Mads Pedersen wil vloek van Parijs-Roubaix omkeren: “Monument dat me het beste ligt”
Foto: Cor Vos
Niels Bastiaens
zondag 7 april 2024 om 07:15

Mads Pedersen wil vloek van Parijs-Roubaix omkeren: “Monument dat me het beste ligt”

Interview Mads Pedersen en Parijs-Roubaix: op papier betreft het hier het perfecte huwelijk, maar het verleden van de 28-jarige Deen en de Helleklassieker is niet al te rooskleurig. Voor zijn valpartij in Dwars door Vlaanderen was de kopman van Lidl-Trek in de vorm van zijn leven. Kan hij zijn topvorm in Roubaix terugvinden? Dat besprak Pedersen met onder andere WielerFlits op een persmoment.

‘Het gaat nu redelijk goed met mij”, steekt Pedersen hoopvol van wal. “De valpartij is bijna een week geleden, en mijn lichaam voelt zich klaar voor de volgende opdracht. Ik durf te zeggen dat mijn vorm bijna dezelfde is als eerder (toen Pedersen Gent-Wevelgem won, red.) Mijn lichaam voelt alleszins minder pijnlijk aan, ondanks dat ik hard ben neergegaan. Met de wonden gaat het ook steeds beter.”

In de Ronde van Vlaanderen zagen we je met je krachten smijten. Was dat een eigen beslissing?
“Ik rijd puur op instinct ja. Ik hoorde op dat moment niets in mijn oortje van wat de sportdirecteur zei. Hij was ook nogal ver achter, dus ik nam die beslissing zelf. Ik kan mijn tactiek van toen niet meer veranderen, maar ik kan wel leren van mijn fouten. En dat heb ik gedaan.”

In Parijs-Roubaix zal je tegen dezelfde topfavoriet als toen moeten afrekenen. Je kent Mathieu van der Poel intussen al een tijdje, hoe kijk je naar zijn suprematie?
“Om eerlijk te zijn, ben ik heel vereerd dat we het allebei zo ver hebben gebracht. We kunnen allebei het WK op de weg al afvinken op onze erelijst. Mathieu heeft al een paar meer monumenten meer op zijn palmares staan. Of nee, véél meer monumenten. Maar op papier is hij ook een betere renner dan ik. Ik zou onze relatie dus zeker geen rivaliteit of zo noemen. Ik probeer hem te kloppen wanneer ik kan, dat wel.”

Wat is voor jou het ideale scenario om Parijs-Roubaix te winnen?
“Dat hangt een beetje van het koersverloop af. Het is geen geheim dat Jasper Philipsen een lastig geval wordt om te kloppen in de sprint. Als het een sprint met een kleine groep wordt, dan hoop ik natuurlijk dat hij er niet meer bij is. Het absolute droomscenario voor mij zou natuurlijk zijn om alleen te finishen, met een minuut of twee voorsprong. Zonder stress. Dan kan je zelf nog lek rijden in de laatste twintig kilometer.”

De vreemde tactiek van Pedersen in de Ronde van Vlaanderen – foto: Cor Vos

“Maar zulke scenario’s op voorhand uittekenen, vind ik heel lastig. Wat ik zeker weet, is dat een klein groepje geen slecht scenario is voor mij, als Philipsen er ten minste niet bij zit. En anders zal ik toch alleen moeten wegrijden.”

Wat betekent Parijs-Roubaix voor jou?
“Het is een monument, een van de belangrijkste wedstrijden van het jaar. We weten allemaal waarom monumenten zo hoog aangeschreven staan, maar Parijs-Roubaix is ook het monument dat mij het beste ligt. Het heeft niet per se een specialere betekenis voor mij dan de andere monumenten, alleen is het wel degene waar ik volgens mij de grootste kans op winst heb.”

