Voorbeschouwing: Strade Bianche 2026 – Voorkomt Paul Seixas 1-2’tje van Tadej Pogacar en Isaac Del Toro?
foto: fotopersburo Cor Vos
Youri IJnsen
zaterdag 7 maart 2026 om 08:07

Voorbeschouwing: Strade Bianche 2026 – Voorkomt Paul Seixas 1-2’tje van Tadej Pogacar en Isaac Del Toro?

Heroïek en onverbiddelijke liefde voor de stiel druipen van Strade Bianche af. De Toscaanse sterrati geven deze Italiaanse koers haar unieke karakter, waaraan vele wielerfans hun hart hebben verpand. Zo ook de allergrootsten op aarde. Volgens velen geldt Strade Bianche als het zesde Monument, maar in 2026 is de Italiaanse klassieker pas toe aan de twintigste uitgave. Wereldkampioen Tadej Pogačar kan al voor de vierde keer in vijf jaar winnen. WielerFlits blikt vooruit!

Historie

Laat een liefhebber kiezen en na drie Monumenten zal Strade Bianche waarschijnlijk opduiken als de meest favoriete eendagskoers die erna komt. In een korte periode heeft de Italiaanse grindklassieker een enorme faam vergaard. Niet verwonderlijk, wat Strade Bianche is speciaal in zijn soort. Misschien is het wel de aanzet geweest tot de gravelrevolutie van de laatste tien jaar. Veel koersen (denk maar aan Parijs-Tours) probeerden het succes van de Italiaanse sterrati (witte grindpaden) te kopiëren, maar tot op heden is er nog geen enkele wedstrijd geweest die even mooi is. Neem in het artikel hieronder een blik in de toch al rijke historie van Strade Bianche.


Laatste editie

In Toscane lagen de wegen er weer wit en verraderlijk bij, alsof het landschap zelf zijn adem inhield. De vroege vlucht werd onder andere gekleurd door de jonge Nederlander Pepijn Reinderink, maar in het peloton was alle aandacht gericht op Tadej Pogačar, de wereldkampioen die al twee keer eerder had geheerst op deze stoffige wegen. Terwijl zijn ploeg het tempo strak hield, dunde het peloton langzaam uit en groeide de verwachting: waar zou de Sloveen zijn beslissende moment kiezen om opnieuw een ellenlange solo uit zijn benen te schudden? Toch was het niet de wereldkampioen die de koers openbrak, maar Tom Pidcock. Pogačar reageerde onmiddellijk en weg waren ze.

De koers kreeg echter een dramatische wending toen Pogačar in een afdaling een bocht te scherp aansneed en hard onderuit schoof, de berm en het struikgewas in, gehavend maar niet gebroken. Met schaafwonden en een snelle fietswissel hervatte hij de jacht, alsof wilskracht alleen hem vooruit duwde. Pidcock reed aanvankelijk door, maar wachtte daarna toch sportief om te checken of de Sloveen oké was. Daardoor kwamen de twee weer samen en schouder aan schouder doken ze de finale in. Wat volgde was een broze wapenstilstand op de witte wegen van Le Tolfe en Montechiaro; stilte voor de storm.

Op de Colle Pinzuto brak het moment open als een hart dat te lang was ingehouden. Zittend in het zadel versnelde Pogačar, beheerst maar meedogenloos. Pidcock probeerde te volgen, beet zich vast, maar moest na enkele honderden meters lossen. Vanaf dat ogenblik reed de Sloveen alleen, de pijn nog in zijn lichaam maar de overwinning al in zijn ogen. Over de Via Santa Caterina stormde hij Siena binnen, om uiteindelijk solo het Piazza del Campo te bereiken: gehavend, groots en onaantastbaar. Achter hem hield Pidcock stand voor plaats twee en maakte Tim Wellens het podium én het feest voor UAE Emirates XRG compleet.

Parcours

De receptuur van Strade Bianche is veranderd. De organisatie heeft besloten om in totaal zestien kilometer aan grindstroken weg te snijden en in zin geheel is de koers twaalf kilometer korter dan de editie van vorig jaar. Aan de schitterende finale is echter niet gesleuteld, maar toch rijst de vraag: probeert de organisator met deze koerswijziging een antwoord te vinden op de dominantie van Tadej Pogačar de laatste jaren? En dus een uitnodiging naar types als Mathieu van der Poel?

