Tom Pidcock als mountainbiker naar de Olympische Spelen, kan dat eigenlijk wel?

Tom Pidcock als mountainbiker naar de Olympische Spelen, kan dat eigenlijk wel?

Tom Pidcock tijdens het WK U23 2020, dat niet meetelt - foto: Cor Vos

zondag 16 mei 2021 om 07:00
Analyse

Tom Pidcock maakte afgelopen weekend in Albstadt indruk tijdens de Olympische crosscountry-wedstrijd. Het 21-jarige Britse multitalent moest vanuit de grid starten op plek 92. Hij slaagde er wonderwel in om op het podium te geraken: hij werd namelijk vijfde. En ja, dat podium bestaat tijdens de Wereldbekers mountainbiken uit vijf plekken. In diverse media werd Pidcock door zijn optreden plots genoemd als favoriet voor olympisch goud, straks in Tokio. Maar om daar in actie te kunnen komen, is niet evident. WielerFlits legt uit waarom.

In dit uitgebreide artikel lees je:

  • Op basis waarvan landen atleten mogen inschrijven voor de olympische mountainbike-wedstrijd;
  • Welke 21 landen zich via de olympische ranking hebben geplaatst;
  • Hoe de landen zich buiten de top-21 konden plaatsen;
  • Wat de (relatief kleine) kans is dat Groot-Brittannië alsnog naar de Spelen mag;
  • Waarom het belang van het WK voor beloften van 2019 zo groot is voor de Britten;
  • Welke regels verbonden zijn aan het doorschuiven van plekken naar andere landen;
  • Hoe het kan dat Roemenië het lot van Tom Pidcock in handen heeft;
  • Wat op dit moment de virtuele tussenstand is voor de essentiële plaatsen voor Groot-Brittannië.

UCI Olympic Qualification Ranking

Op 30 april 2021 maakte de UCI bekend op basis waarvan er straks mountainbikers naar de Olympische Spelen mogen. Omdat het grootste sportevenement ter wereld door COVID-19 een jaar is uitgesteld, moesten ook de plaatsingscriteria op de schop. De leidraad hiervoor is de zogenoemde UCI Olympic Qualification Ranking. Die is gebaseerd op de landenranking die liep van 28 mei 2018 tot en met 27 mei 2019, opgeteld met de landenranking die liep van 28 mei 2019 tot en met 3 maart 2020. In de landenranking zijn per land de individuele punten van de drie hoogstgeplaatste mountainbikers bij elkaar opgeteld.

De UCI Olympic Qualification Ranking bestaat dus uit twee landenrankings, uitgesmeerd over bijna twee jaar. Omdat de Spelen een jaar verplaatst zijn, bracht de UCI eind april naar buiten dat ook de gescoorde punten in de twee Wereldbekers van mei 2021 meetellen voor de eindbalans. Met name in de onderste regionen van de ranglijst is dat nog spannend. Let op: alle resultaten tussen 3 maart 2020 en 8 mei 2021 tellen dus niet mee. Nu Albstadt reeds achter ons ligt en Nové Město voor de deur staat, maken wij alvast een tussenbalans op. Onderstaand het overzicht van de UCI Olympic Qualification Ranking van vóór Albstadt en hoeveel startbewijzen daaraan gekoppeld zijn.

Hoe zag de UCI Olympic Qualification Ranking er op 1 mei 2021 uit en hoe veel plekken mogen de landen vullen? 

PlaatsLandUCI-puntenOlympische startplekken
1.Zwitserland79613
2.Italië69193
3.Frankrijk61502
4.Brazilië52652
5.Spanje48192
6.Nederland46972
7.Duitsland44552
8.Tsjechië42421
9.Oostenrijk40891
10.Canada36841
11.Denemarken35791
12.Verenigde Staten35661
13.België32501
14.Rusland31641
15.Polen28631
16.Zuid-Afrika28631
17.Noorwegen27471
18.Nieuw-Zeeland26641
19.Griekenland26011
20.Hongarije25141
21.Slowakije24461
22.Israël2389+ 1
23.Australië2355+ 1
24.Roemenië2328+ 1
25.Japan21201
26.Portugal2025
27.Argentinië1993
28.Oekraïne1983
29.Colombia1913
30.Mexico1808+ 1
31.Kazachstan1674
32.Groot-Brittannië1538
33.Estland1534
34.Chili1406+ 1
41.Namibië1037+ 1
45.China758+ 1
Totaal aantal startplekken38

