Wout van Aert trekt lessen uit finale Gent-Wevelgem: “Ik ga mij geen twee keer laten vangen”

Wout van Aert trekt lessen uit finale Gent-Wevelgem: “Ik ga mij geen twee keer laten vangen”

foto: Cor Vos

donderdag 15 oktober 2020 om 12:40

Drie dagen voor de Ronde van Vlaanderen sprak Wout van Aert nog een laatste keer met de pers via een Zoom-meeting. Daarbij ging hij ook de vragen over de – verbale – strijd met Mathieu van der Poel niet uit de weg. “Ach, die rivaliteit speelt al jaren en is voor mij na Gent-Wevelgem niet veranderd. Ik koers niet tégen Mathieu, ik koers om te winnen. En daarvoor zal ik hem nog veel moet passeren. Dat verandert nooit.”

Dag Wout. Ben je nog boos?
“Nee hoor. Ik ben ook niet lang kwaad geweest. Ik ben geïnterviewd onmiddellijk na de finish, toen de adrenaline nog speelde. Of ik het nu anders zie? Ik zou het wellicht rustiger zeggen, misschien voor mezelf houden. Anderzijds… Ik had er toen ook wel over nagedacht en dat was het gevoel dat ik had. Het is niet dat ik nu van mening veranderd ben. Zeker in de slotkilometer liet Mathieu zien dat de zege voor hem minder belangrijk was. Van die indruk kan ik mij niet ontdoen.”

Wat vond je van de reactie van Van der Poel zelf, die na jou zijn visie gaf?
“Ik heb het niet gezien, maar achteraf wel gelezen. Een logische reactie van zijn kant, denk ik. Het is nu niet dat ik had verwacht dat hij mijn mening zou delen. Kijk, we waren allebei teleurgesteld, we hebben allebei onze mening geuit. Dat mag, denk ik. Voor mij is dat afgerond. Ik heb er verder niet wakker van gelegen.”

Iedereen had er wel zijn zegje over. Kreeg je dat mee? 
“Ik heb geprobeerd om het te laten passeren. Maar maandag werd mijn vrouw Sarah geïnterviewd voor Vive le Vélo, het praatprogramma met Karl Vannieuwkerke op VRT. Dat wilde ik wel zien, maar op die manier ontkwam ik uiteraard niet aan de ‘Grote Gent-Wevelgem analyse’. Opmerkelijk dat er zoveel om te doen was. Of eerder, hoe zwaar het opgeklopt werd. Er zijn termen gebruikt die zwaar overdreven waren. Een scheldpartij, las ik zelfs ergens.”

Het was wel de eerste keer dat het verbaal zo duidelijk was…
“Misschien. Maar jullie doen nu alsof ik ‘ik weet niet wat’ gezegd heb. Het is niet dat ik Mathieu beledigd heb, hé. Ik heb verteld hoe ik de koers aanvoelde. Het was in het veldrijden al meermaals hard tegen hard tussen ons tweeën. Maar dan werden we meestal wel nog eerste en tweede en daardoor is dat minder uitgesproken. Maar geloof me, ik ben na sommige veldritten al kwader geweest dan zondag. En is dat niet logisch als je elke keer weer de strijd met elkaar aangaat?”

foto: Cor Vos

Hebben jullie de voorbije week contact gehad of heb je toenadering gezocht tot Van der Poel?
“Nee. Ik heb nooit contact met hem via de telefoon. Ik heb deze zomer tijdens Milaan-Turijn voor het eerst langer dan vijf minuten met Mathieu gesproken op de fiets. Dat was een unicum.”

Rivaliteit is niets nieuw. Deze week gaven ook Johan Museeuw en Andrei Tchmil toe dat ze door onderlinge rivaliteit overwinningen hebben laten liggen. Dreigt dat bij jullie te gebeuren?
“Ik kan niet ontkennen dat dat in Gent-Wevelgem heeft meegespeeld. Maar de strijd is niet veranderd of aangewakkerd door onze reacties achteraf. En die rivaliteit zou net zo groot geweest zijn, mocht in Wevelgem een van ons beiden gewonnen hebben. Ook dan waren we zondag aan de Ronde van Vlaanderen begonnen met het mes tussen de tanden. Ik wil gewoon koersen winnen en ik weet dat ik daarvoor nog vaak Mathieu zal moeten passeren. Dat is altijd zo geweest en het zal ook zo blijven.”