Enfin, eerst maar eens kijken naar die toch wel ingrijpende verandering. Of toch niet? De sterrati die verdwijnen zijn die van La Piana (6,4 kilometer) en Seravalle (9,3 kilometer). Deze gravelpassages maakten vorig jaar nog hun opwachting in de eerste wedstrijdfase, nog voor de daadwerkelijke finale. Ook de eerste grindstrook van de dag – die van Vidritta – is gehalveerd. Waar de renners vorig jaar nog 4,4 kilometer moesten stofhappen, is dat nu ‘slechts’ 2,4 kilometer.

In totaal moeten de mannen tijdens Strade Bianche 64,1 kilometer aan grindwegen zien te trotseren, en dus niet langer tachtig kilometer. De totale lengte van de wedstrijd is met twaalf kilometer ingekort: van 213 naar 201 kilometer.

Aan de finale van Strade Bianche is dus niet gesleuteld. Dit wil zeggen dat de mannen zich ook dit jaar weer mogen ‘verheugen’ op de lange grindstroken van San Martino in Grania (9,4 km) en Monte Sante Marie (11,5 km), gevolgd door de onverharde passages van Monteaperti (0,6 km), Colle Pinzuto (2,4 km), Le Tolfe (1,1 km), Strada del Castagno (0,7 km), Montechiaro (3,3 km) en nogmaals Colle Pinzuto (2,4 km) – die sinds vorige week naar Pogačar is vernoemd, hij krijgt er een gedenksteen – en Le Tolfe (1,1 km).

Na de pittige klim van Le Tolfe gaat het via op- en afgaande wegen naar de inmiddels wereldberoemde finish in het centrum van Siena, op het Piazza del Campo, na de steile klim van Via Santa Caterina. Ook die aankomst is inmiddels zo iconisch, dat het even heroïsche beelden oplevert. Zo prachtig, dat we voor ons voorjaarsnummer van RIDE Magazine opnieuw gekozen hebben voor een coverfoto uit Strade Bianche. Je kunt het magazine hier bestellen.


Strade Bianche

Datum
zaterdag 7 maart 2026
Categorie
1.UWT | Men Elite
Afstand
201 KM
Tijden
11:40 - 16:28
Startplaats
Siena
Finishplaats
Siena

Favorieten

Zoals ieder jaar kan organisator RCS Sport (dezelfde organisatie achter Tirreno-Adriatico, Milaan-San Remo en de Giro d’Italia) rekenen op een prachtig deelnemersveld. Mathieu van der Poel laat de koers (voorlopig) wel andermaal links liggen, al weet je het met de Nederlander van Alpecin-Premier Tech nooit. Wie weet laat hij zich alsnog overtuigen door het veranderde parcours. Enfin, laten we ons eerst concentreren op de mannen die er wel zijn!

Spreidt Pogacar voor de vierde keer zijn armen in Siena? – foto: fotopersburo Cor Vos

Te beginnen met de topfavoriet. Hoewel hij nog geen meter gekoerst heeft in 2026, hoeft dat voor Tadej Pogačar geen enkel probleem te zijn. In 2023 en 2024 was dat ook het geval en toverde hij bij zijn seizoensdebuut solo’s van respectievelijk 36 kilometer (Clásica Jaén 2023) en 82 kilometer (Strade Bianche 2024) uit zijn benen. Bovendien won hij drie van de laatste vier uitgaves van deze klassieker over de sterrati. In het ontbrekende jaar startte de Sloveen ook nog eens niet. Met zijn explosiviteit, winnaarsmentaliteit en kracht moet men van goede huize komen om ‘em te verslaan.

Zo’n iemand zou Tom Pidcock in theorie kunnen zijn. De kleine Brit (26) reed sinds zijn debuut in 2021 nog drie keer Strade Bianche. Dat doet hij met een (weliswaar iets minder dan Pogačar) straf trackrecord: de kopman van Pinarello-Q36.5 eindigde nog nooit buiten de top-5. In 2023 was hij de beste en vorig jaar viel hij nog brutaal de wereldkampioen aan, maar moest hij in de finale toch duidelijk het hoofd buigen voor Pogačar. Maar: nieuwe ronde, nieuwe kansen. Pidders is goed aan het seizoen begonnen en maakte indruk in de door hem gewonnen slotrit van de Ruta del Sol.

