“Tussen 12 en 14 in de WorldTour”: Dit verwacht Lotto-Intermarché van drie jonge leiders
Interview Ook na de fusie tussen Lotto en Intermarché zijn Arnaud De Lie (23), Jarno Widar (20) en Lennert Van Eetvelt (24) aan boord als de grote leiders van de ploeg. Met die generatie toptalenten wil de nieuwe fusieploeg dit jaar al bij de middenmoot van de WorldTour behoren. Kurt Van de Wouwer praat ons bij over de verwachtingen.
Die ambities worden bepaald door het management van de ploeg, dat vanaf 2026 bestaat uit CEO Jean-François Bourlart, sportief manager Kurt Van de Wouwer en performance manager Aike Visbeek. “Als het over rekrutering gaat, zitten we met ons drieën rond tafel”, legt Van de Wouwer uit. “Dan heb je betere ideeën. Beslissingen over selecties maak ik. Performance gaat over de samenwerking met de Universiteit van Gent en de coördinatie van de trainers. Het is afgebakend, maar vloeit soms ook samen. En dat is oké.”
Een belangrijke insteek van de fusie, was naast extra budget en een extra naamsponsor, ook een sterkere selectie en minder afhankelijkheid van de kopmannen. “Ik denk dat we, op de verliezen van Biniam Girmay en Louis Barré na, de beste elementen hebben overgehouden”, aldus de Kempenaar. “Met deze selectie moeten we tussen positie 12 en 14 zitten in het WorldTour-klassement. Dat is realistisch. Destijds mikten we daar met Lotto ook op, toen werden we twee keer negende. Dat was boven de verwachtingen, en dat kan nu ook.” Ter vergelijking: als ProTeam kwam Lotto in 2025 op positie 23 uit, Intermarché-Wanty was op 24 het slechtste WorldTeam van de klas.
Van de Wouwer ziet wel één belangrijke voorwaarde om die verwachtingen in te vullen. “Vorig jaar draaiden we bij Lotto, na een paar uitgaande transfers, op twee duidelijke kopmannen. Die zijn toen door pech allebei weggevallen, dan is het logisch dat je het lastiger hebt. Nu hebben we met Jarno Widar een extra kopman en een versterkt middenveld met jong talent. Maar het devies blijft toch om minder ziektes op verkeerde momenten of valpartijen te hebben. Daar is het vorig jaar misgelopen, cru gesteld.”

De ploeg werd voorgesteld in Temse – foto: Fotopersburo Cor Vos
Heel concreet: wat zijn die ambities dan? “In klassieke voorjaar, wat als Belgische ploeg natuurlijk heel belangrijk is, willen we ons laten zien. Daar willen we attractief koersen. Ook hoop ik eindelijk nog eens een semiklassieker te winnen. Dat is al even geleden. In de grote rondes moeten we meedoen voor ritwinsten. Ook het BK is een doel. Als we die zaken afvinken, dan kunnen we toch spreken van een geslaagd seizoen.”
Arnaud De Lie
In potentie is De Lie wellicht het grootste talent en de belangrijkste factor binnen de ploeg, maar dat kwam er de voorbije twee jaar nooit in de voorjaarsklassiekers uit. De uitdaging voor Lotto is nu om de Waal ook in die koersen op niveau te krijgen. “Dat mogen we ook van Arnaud verwachten”, vertelt Van de Wouwer. “Het zijn enkel bepaalde omstandigheden die ertoe hebben geleid dat hij twee jaar op rij het voorjaar heeft gemist. Niemand twijfelt aan hem.”
“Het is simpel”, aldus de sportief manager. “Als hij gezond is en mentaal in orde, dan haalt hij zijn niveau en dan rijdt hij een goed voorjaar. Dan speelt hij gewoon mee. We hebben vorig jaar gezien dat hij in het najaar nog zeven wedstrijden heeft gewonnen. Er zijn veel renners die dat in hun hele carrière niet eens kunnen. Het toont nog maar eens aan dat hij die lijn moet kunnen doortrekken, en dan zal hij in het voorjaar bevestigen. Fysiek en mentaal zit het terug goed.”
Of toch deels, want een blessure aan zijn enkel heeft nog altijd invloed op zijn trainingen. “De grootste fout die we nu kunnen maken is om alle druk op het voorjaar te leggen”, zegt Van de Wouwer. “Die blessure had beter niet gebeurd, maar normaal gezien heeft dat geen invloed op de periode vanaf maart. Misschien kan het zelfs in zijn voordeel spelen dat hij later in topconditie is. Het voorjaar is heel lang, en daarna hebben we nog andere belangrijke koersen, zoals de Tour de France en het BK, waar we hem ook gaan uitspelen.”