“Milaan-San Remo zal voor mij altijd een lastige blijven om te winnen, omdat het een wedstrijd is die voor een heel lange tijd gemakkelijk is, maar dan in het laatste uur plots volle bak losbarst. Daar hou ik niet van. En de Ronde van Vlaanderen, daar moeten we dan weer veel klimmen. Daar kan ik wel een goed resultaat rijden, maar die koers ligt me toch ook minder. Geef mij maar Parijs-Roubaix. Het is niet aan mij om te kiezen van welk monument ik het meest houd, de wedstrijd kiest mij (lacht).”

Nochtans, vorig jaar was je vierde en dat was pas je eerste goede uitslag in Parijs-Roubaix in je hele carrière. Terwijl je in de Ronde al twee keer op het podium stond. Was Parijs-Roubaix voor jou altijd een pechverhaal?
“Ik denk eerder een combinatie van pech en niet goed genoeg zijn. Ik zei vorig jaar dat mijn hoofddoel voor deze wedstrijd was om eindelijk eens de finale te rijden. En dit jaar gaan we voor dezelfde aanpak. Natuurlijk droom ik ervan om de wedstrijd te winnen, maar ik weet ook hoe zwaar het is en dat je in de eerste plaats ervoor moet zorgen dat je materiaal standhoudt.”

“Je moet wat geluk hebben dat je niet op het verkeerde moment lek rijdt of iets anders voorhebt met je fiets. Maar het is zo: als je naar de wedstrijd zelf kijkt, het parcours, dan zie je veel minder hoogtemeters dan in de Ronde van Vlaanderen. Het gaat meer over het ontwikkelen van een hoge snelheid en dat ligt me beter. Ik moet het alleen nog bewijzen met goede resultaten.”

Doet Pedersen opnieuw het onmogelijke? – foto: Cor Vos

Je hebt al vaker gezegd dat je graag een monument op je palmares wil. Is dit jaar je beste kans tot nu toe?
“Daar kan ik heel kort op antwoorden: jazeker! De vorm is goed en we hebben een sterke ploeg. We beschikken over het juiste materiaal, de sterren staan goed, heb ik het gevoel. Ik heb in ieder geval al getoond dat ik over de juiste motor beschik.”

Er is al veel gezegd en geschreven over de chicane voor het Bos van Wallers. Mathieu van der Poel is tegen, Visma | Lease a Bike ziet het juist als een positieve evolutie. Hoe sta jij daarin?
“Ik heb geen idee. We weten dat het een belangrijk punt is. Maar pas na zondag ga ik daar meer over kunnen zeggen. Ik lig er momenteel niet van wakker. Natuurlijk wil ik liefst als eerste die bocht induiken, want het is belangrijk om goed voorin te zitten. Dat is mijn hoofddoel. Maar de zorgen die iedereen heeft over mogelijke valpartijen, zullen we toch echt pas na het weekend kunnen analyseren.”

We kunnen wel zeggen dat het om een gevaarlijk punt gaat, toch? Is Arenberg de gevaarlijkste strook, zoals Mathieu van der Poel beweert?
“Ik zou zeggen dat bijna alle kasseistroken gevaarlijk zijn. Onze fietsen zijn niet gemaakt om over dat soort wegen te rijden, weet je wel. Maar Arenberg is een gevaarlijke, ja. Vooral het feit dat het in dalende lijn gaat, we kwamen er in het verleden vaak snel op af. Als je dan pech hebt of je fiets slipt weg, dan neem je iedereen achter je mee in je val.”

“Maar die dingen verschillen van jaar tot jaar. Soms ligt er modder op de eerste stroken, waardoor die misschien wat gevaarlijker zijn. En een deel van het gevaar ligt ook bij de aanpak van de renners zelf. Elke strook is een potentieel gevaar, maar een van de grootste ligt wel daar. Verder wil ik in die hele discussie liefst zo neutraal mogelijk blijven. Ik wil hier geen stenen gaan gooien naar anderen, als ik zelf geen duidelijke oplossing heb.”

RIDE Magazine

Om te reageren moet je ingelogd zijn.