Pidders was vorig jaar best of the rest in Strade – foto: fotopersburo Cor Vos

Dat de Britse klimmer een rookie mistake maakte in Omloop Het Nieuwsblad door zich niet warm genoeg aan te kleden, daar prikken wij doorheen. Dat geldt ook voor het feit dat Isaac Del Toro in Strade Bianche nooit verder kwam dan een 33ste plaats. De 22-jarige Mexicaan heeft alle karakteristieken in zijn wapenarsenaal die nodig zijn om de concurrentie hier te doen laten stofhappen. Het is weliswaar de vraag hoe de rolverdeling binnen UAE Emirates XRG gaat zijn. Met Pogačar is de kopman duidelijk, maar er zijn meer mannen in vorm. Waaronder Del Toro, die indruk maakte in de UAE Tour. Hij won er twee ritten en het eindklassement.

We krijgen in deze Strade Bianche voor het eerst de contouren te zien van de opvolgers van Pogačar. Naast zijn eigen ploeggenoot Del Toro, staat ook dat andere supertalent aan het vertrek: Paul Seixas. De 19-jarige Fransman maakte vorig jaar zijn profdebuut en werkte een ijzersterk najaar af: hij won de Tour de l’Avenir, werd dertiende op het WK in Rwanda, derde tijdens het EK in eigen land en zevende in de Ronde van Lombardije. De voorbije weken won hij dan een lastige rit in de Volta ao Algarve en soleerde hij naar een imponerende zege in de Faun-Ardèche Classic.

Het waren pas de eerste twee profoverwinningen van Seixas, maar wat goed is komt snel. Dat was ook het gevoel bij Romain Grégoire. De ook pas onlangs 23 jaar geworden Fransman is een echte puncheur die op aankomsten zoals in Siena zich als een vis in het water voelt. Helaas voor Grégoire moet hij in de fase daarvoor ook al veel zware stroken en beklimmingen zien te verteren. Maar normaal kan hij dat. Afgelopen weekend won hij nog de Drôme Classic en ook in de Ruta del Sol liet hij zich zien. Grégoire werd bij zijn debuut in Strade Bianche meteen achtste (2023).

In die Faun-Drôme Classic verwees hij in een sprint-a-deux zijn directie concurrent Matteo Jorgenson naar de dichtste ereplaats. Een dag eerder had de 26-jarige Amerikaan van Visma | Lease a Bike ook al een goede indruk achtergelaten tijdens zijn seizoensdebuut in de Faun-Ardèche Classic, waar hij als strijkijzer in een groepje van drie de sprint verloor om de tweede plek in de uitslag. Jorgenson werd dus vierde en richt zich dit seizoen op de klimklassiekers. Daar behoort Strade Bianche ook bij. Met de vorm van de Amerikaan zit het wel goed. Nu de explosiviteit nog.

Christen won de slotrit en daardoor ook het eindklassement in de AlUla Tour – foto: fotopersburo Cor Vos

Hate him or love him: het feit is dat Jan Christen in tegenstelling tot Jorgenson wel beschikt over die extra versnelling bij een demarrage of aankomst. Het grote talent uit Zwitserland (21 jaar) kan hier met Pogačar en Del Toro zelfs voor een volledig UAE-podium gaan, net als de jammerlijk geblesseerd weggevallen Tim Wellens dat had kunnen doen. Christen is namelijk in bloedvorm. Hij sloeg een dubbelslag in de slotrit van de AlUla Tour, hij werd voor zijn diskwalificatie (door het ten val brengen van Maxim Van Gils) derde in de Clásica Jaén, vierde in de Ruta del Sol en tweede achter Seixas in de Ardèche.

Iemand waarvan we nog geen weet hebben hoe goed hij momenteel is, is Wout van Aert. De 31-jarige Belgische kopman van Visma | Lease a Bike werd namelijk ziek voor het Openingsweekend, waardoor we in Omloop Het Nieuwsblad niet konden zien hoe veel hinder Van Aert nog van die enkelbreuk had én hoe zijn conditie is. Op foto’s van het trainingskamp is echter te zien dat de Belg voor zijn doen al behoorlijk scherp staat. Bovendien heeft Van Aert een nog straffere reeks in Strade Bianche dan Tom Pidcock: twee keer derde (2018 en 2019), winst (2020) en vierde (2021).