Tot wat is Jarno Widar al in staat? – foto: Fotopersburo Cor Vos
Jarno Widar
De Europese kampioen bij de beloften komt met flink wat adelbrieven over uit de U23-categorie, maar niemand verwacht dat hij die meteen inlost op het hoogste niveau. “Hij is het opkomende talent”, duidt Van de Wouwer. “Daar moeten we niet te veel druk op leggen. Maar als je ziet hoe hij er, samen met Paul Seixas, bovenuit steekt bij de U23, dan heb je zekere verwachtingen. We beseffen dat we goud in handen hebben.”
Het programma van de 20-jarige Limburger is meteen stevig, met de Waalse klassiekers en de Vuelta als ijkpunten. “Hij is iemand die zelf vooral zo snel mogelijk wil doorstromen naar de top, ook al geven we hem de tijd om te groeien. Ik denk dat we hem een heel verstandig programma hebben gegeven, waarin hij een keer mag proeven van de Vuelta. Hij krijgt voordien een rustige aanloop. In die Vuelta mikt hij op ritwinst, klassementen en een ronde als de Tour zijn ambities voor later.”
Toch zal Widar ook regelmatig als leider worden uitgespeeld. “Omdat hij zo ambitieus is, komt hij in bepaalde wedstrijden automatisch in die rol. Waar hij zichzelf een doel stelt, gaan we hem helpen en dan is hij een kopman. Van ons uit komt er geen druk. Ik denk dat zoiets vanzelf gaat. We hebben de voorbije jaren wel vaker in het peloton gezien dat talenten van die aard vrij snel hun voet naast de toppers zetten. Dat moet je niet afremmen, het is belangrijk om hen hun ding te laten doen.”
Lennert Van Eetvelt
Omdat Widar nog even wacht met klassementen, zou je denken dat die vacature open komt te staan voor dat andere grote talent binnen de ploeg. Maar de 24-jarige klimmer heeft er geen gemakkelijk jaar opzitten. Sinds de Tour kwam hij niet meer in actie. “Een echt pechseizoen”, zegt de sportief manager. “Twee dagen voor de Ronde van Vlaanderen brak hij zijn voet, op het BK viel hij nog eens en in de Tour opnieuw. Dat jaar is helemaal de mist in gegaan, jammer genoeg. We blijven daarom toch wat voorzichtig in onze uitspraken.”

Kopman Lennert Van Eetvelt blijft voorzichtig – foto: Fotopersburo Cor Vos
Voor de verwachtingen rond de klimmer verwijst Van de Wouwer naar een seizoen eerder, in 2024. “Toen won hij twee mooie WorldTour-rittenkoersen van een week, met de UAE Tour en de Tour of Guangxi. Het was toen ook niet het gemakkelijkste jaar, met knieproblemen. Als Lennert nu eens bespaard blijft van pech, dan kan hij wel terug op dat niveau komen. Dat is volgens mij een rechtvaardige verwachting voor Lennert.”
Toch gaan de klassementsambities voor grote rondes even in de ijskast. “Lennert gaat in de eerste plaats terug voor rittenkoersen van een week, te beginnen met de Tour Down Under en UAE Tour, gevolgd door de Waalse klassiekers. In zijn twee grote rondes die op de planning staan, Giro en Tour, gaan we het klassement even vergeten en gaan voor een mooie ritzege. Op het moment dat we daar terug met Lennert zijn, kunnen we opnieuw evalueren en vooruitkijken. Geef dat nog even tijd”, schetst Van de Wouwer.
En verder?
“Kort na die drie volgt Jenno Berckmoes. Hij heeft al veel mooie dingen laten zien, hij rijdt een programma met de grootste klassiekers en zal op bepaalde momenten uitgespeeld worden als kopman”, aldus Van de Wouwer. “Steffen De Schuyteneer is de spits van de nog iets jongere generatie, die misschien hun doorbraak kunnen maken. Dat is in onze ploeg al zo vaak gebeurd. Maxim Van Gils was destijds ook geen renner die we in januari al noemden als leider, maar hij ontwikkelde zich wel als topper op heel korte tijd.”
“In ieder geval is er talent genoeg, dankzij de fusie met Intermarché-Wanty. We hebben terug een stevig middenveld, met klimmers als Georg Zimmermann, Lorenzo Rota en Simone Gualdi. In de klassiekers komen Felix Ørn-Kristoff en Huub Artz. Die laatste zal in de klassiekers in de harde kern rond Arnaud zitten, maar zoals bij veel van onze talenten volgen er ook kansen in semiklassiekers en de kleinere rondjes, als natuurlijke volgende stap in hun ontwikkeling. Dan weet je nooit hoe snel het gaat.”
Om te reageren moet je ingelogd zijn.