Tour 2026: Voorbeschouwing favorieten bergklassement – Weer Pogacar of toch een aanvaller?
foto: Fotopersburo Cor Vos
woensdag 1 juli 2026 om 07:00 Volg in Google

Tour 2026: Voorbeschouwing favorieten bergklassement – Weer Pogacar of toch een aanvaller?

Voorspellen wie het bergklassement zal winnen, is zeer moeilijk, maar dat maakt het niet minder interessant. Integendeel! Klassementsrenners maken kans op de iconische witte trui met rode stippen, maar aanvallers zullen hier graag een stokje voor willen steken. WielerFlits blikt vooruit!

Historie


Vorig jaar

Over een slokop gesproken. Tadej Pogacar bracht in de Tour de France van 2025 niet alleen het geel, maar ook de bolletjestrui naar Parijs. Het was alweer voor de derde keer dat hij in één Tour zowel het bergklassement als algemeen klassement wist te winnen. Dat heeft nog nooit iemand eerder gepresteerd.

De bolletjestrui maakte pas in 1975 zijn intrede in de Tour de France, maar sinds 1933 bevat de Franse ronde al een bergklassement. Dertien keer werd dit klassement gewonnen door degene die datzelfde jaar ook het algemeen klassement op zijn naam schreef. Negen renners wisten deze dubbel te realiseren.

foto: Fotopersburo Cor Vos

Fausto Coppi was de eerste die dit twee keer lukte: de legendarische Italiaanse klimmer deed het in 1949 en 1952. Later deed Eddy Merckx – nog zo’n fenomeen – hetzelfde in 1969 en 1970. Maar driemaal het berg- en algemeen klassement winnen in hetzelfde jaar, dat bleek lang te hoog gegrepen. Tot Tadej Pogacar ten wielertonele verscheen. De Sloveen stond in 2020, 2021 én 2025 met de bolletjes- en gele trui op het podium in Parijs.

Een unieke prestatie, maar Pogacar leek er tijdens de ronde niet echt mee bezig. De renner van UAE Emirates XRG veroverde min of meer ‘per ongeluk’ de bergtrui, doordat hij zoveel beter was dan de concurrentie en aanvallers die wél drie weken lang streden voor de bolletjestrui.


Puntentelling

Het is allemaal niet zo ingewikkeld: voor het bergklassement telt de optelsom van alle punten die zijn behaald op beklimmingen. Alle bergen in de komende Ronde van Frankrijk zijn ingedeeld in vijf categorieën, variërend van de buitencategorie (zwaar) tot de vierde categorie (licht). Op de zware beklimmingen zijn uiteraard meer punten te verdienen dan op de lichte hellingen.

Het belooft een veeleisende Tour de France te worden, met passages door de Pyreneeën, het Centraal Massief, Vogezen, Jura en de Alpen. De renners krijgen in drie weken tijd liefst 54.450 hoogtemeters voor de wielen geschoven. Op het programma staan: achttien beklimmingen van de vierde categorie, 21 hellingen van derde categorie, elf tweede categorie-beklimmingen, dertien klimmen van eerste categorie en zes cols van de buitencategorie.

Lucien Van Impe won maar liefst zes keer de bolletjestrui – foto: Fotopersburo Cor Vos

In de Tour van 2026 wordt de Souvenir Henri Desgrange uitgereikt aan de eerste renner die de top van de Col du Galibier passeert. Dit zal gebeuren in de koninginnenrit (etappe 20) op zaterdag 25 juli van Le Bourg-d’Oisans naar Alpe d’Huez. De renner die als eerste de top passeert, krijgt – naast een pak bergpunten – een geldprijs van 5.000 euro. Dit ter nagedachtenis aan Henri Desgrange, geestelijk vader van de Tour en de eerste koersdirecteur.

Het is nog niet eerder voorgekomen, maar in het geval van gelijke punten in Parijs krijgt de renner met de meeste eerste plaatsen op beklimmingen of aankomsten bergop van buitencategorie de bolletjestrui. Als de stand dan nog steeds gelijk is, telt de ASO het aantal eerste plaatsen op beklimmingen of aankomsten bergop van eerste categorie bij elkaar op. Is de stand dan nog gelijk, dan kijkt men naar het aantal eerste plaatsen op beklimmingen van tweede, derde of vierde categorie. In het uiterste geval is de positie in het algemeen klassement doorslaggevend.

Alleen renners die de Tour uitrijden, worden opgenomen in het klassement. Als een renner buiten tijd over de streep komt maar van de wedstrijdjury in koers mag blijven, verliest hij wel al zijn punten in het bergklassement. Tot slot, de opbrengsten. Wat verdient de winnaar van het bergklassement, naast eeuwige roem? Allereerst spekt hij met de eindzege in het bollenklassement de ploegpot met 25.000 euro. Daarnaast ontvangt de winnaar 210 UCI-punten. De nummers twee en drie krijgen respectievelijk 150 en 110 punten.

Col du Galibier (als dak van de ronde dubbele punten, hors categorie)
40 – 30 – 24 – 20 – 16 – 12 – 8 – 4 punten

Hors catégorie-klim
20 – 15 – 12 – 10 – 8 – 6 – 4 – 2 punten

  • Col du Tourmalet
  • