Weekendinterview: Corné van Kessel
zondag 16 november 2014 om 09:00

Weekendinterview: Corné van Kessel

Pijlsnel ging Corné van Kessel (23) van start. Alleen Sven Nys zat afgelopen dinsdag in Niel nog bij hem na het eerste rondje. “Hij is momenteel de derde Nederlander”, oordeelde Sporza-commentator Michel Wuyts tijdens zijn verslag. In de schaduw van Lars van der Haar en Mathieu van der Poel steekt ook Van Kessel regelmatig zijn neus aan het venster. In het Weekendinterview doet hij zijn verhaal.

De Jaarmarktcross in Niel eindigde uiteindelijk met een domper. Van Kessel werd vijftiende: zijn slechtste resultaat dit seizoen. Voor het eerst sinds eind september finishte hij buiten de top tien. Maar dat maakt de uitspraak van Wuyts niet minder waar. “Ik denk dat ik qua uitslagen inderdaad de derde Nederlander ben”, bevestigt de 23-jarige renner. “Lars en Mathieu zijn net iets beter. Dat moet je accepteren. Ik ga er hard aan werken om op te schuiven in die rangschikking. Daar doe ik alles voor, maar die mannen staan ook niet stil. Ik moet gewoon accepteren dat zij beter zijn op dit moment.”

Terwijl Wuyts het heeft over de derde Nederlander, noemen anderen hem een halve Belg. Van Kessel spreekt namelijk met een Vlaams accent. “Ik woon nu bijna drie jaar in België”, verklaart de in Veldhoven geboren crosser. “Mijn vriendin komt daar vandaan. Ik ben bij haar ingetrokken. Bovendien rijd ik bij een Belgische ploeg. Dan komt het accent vaneigens. In de ploeg lachen ze er altijd mee, omdat ik me al zó heb aangepast.”

Vorig jaar, toen ik van de beloften naar de elite ging, heb ik een grote stap gezet.

Maar zijn wielerloopbaan begon toch écht in Nederland. Op zevenjarige leeftijd maakte hij zijn eerste kilometers op de wielerfiets. Veldrijden deed Van Kessel in eerste instantie alleen om de winter door te komen. Later ontdekte hij over talent te beschikken. “Als laatstejaars bij de jeugd ben ik Nederlands kampioen geworden. Dat gaf voor mij de doorslag om me op het veld te focussen.” De inmiddels 23-jarige crosser heeft zich sindsdien goed ontwikkeld. “Vorig jaar, toen ik van de beloften naar de elite ging, heb ik een grote stap gezet. Ook dit seizoen heb ik er weer een stapje bijgezet. Niet zo groot als vorig jaar, maar ik ben zeker beter worden.”

Dat bleek vooral in Valkenburg. Daar beleefde hij zijn hoogtepunt uit zijn nog korte profcarrière. Van Kessel werd derde in de wereldbekerwedstrijd. “Dat was geweldig”, blikt hij terug. “Direct na de wedstrijd leef je in een roes. Je moet naar het podium en de persbijeenkomst. Dat is allemaal mooi om mee te maken. De commentaren na afloop waren erg leuk.”

In Ruddervoorde vorig week waren die echter minder positief. Sterker nog: Lars van der Haar was boos op hem. Van Kessel nam de Nederlands kampioen mee in een val. “Ik zat net iets te kort op het wiel van Klaas Vantornout”, verklaart hij. “Na de bocht zette Klaas aan. Vervolgens moest ik uitwijken en bleef ik achter een paal hangen.” Hierdoor raakte ook Van der Haar op achterstand. “Dit is echt klote”, riep hij kort na cross tegenover de camera van Vier. “Corné heeft de hele wedstrijd voor mij verkloot. Het is zo klungelig.”

Van Kessel reageert: “Ik snap zijn frustratie, maar hij had het niet op déze manier hoeven zeggen. Al was het direct na de koers. Renners die net over de streep komen, zitten vol adrenaline. Dan komen er misschien dingen uit die anders zijn bedoeld. We hebben elkaar nog gesproken na de cross en het is inmiddels bijgelegd. Ik deed het niet expres, maar dat wist hij ook achteraf.”

