Tadej Pogacar zijn.

Om te reageren moet je ingelogd zijn.