In totaal mogen er in Tokio 37 landen meedoen aan de olympische crosscountry-wedstrijd. De beste twee landen op de UCI Olympic Qualification Ranking mogen het maximale aantal van drie deelnemers leveren, de nummers drie tot en met zeven mogen twee mountainbikers inschrijven en voor de nummers acht tot en met 21 blijft dat bij één afgevaardigde. Daarnaast krijgt het organiserende land één startplek toegewezen, mits zij niet bij de top-21 hoort. Geen groot deelnemersveld, maar met het technische (veelal singletrack) parcours in Tokio doet dat waarschijnlijk niet te kort aan een eerlijke wedstrijd.

Plaatsingscriteria en uitleg over de +1 uit de tabel

Dertig van de in totaal 38 plekken gaan naar de eerste 21 landen op de UCI Olympic Qualification Ranking. Zwitserland en Italië mogen als top twee ieders drie mountainbikers afvaardigen. Frankrijk, Brazilië, Spanje, Nederland en Duitsland mogen vanwege hun plaats op de ranking allemaal twee mountainbikers inschrijven. Alle overige veertien landen – waaronder België – mogen slechts één mountainbiker op het vliegtuig naar Japan zetten. Dat laatste land krijgt één plaats aangewezen, omdat het de Olympische Spelen organiseert. Mocht Japan die plek niet invullen en teruggeven, dan zijn daar regels aan verbonden.

Daar gaan we aan het einde van het artikel verder op in. De overige zeven plekken waren te bemachtigen op verschillende kampioenschappen. De Europese en Oceanische kampioenschappen buiten beschouwing gelaten, konden landen uit drie continenten zich ook via de continentale kampioenschappen van 2019 plaatsen. Dat was het geval in Pan-Amerika, Afrika en Azië. Hierbij geldt dat het eerste land in de uitslag dat niet bij de top-21 op de UCI Olympic Qualification Ranking staat, alsnog een startbewijs kon afdwingen. In Azië bezorgde winnaar Mao Ha zijn land China op die manier een startplaats en de +1 in de bovenstaande tabel.

In Pan-Amerika won de Canadees Raphael Gagne. Omdat Canada zich reeds geplaatst heeft via de UCI Olympic Qualification Ranking, schuift dat startbewijs door naar de eerste renner uit een land dat zich nog niet geplaatst had. Dat is de +1 voor Mexico, dankzij de tweede plek van José Gerardo Ulloa Arevalo. In Afrika is hetzelfde scenario van kracht. Daar won Alan Hatherly voor Philip Buys, beiden uit het al geplaatste Zuid-Afrika. Nummer drie Alex Miller verzekerde daar Namibië van deelname en dat verklaart daar de +1. De overige vier plekken die nog vrij zijn, zijn vergeven op het WK voor elite én het WK voor beloften 2019.

Pidcock is regerend wereldkampioen MTB bij de beloften – foto: Trinity Racing

WK 2019 essentieel

Beide wereldkampioenschappen vonden tegelijkertijd plaats in het Canadese Mont-Sainte-Anne. Voor deze laatste vier plaatsen geldt dat deze te verdelen zijn onder de landen zonder startbewijzen die als eerst voorkomen in de uitslag. Bij zowel de elite kampioenschappen als de U23-kampioenschappen waren er door twee landen startbewijzen op te halen. Wel is het zo dat die landen niet al een startbewijs op de continentale kampioenschappen bemachtigd mogen hebben. Ook als een land bij het elite kampioenschap een plek had bemachtigd, schuift het U23-startbewijs door naar het eerstvolgende land dat nog nergens een olympische deelname verzekerde.

