Jasper Philipsen koerst kalmer: “Met Mathieu van der Poel in de ploeg heb je die mogelijkheid”
Interview Net voor de laatste kilometer werd een aanvallende Mathieu van der Poel terug ingerekend in In Flanders Fields, maar dat was voor Alpecin-Premier Tech geen enkel probleem. Met Jasper Philipsen hadden de troepen van Christoph Roodhooft nog een andere
Mathieu van der Poel voor de aanval, jijzelf voor de sprint. Was dat de beproefde tactiek?
“Ja, natuurlijk. Met Mathieu vooraan was het de ideale situatie voor ons. We konden ons gewoon laten meesurfen en kijken wat er vooraan gebeurde. Een wedstrijd rijden met Mathieu erbij zorgt er natuurlijk altijd voor dat de druk wat wegvalt. Het geeft extra comfort in verschillende situaties, waardoor we de wedstrijd wel onder controle hadden.”
In hoeverre kan je zoiets vooraf plannen?
“Het is niet gemakkelijk om te zeggen: ‘dit is het plan’ en dat dan zo waar te maken. We moeten altijd bekijken hoe de koers verloopt en wat de situatie is na de laatste keer Kemmelberg. Ik wist ook dat er nog veel sprinters of sprintploegen aanwezig zouden zijn, dus je weet dat er altijd een soort achtervolging op gang komt. Maar je weet gewoon niet wat de situatie vooraan is.”
“Dat Mathieu vooraan zou zitten, was niet de grootste verrassing. Het hing er echt vanaf hoe sterk hij was, samen met de andere jongens die voorop zaten. Ik denk dat Mathieu ook zei dat hij na vrijdag niet de beste benen had. Dus het is niet al te slecht als je dan nog vooraan zit. Maar ik moest gewoon klaar zijn voor een eventuele sprint, of het nu allemaal samenkwam of niet.”
Is dat de nieuwe manier van koersen voor jou? Je lijkt meer te gokken en te rekenen op je sprint?
“Ik wist dat het op papier een koers was die ik kon winnen, of dat ik een goede kans had. Maar ik wist uit het verleden ook dat ik bij de sprint in Wevelgem niet altijd de beste benen meer had, omdat ik tijdens de koers te veel energie verspeelde op de hellingen. Dus ik probeerde kalmer en meer ontspannen te zijn en mijn energie te sparen. Met Mathieu in de ploeg heb je ook de mogelijkheid om dat te doen.”

Philipsen juicht in In Flanders Fields – foto: Fotopersburo Cor Vos
Jullie winnen opnieuw met Alpecin-Premier Tech. Is de ploeg even sterk als vorig jaar?
“Het kost altijd tijd voor de nieuwe jongens om wat momentum op te bouwen in de ploeg en te zien hoe de dingen werken. Hoe we graag communiceren, samen koersen of wat dan ook. Als je in een nieuwe omgeving komt, moet je je altijd een beetje aanpassen. Dat was in de finale ook niet makkelijk om daar te zitten met Florian Sénéchal en Jonas Geens, die allebei nieuw in onze ploeg waren.”
“Dus het was ook een beetje een gok, maar je moet deze jongens ook wat vertrouwen geven om hun werk voor de volle 100% te doen, en dat is wat ze deden. Ik wist dat ze de power hadden, maar alles moet nog wel samenvallen. Ik denk dat ze perfect hebben gedaan wat we van ze verwachtten, en dat is ook mooi voor hen om samen te winnen.”
Jijzelf had niet de beste start van het seizoen. Is dat nu vergeten?
“Ja, natuurlijk. Ik heb heel hard gewerkt tijdens de winter en ik had nog niet meteen het beste gevoel, dus ik ben superblij dat ik er nu wat doorkom en dat ik die overwinning kan pakken. Het is een mooie wedstrijd die ik altijd al eens heel graag eens zou willen winnen. Maar ik besef ook dat alles ook in de plooi moest vallen. Dat is gelukkig gebeurd.”
Is deze koers voor jou moeilijker te winnen dan Parijs-Roubaix?
“Goh, moeilijke vraag. Ik denk dat Parijs-Roubaix een koers is waar van alles kan gebeuren, dus ja. Het is makkelijker om in Wevelgemte winnen, want deze heb ik nu gewonnen en Roubaix heb ik tot nu toe nog niet gewonnen. Maar we zullen zien of ik die ooit ook zou kunnen winnen.”
Nu de Ronde van Vlaanderen voor jou?
“Nee, nee, dat denk ik niet. Ik denk dat de Ronde van Vlaanderen een heel zware koers is en om eerlijk te zijn zullen er maar twee of drie renners zijn die deze koers kunnen winnen.”
Om te reageren moet je ingelogd zijn.