Mijn doel op het WK is top tien. Dat is reëel.

Dankzij zijn derde plek in Valkenburg staat de renner van Telenet – Fidea hoog in het wereldbekerklassement. “Mijn doel is om in de top tien te eindigen. Er komen een paar lastige wedstrijden aan. Crossen voor specialisten, zoals Koksijde en Namen. Dat zijn wedstrijden die mij iets minder liggen. Ik wil me daar handhaven in de top tien. Dan mag ik tevreden zijn.”

Van Kessel heeft liever droge en snelle crossen. “Dan kom ik het beste uit de verf. Maar ik heb ook goed gereden op modderige omlopen met niet te veel hoogteverschillen. Dan is de vorm van de dag belangrijk. Als je iets minder bent, merk je dat meteen.” Het wereldkampioenschap wordt dit seizoen verreden in het Tsjechische Tabor. Ook dat parcours zou hem kunnen liggen. “Als het sneeuwt, wordt het een heel snel parcours. Maar het blijft natuurlijk een lastige cross door de hoogteverschillen: de hellende stroken blijven lang doorlopen. En op een WK is iedereen extra gemotiveerd. Het is een wedstrijd op zich.”

Vorig seizoen werd Van Kessel twaalfde op het mondiale kampioenschap. Dit keer gaat hij voor een beter resultaat. “Mijn doel is top tien. Dat is reëel. Er gaat een extreem gemotiveerde Stybar aan de start staan. En er zullen misschien nóg meer Tsjechen goed zijn. Als het sneeuwt, is het altijd een rare wedstrijd. Maar met een top tien-plaats ben ik tevreden.”

Ook het Nederlands kampioenschap staat met rood omcirkeld in zijn agenda. “Het wordt bij mij thuis georganiseerd. Erg leuk dat ze dat voor elkaar gekregen hebben.” Het NK vindt plaats in ‘zijn’ Veldhoven. “Daar ben ik opgegroeid. Er zullen een hoop vrienden en familieleden aanwezig zijn. Het wordt erg speciaal. Ik ben uiteraard extra gemotiveerd. Het parcours heb ik nog niet gezien, maar ik ken de omgeving. Ik denk dat we er iets moois van kunnen maken.”

Lars en Mathieu zullen gemotiveerd zijn om tegen elkaar een wedstrijd te maken. Daar moet ik van gaan profiteren.

“Het is te vergelijken met Gieten van vorig jaar”, zegt van Kessel over de omloop. “Maar dan met minder hoogteverschillen. Het is een recreatiegebied, een vijver met zand. En volgens mij gaan we regelmatig het zand in. Dat is mooi: de afwisseling van zand en bosgrond moet mij wel liggen. Als ik met Lars en Mathieu samen vooraan zit, denk ik dat we aan elkaar gewaagd zijn. Maar alles moet meezitten om te winnen. Ik wil zeker voor een podium gaan daar.”

Vorig jaar werd de Veldhovenaar tweede op het NK. Hij zou daar opnieuw tevreden mee zijn. “Zoals het er nu uitziet wel. Maar achteraf kan natuurlijk blijken dat er meer in zat. Dan is een tweede plek minder fijn.” Van Kessel verwacht geen voordeel te hebben van de locatie. “Bij mijn weten is hier nog nooit een cross georganiseerd. Niemand kent het parcours. Het is voor iedereen gelijk. Lars en Mathieu zullen gemotiveerd zijn om tegen elkaar een wedstrijd te maken. Daar moet ik van gaan profiteren: mee schuiven als zij naar elkaar zitten te kijken en hopen op een kans voor mij.”

Op de lange termijn wil Van Kessel nog stappen te zetten. “Momenteel zit ik regelmatig in de top tien. Hopelijk kan ik constant tussen plaats vier en acht eindigen. Dan mag ik niet klagen.” Hij beschikt over een sterke sprint. Wellicht zit er dan een keer wat leuks in. “Als de wedstrijd uitdraait op een sprint en het jouw kant opvalt, kan je een mooie cross winnen.”

RIDE Magazine

Om te reageren moet je ingelogd zijn.