Op het WK voor elite was het een hele zoektocht, maar daar wisten landen zich in de achterhoede van de uitslag te plaatsen. De Mexicaan Ulloa Arevalo werd weliswaar zestiende, maar hij pakte het startbewijs voor zijn land immers al met zilver op de Pan-Amerikaanse kampioenschappen. Uiteindelijk komen we uit bij Daniel McConnell op plek 24. Daarmee heeft hij de +1 bij Australië bezorgd. Ook Israël verzekerde zich op het WK in 2019 van de Olympische Spelen dankzij een dertigste plaats van Shlomi Haimy. Dat verklaart dan weer de +1 bij Israël. Laten we het erop houden dat het past bij de Olympische gedachte.

Bij het WK voor beloften is het een stuk overzichtelijker. In 2019 werd Vlad Dascalu namelijk wereldkampioen in die categorie, waarmee hij Roemenië een startplek bezorgde. De Chileen Martin Vidaurre Koßmann eindigde dan wel net buiten de medailles op plek vier, hij verzekerde Chili daarmee wel van een deelname aan de olympische mountainbike-wedstrijd. Dankzij de prestaties op de verschillende kampioenschappen mogen naast de top-21 dus ook Australië, Chili, China, Israël, Mexico, Namibië en Roemenië mountainbikers afvaardigen naar Japan. In totaal zijn we dan weer bij de maximaal 38 deelnemende landen aanbeland.

Opties voor Pidcock en Groot-Brittannië

Hopen is het sleutelwoord voor Pidcock – foto: Cor Vos

Een van de grote afwezigen op de Olympische Spelen is vooralsnog Groot-Brittannië en dus ook supertalent Tom Pidcock. Eerlijk is eerlijk: het ziet er voor hem ook niet goed uit. De bovenstaande UCI Olympic Qualification Ranking is nog zonder de punten in Albstadt. Daar behaalde Pidcock er 140 en deden Cameron Orr (22 punten) en Frazer Clacherty (3 punten) ook hun duit in het zakje. Dat betekent dus dat er 165 punten bij het totaal van Groot-Brittannië opgeteld mogen worden. Virtueel klimmen ze over Kazachstan heen. Winst in de Wereldbeker van Nové Mesto staat gelijk aan 250 punten. Dat zet geen zoden aan de dijk.

Het is namelijk zo dat in het geval een land besluit één of meerdere plekken niet in te vullen, dat deze plekken gaan naar het eerst volgende land op de UCI Olympic Qualification Ranking. Ook in het geval wanneer de Britten zondag als eerste, tweede én derde eindigen, zullen ze Colombia niet inhalen. En dat betekent dat er eerst vijf landen moeten beslissen om hun plek terug te geven aan de organisatie, of dat Portugal, Argentinië, Oekraïne of Colombia in die volgorde moeten bedanken voor de eer. Theoretisch kan het dus op die manier, maar dat zou dan een Houdini-act van de bovenste plank zijn voor Groot-Brittannië en Pidcock.

Er is echter een sprankje hoop voor de renner van INEOS Grenadiers. Waar het bij de continentale kampioenschappen zo is dat alleen landen van dat bepaalde continent het startbewijs kunnen overnamen (op basis van de uitslag op het desbetreffende kampioenschap van 2019), is dat bij het WK niet zo. Hoewel dat bij het elite kampioenschap ook een kansloze missie is voor de Britten, ligt er een kans voor Pidcock bij het U23-kampioenschap. Als Roemenië erin slaagt om bij de top-21 te eindigen na dit weekend, dan schuift dat startbewijs van het WK U23 door naar Chili. Het tweede startbewijs schuift dan door naar het volgende land zonder startbewijs. Frazer Clacherty eindigde destijds als veertiende en dat kan genoeg zijn voor de Britten. Alle andere tussenliggende landen in de uitslag van dat U23 WK 2019 hebben al een startbewijs binnen.

