Giro 2026: Zestien Belgen rijden vooral in dienst, maar ook twee stevige kanshebbers op ritzege
Foto: Fotopersburo Cor Vos
woensdag 6 mei 2026 om 16:52

Giro 2026: Zestien Belgen rijden vooral in dienst, maar ook twee stevige kanshebbers op ritzege

Analyse Met zestien zijn ze uiteindelijk, de Belgische renners aan de start van de komende Giro d’Italia. Onze absolute boegbeelden, zoals Wout van Aert, Remco Evenepoel en Tim Merlier, zijn er in tegenstelling tot de voorbije vier edities niet bij. Maar wil dat zeggen dat we niet moeten hopen op ritzeges voor de Belgen? Absoluut niet. Dit zijn onze verwachtingen van de Belgen in de Giro d’Italia.

Dat we bescheiden moeten blijven, dat is een feit. Niet voor niets heeft VTM voor het eerst in vier jaar tijd geen sublicentie gekocht bij Eurosport om enkele etappes in de Ronde van Italië te mogen uitzenden. We kunnen dus alleen bij de internationale zenders terecht.

Als we een voorspelling mogen doen over welke Belg we op televisie het meeste in beeld zien rijden, dan komen we snel bij Victor Campenaerts terecht. De Antwerpenaar schoolde zich de voorbije jaren om van tijdrijder en klassiek renner tot een ultieme knecht voor Jonas Vingegaard. We zagen hem in de Vuelta a España van vorig jaar al talloze kopbeurten voor zijn Deense kopman doen, en dat is dit seizoen niet anders. Herinner u hoe Campenaerts zich in Parijs-Nice wel erg letterlijk als rechterhand van Vingegaard ontpopte.

Campenaerts wordt weer de meesterknecht van Vingegaard – foto: Fotopersburo Cor Vos

De concurrentie in het hooggebergte is beperkt voor Vingegaard, waardoor de geelhemden van Visma | Lease a Bike de koers vaak zelf in handen moeten nemen. En zeker wanneer Vingegaard in het roze rijdt, moeten ze aan de bak. Ook Timo Kielich, dus. Hoewel hij in de sprints prima een top 10-notering uit de brand kan slepen met zijn snelle benen, gaat hij naar Italië in de rol van ‘positioner’ van Vingegaard op het vlakke. De jonge Waal Tim Rex debuteert dan weer als vervanger van Edoardo Affini en kan prima bergop.

Het merendeel van de landgenoten moeten we zoeken bij de Belgische teams. Zoals steeds is Lotto-Intermarché hofleverancier, met vier Belgen in de selectie. Eigenlijk hadden dat er vijf moeten zijn, maar de jonge Liam Slock viel in laatste instantie ziek weg. Bij het team van CEO Jean-François Bourlart rijden ook de twee Belgen die we de grootste kans op een ritzege toedienen. Met name Arnaud De Lie kan, als hij zijn beste benen terugvindt, in een lastige sprint op de power stevig uithalen.

De Lie tankte recent vertrouwen in de Famenne Ardenne Classic na een moeilijk voorjaar. Of zoals ploegleider Bart Wellens het zegt: “Hij komt in de flow en met zijn mentale welzijn zit het goed. Ik denk dat we met een heel gemotiveerde Arnaud naar de Giro gaan vertrekken. Zeker omdat er best wat sprintkansen wachten.” Wat klimmer Lennert Van Eetvelt betreft, kijkt men eerst naar ritzeges voor een klassement een doel kan worden. Hij sukkelde lang met een knieblessure en start met vraagtekens.

Hoe ver komt hardrijder Alec Segaert? – foto: Fotopersburo Cor Vos

Verder levert Lotto-Intermarché ook lead out Milan Menten aan, net als alleskunner Toon Aerts, voor wie Wellens enkele typische lastige aankomsten ziet. Hij zal daar dan misschien wel Jasper Stuyven, een van de vier Belgen bij Soudal Quick-Step, tegenkomen. Al wordt zijn belangrijkste rol, samen met Ayco Bastiaens, Fabio Van den Bossche en Dries Van Gestel, om in de vlakke etappes het Franse goudhaantje Paul Magnier te piloteren.

Zoals wel vaker rijden ook heel wat andere landgenoten in dienst. Jonas Geens en lead out Edward Planckaert doen dat voor de Australiër Kaden Groves bij Alpecin-Premier Tech. Oliver Naesen voor Felix Gall bij Decathlon CMA CGM, Alec Segaert voor Damiano Caruso en Santiago Buitrago bij Bahrain Victorious en Arjen Livyns voor Davide Ballerini bij XDS Astana. Maar schrik ook niet als een Segaert of Geens met hun hardrijderscapaciteiten ook in een overgangsrit eens toeslaan.

Om te reageren moet je ingelogd zijn.