Van Aert won vorig jaar de Strade Bianche-rit in de Giro d’Italia – foto: fotopersburo Cor Vos

Van Aert won ook de sterrati-rit in de jongste Giro d’Italia door in de finale af te rekenen met Del Toro. Over dat soort adelsbrieven beschikt Paul Lapeira helemaal niet. Toch lijkt de 25-jarige Fransman klaar voor een belangrijke rol in de finale van de komende Strade Bianche. Vorig jaar miste hij door een blessure het gehele voorjaar, maar in het najaar zette hij wel een ferme reeks met topresultaten neer. Hij is aan het begin van 2026 op dezelfde voet verdergegaan en won onlangs nog de Tour des Alpes-Maritimes. Afgelopen zondag werd de puncheur vijfde in de Faun-Drôme Classic.

De laatste ster in de voorbeschouwing wilden we aanvankelijk leeg houden na het gebroken sleutelbeen bij Tim Wellens. Er staan namelijk al een aantal heel gevaarlijke outsiders op de voorlopige deelnemerslijst. Na het Openingsweekend geven we nu echter de voorkeur aan Florian Vermeersch. De 26-jarige Belg maakte in beide koersen indruk, maar zag dat met een derde plaats alleen in Omloop Het Nieuwsblad een fysieke beloning opleveren. Als hij zich niet hoeft leeg te rijden voor Pogačar, is de Belg in de finale misschien wel in staat om te verrassen.

Als wereldkampioen gravel mag Vermeersch hier niet ontbreken – foto: fotopersburo Cor Vos


Outsiders

Hoewel de startlijst op het moment van schrijven verre van compleet is, staan er toch al veel klinkende namen op. De voornaamste outsiders op de zege in Strade Bianche zijn – hypothetisch gezien, door de aanwezigheid van Pogačar – Ben Healy (vorig jaar vierde, maar afgelopen weekend zoek gereden in de Ardèche en Drôme Classic), Giulio Pellizzari (het Italiaanse talent van Red Bull-BORA-hansgrohe die al goede vorm toonde in de Ronde van Valencia) en Lennert Van Eetvelt (op dreef in de UAE Tour voor Lotto-Intermarché en de laatste twee jaar elfde en negende in Strade Bianche).

Daarnaast is het ook oppassen voor oud-winnaar Julian Alaphilippe, Roger Adrià, Pello Bilbao, Valentin Madouas, Matej Mohorič, Quinn Simmons, Attila Valter en Gianni Vermeersch. Zij eindigden in het verleden allemaal al (soms zelfs meer dan) eens in de top-10 van Strade Bianche. Ook debutanten als Tibor Del Grosso, Axel Laurance, Tobias Halland Johannessen en Clément Champoussin moeten de topfavorieten toch in de gaten houden. Dat geldt ook voor iemand als Albert Philipsen. Voor nu: to be continued.

Kan Alaphilippe als dark horse nog eens zijn zegevieren/ – foto: fotopersburo Cor Vos

  • Het complete deelnemersveld voor Strade Bianche 2026 is nog niet bekend. Daarom kunnen we het favorietendeel komende week nog updaten.. Zodra er een volledige startlijst bekend is, zullen wij op een later moment dit deel van de voorbeschouwing aanvullen en/of wijzigen.

Weer en TV

Het belooft zaterdag een mooie koersdag te zijn. In en rond Siena voorspellen de weerstations een temperatuur van vijftien graden Celsius. Daarnaast waait het amper: er staat windkracht twee uit het oostnoordoosten. Dat is te verwaarlozen. Wel moeten de renners ’s middags rekening houden met wat regen zo nu en dan. Of dat de koers veel zwaarder maakt, zullen we zaterdag moeten bezien. Maar het lijkt wel een garantie op bemodderde gezichten, zoals we die kennen uit de editie die Tiesj Benoot in 2018 won.

Strade Bianche is komend weekend live te zien vanaf 14.15 uur op Sporza, Eurosport en HBO Max. In ons overzicht hieronder vindt je de exacte uitzendtijden, mochten die deze week nog veranderen. Benieuwd met welke koersen je het kijken komende zaterdagmiddag kan combineren? Bekijk alle tv-zenders en uitzendtijden in onze tv-gids Wielrennen op TV.

Zaterdag 7 maart 2026
14:15
Logo Eurosport 1
Eurosport 1
(Eurosport)
14:15
Logo VRT1
VRT1
(Sporza)
14:20
Logo HBO Max
HBO Max

Om te reageren moet je ingelogd zijn.