Kan het scenario van Gent-Wevelgem zich zondag herhalen?
“De Ronde van Vlaanderen is lastiger. En ik denk ook dat, nu dit gebeurd is, de kans kleiner is dat het snel weer gaat gebeuren. Van mijn kant heb ik er wel lessen uit getrokken. Ik ben niet van plan mij nog een tweede keer te laten vangen. Bovendien krijgen we zondag een andere finale, hé. Na de Kemmel was het nog dertig kilometer naar Wevelgem. Renners die een gaatje moesten laten op de Kemmel, kwamen nog terug. Zoiets wordt in de Ronde van Vlaanderen sneller afgestraft. In de laatste dertig kilometer heb je nog de Kruisberg, de Hotond, de Oude Kwaremont en de Paterberg. De slijtage zal groter zijn. Dan zegt de logica dat we met een kleinere groep naar de finish gaan.”

Maar na de Paterberg is het toch nog 14 kilometer. Spring jij opnieuw op alles wat beweegt?
“Ik heb in Gent-Wevelgem misschien té veel interesse in willen winnen getoond. Of ik dat zondag weer ga doen, dat is afwachten. Misschien pak ik het anders aan. Een keertje meer gokken. Of iets vroeger beginnen met gokken, misschien. Anderzijds, het frustrerende was dat ik in Wevelgem ondanks de geleverde inspanningen voelde dat ik toch nog een sprint in de benen had. Ik had misschien langer moeten proberen om de groep samen te houden. Achteraf is het natuurlijk gemakkelijk praten. Ik heb onderweg ook wel dingen goed gedaan, hoor.”

Is jouw veelzijdigheid een troef? Je kan op de sprint mikken, maar je kan ook aanvallen… Of zorgt dat net voor dilemma’s? Voor jongens als Kristoff en Lampaert is dat veel duidelijker.
“Dat is voor hen daarom niet gemakkelijker. Als Lampaert wil aanvallen, moet hij ook het juiste moment kiezen, want na zo’n zware koers heb je geen tien cartouches meer. En als Kristoff wil sprinten, moet hij ook proberen alles samen te houden. Zo rechtlijnig is het niet. Oké, na de Paterberg moet ik wel een plan hebben, maar daarvoor kan die veelzijdigheid wel handig zijn.”

Wie zie jij als jouw grootste concurrenten?
“Mathieu van der Poel en Julian Alaphilippe. Maar ik heb vorige zondag gezien dat er nog anderen, waar minder over gesproken wordt, ook sterk zijn. Concurrentie genoeg. Mads Pedersen, Stefan Küng en, naast Alaphilippe, zag ik ook een sterk Quick-Step-blok. Die laatsten gaan de koers vroeg laten ontploffen, denk ik.”

Kan Alaphilippe als debutant, dus met minder terreinkennis, de Ronde winnen?
“Zeker! Daarvoor zit hij in de juiste ploeg. Met veel ervaring rondom hem. Dat kan zeker. Hij bewees eerder al op alle parcoursen uit de voeten te kunnen. Misschien dat Luik-Bastenaken-Luik hem beter past, want hij is vooral sterk als hij recht op de pedalen kan aanvallen. Dat heb je minder in de Ronde. Maar hij zal wel voorbereid zijn.”

De weersvoorspellingen zijn goed. Weinig herfstweer zondag…
“Ik had niet verwacht dat er in oktober nog dagen zouden komen met zo weinig wind. Ik had zwaardere omstandigheden verwacht. Al hoor ik nu dat er toch kans is op een bui. Dat mag. Het maakt de wedstrijd zwaarder, nerveuzer ook. Dan zit er ‘meer rek’ op het peloton. Nu, ook zonder wind en regen is de Ronde een van de zwaarste koersen die er zijn. Hoe beter het weer, hoe harder er gereden wordt. En dan wordt het kaf ook wel van het koren gescheiden.”

Een Ronde zonder publiek. Hoe surreëel wordt dat?
“Ik denk spontaan aan de Oude Kwaremont. Daar staat elk jaar immens veel volk en bij mijn eerste deelname al was ik onder de indruk van het lawaai op de klim. Dat zal zeker een ander gevoel geven. Anderzijds, dat merkte ik op de Kemmelberg, ben je zo gefocust op dat parcours dat dat verschil toch nog meevalt.”

En na de Ronde volgt een welverdiende break?
“Door het wegvallen van Parijs-Roubaix is onze vakantie inderdaad een weekje opgeschoven. We willen er toch nog even tussenuit. Het zal voorlopig onze laatste reis zijn zonder baby. Het wordt eerst nog wat zoeken naar een veilige locatie en we reizen zeker met de wagen. De inrichting van de kinderkamer? Goh, inderdaad. De meubelonderdelen staan klaar om in elkaar geschroefd te worden. Tot nog toe had ik het perfecte excuus dat ik nog moest trainen en koersen. Dat zal na zondag niet meer van tel zijn, vrees ik. Ik zal mijn twee linkse hadden moeten bovenhalen…”

Dit artikel delen:

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.