Michael Boogerd geraakt door overlijden Davide Rebellin: “Hij is altijd mijn angstgegner geweest”
Boogerd geschaduwd door Rebellin in de Luik-Bastenaken-Luik 2004 - foto: Cor Vos
Youri IJnsen
donderdag 1 december 2022 om 19:00

Michael Boogerd geraakt door overlijden Davide Rebellin: “Hij is altijd mijn angstgegner geweest”

Interview Davide Rebellin is woensdag op 51-jarige leeftijd overleden na een aanrijding met een truck. De Italiaan was jarenlang een van de absolute wereldtoppers in de heuvelklassiekers. Daar kruiste hij vaak de degens met Michael Boogerd. Rebellin hield hem meermaals van grote zeges af. “Wat hij na Luik-Bastenaken-Luik 2004 tegen me zei, zal ik nooit vergeten. En dan nu dit, dit verzin je niet… Een groot wielrenner is niet meer”, vertelt Boogerd aan WielerFlits.

De voormalige Nederlandse topper revalideert op dit moment zelf van een fietsongeluk. “Een uur geleden had ik er nog flink de pest in dat ik nu wekenlang niets kan, maar dit plaats alles weer even in perspectief, zeg. Tering…”, reageert de geboren Hagenees op het trieste nieuws.

“Bij de dood van Michele Scarponi schrok ik ook al zo en nu is dat weer het geval. Als een wielrenner betrokken is bij een aanrijding, dat doet je toch altijd wat als ex-renner. Zeker als het iemand is waar je zelf nog mee – of in dit geval vooral tegen – gefietst hebt.”

The Shadow
Jarenlang vochten Rebellin en Boogerd verbeten duels uit tijdens de heuvelklassiekers in april. “Davide was altijd mijn angstgegner. Zeker in 2004, toen hij me man-tegen-man in een week tijd twee keer klopte in zowel de Amstel Gold Race als Luik-Bastenaken-Luik. Bij ons in de ploeg had hij de bijnaam The Shadow. Hij reed namelijk altijd op mijn wiel, omdat hij wist dat hij me kon verslaan in de sprint. Ik reed altijd heel aanvallend en Rebellin was een van de weinigen die me altijd kon volgen. Als ik aanging, was het heel moeilijk om hem te lossen.”

Veel woorden wisselden beide renners niet met elkaar. “Het was niet zo’n prater. Meer een teruggetrokken persoon. Davide was niet de renner die het hoogste woord had in het peloton. Ik vond het altijd een beetje een monnik of een kluizenaarstype. Dat blijkt ook wel. Want als je op je 51ste nog koerst, dan moet je wel iets aparts hebben. We zochten elkaar in de koers ook nooit op. Bovendien was het een echte Italiaan, dus zijn Engels was slecht. Maar in het Frans kon hij zich goed uiten. Alleen dat ging dan vaak over koerstactieken.”

Samen op het podium na de Amstel Gold Race 2004 – foto: Cor Vos

Geen grootmisbruiker
“Ik beschouw hem als een van de beste renners aller tijden”, gaat Boogerd verder. “Bij de junioren koerste ik al tegen hem, toen was hij al wereldtop. Hij ging snel over naar de profs en kon daar al op heel jonge leeftijd heel grote koersen winnen. In de grote rondes zag je hem weinig, Rebellin was een echte klassiekerspecialist. Daarvan heeft hij er veel gewonnen. Het was een heel slimme, lepe renner. Deed nooit een trap te veel, zat stil op zijn fiets. Wel met een smetje, maar dat doet er niets aan af. Ik vond hem echt een groot renner, klaar.”

Dat Rebellin pas een maand geleden zijn profcarrière afsloot, typeert hem volgens de Nederlander. “Hij reed op late leeftijd ook nog redelijk oké. Dat zegt ook genoeg over wat voor een renner hij in zijn hoogtijdagen geweest is, waar hij fysiek toe in staat was. Pak je heel je leven doping, dan kun je als grootmisbruiker nooit zo’n lange carrière uitbouwen. Dan is het snel gedaan. In die tijdsgeest deden we het allemaal, zonder het goed te willen praten. Maar dat Davide zo lang is doorgegaan, zegt genoeg over zijn fysieke kwaliteiten.”

Mooiste herinneringen
Boogerd bewaart mooie herinneringen aan de Italiaan. “Dan denk ik vooral aan Luik en de Amstel in 2004, maar ook aan Tirreno-Adriatico 2001. Daar kon ik hem een van de weinige keren kloppen in de sprint. Een paar dagen eerder klopte Rebellin me in Celano tijdens een rechtstreekse spurt, maar op de Muur van Ortezzanowas was het aan mij. Rebellin trok door en ik ging over hem heen. Met een heel leger Italianen in mijn wiel. Dat was een bijzondere overwinning voor mij. Dat kwam vooral omdat ik erin slaagde om Rebellin te verslaan.”

De mooiste anekdote komt uit Luik 2004. “Hij zat in de slag met Aleksandr Vinokourov. Ik ging nog één keer in een alles-of-nietspoging, net na de vod van de laatste kilometer. Rebellin stond op kraken, maar ik ook natuurlijk. Na de streep zei hij me dat als ik een seconde langer op de trappers had gestaan, hij had moeten lossen. Toen baalde ik nog meer, maar dat is wel het meest memorabel. Het was een van mijn beste wielerdagen ooit. Dat de latere winnaar tegen mij zei dat hij op lossen stond door mijn aanval, dat was bijzonder.”

Ook de Amstel Gold Race van datzelfde jaar staat Boogey nog helder voor de geest. “Ik had het verschil gemaakt op de Fromberg, Rebellin was de enige die kon volgen. We reden samen naar de finish en spraken af er vol voor te gaan op de Cauberg, wie daar de sterkste zou zijn. Dat was een heel simpele tactiek. Net als een week later in Luik, was hij de enige die mij toen kon bijhouden. Zijn sprint was alleen beter en ik kreeg hem er niet af. Dan kun je niet anders zeggen dan dat je op waarde geklopt ben. Ik kijk daar nu met plezier op terug.”

Gevaar op de weg
“Dit raakt me echt”, zucht Boogerd. “Je hebt met hem gefietst, je hebt met hem op het podium gestaan, je hebt tegen hem gespurt. Het is heel raar om dit nu te beseffen. Het is altijd verschrikkelijk als een oud-collega of een actief renner tijdens training of in koers komt te overlijden. Dat doet je altijd meer. Zeker omdat je weet hoe gevaarlijk het tegenwoordig is op de fiets, vooral in Zuid-Europa. Daar is altijd veel discussie over. Het lijkt wel steeds gevaarlijker om te fietsen op de openbare weg. Nu blijkt dat maar weer. Dit is echt vreselijk.”

Rebellin voor de start van zijn laatste wedstrijd, het WK Gravel vorige maand; hij werd 39ste – foto: Cor Vos

RIDE Magazine

Om te reageren moet je ingelogd zijn.