Vlad Dascalu vs. Martin Haring

Het lot van Tom Pidcock ligt komende zondag in handen bij Vlad Dascalu. De Roemeense kampioen heeft het olympische ticket van Groot-Brittannië in zijn achterzak. Afgelopen weekend eindigde Dascalu als achttiende in Albstadt, goed voor zeventig punten. Zijn landgenoot Ede-Karoly Molnar pakte er ook nog drie. Hoewel Australië, Israël, Slowakije en Hongarije wel een aantal puntjes in de marge pakte, is het daar ongemeen spannend. Alle Britse ogen zullen daarom zondag gericht zijn op Dascalu. Van die vier landen is hij kwalitatief de beste mountainbiker. Als de jongeling erin slaagt om zijn land bij de eerste 21 landen te krijgen, dan ontvangt Groot-Brittannië op de valreep nog een startbewijs vanwege dus de veertiende plek van Clacherty op het WK U23 van 2019

Virtuele stand van zaken rond plek 21 (UCI Olympic Qualification Ranking inclusief de punten behaald in Albstadt)

PlaatsLandUCI-puntenOlympische startplekken
17.Nieuw-Zeeland28291
18.Noorwegen27701
19.Griekenland26071
20.Hongarije25201
21.Slowakije24521
22.Roemenië2401+ 1
23.Israël2394+ 1
24.Australië2383+ 1

Als Roemenië blijft steken op een plek buiten de top-21, dan kunnen Groot-Brittannië en Tom Pidcock een deelname aan de olympische mountainbike-wedstrijd vergeten. De organisatie kan geen wildcards uitdelen en ook als organiserend land Japan besluit niemand af te vaardigen, gaat die plek naar het eerste ongeplaatste land op de UCI Olympic Qualification Ranking. Pidcock moet daarom hopen op een nieuwe topklassering van Dascalu én dat Slowakije niet te veel punten pakt. Dat laatste land valt helemaal buiten de boot als ze hun 21ste plek zondag niet kunnen vasthouden. Oudgediende Martin Haring was de enige niet-starter in de shortrace van vrijdag. Een teken aan de wand dat de Slowaak zich spaart voor zondag?

Dinsdag maakt de UCI de officiële lijst met startplaatsen wereldkundig. De achterstand van Roemenië op Slowakije is nu 51 punten. Naast Haring doet namens dat laatste land zondag ook Matej Ulik mee. Vanaf plaats 61 in de uitslag krijgt iedere renner die uitrijdt drie UCI-punten, wat dus betekent dat Slowakije er in ieder geval zes punten bijkrijgt. Die drie punten gelden normaal gesproken ook voor Molnar, de tweede Roemeen aan de start. Er vanuit gaande dat Dascalu de bres moet dichten, moet hij zondag tenminste als 24ste eindigen. Die plek is goed voor 56 punten, maar dan mogen de Slowaken niet meer dan zes punten pakken. Ieder Roemeens resultaat lager dan een 24ste plek is een streep door de rekening van de Britten.

Dascalu werd vrijdag tiende in de shortrace en mag daardoor van start op de tweede rij. In Albstadt werd de Roemeen vorige week achttiende tijdens de crosscountry, zijn beste resultaat bij de profs. In 2019 won hij als belofte wel vier Wereldbekers, werd hij twee keer tweede en vierde in de zevende en laatste wereldbeker. Natuurlijk is de olympische gedachte nog altijd ‘meedoen is belangrijker dan winnen’. Maar mochten de Britten door een slechte uitslag van Roemenië zondagnaast een ticket grijpen, dan kunnen ze altijd nog met miljoenen Engelse ponden in het vliegtuig naar Chili stappen…

Link: Te behalen punten in de Wereldbeker (onderaan pagina 53)

Dit artikel delen:

1 Reactie

Marcus Aurelius 15 mei 2021 om 15:37

Mag Top Pidcock meerijden ?
Vote:
Ja, tenzij de regels voorschrijven van niet.
Nee.

Een mooi voorbeeld van een gestuurd ‘onderzoek’, waar we dus niet aan meedoen.

Lachwekkend dat mensen uit de wereldtop niet mogen meedoen op basis van een georganiseerd ‘ons kent ons’ afspraakje tussen bobo’s.

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.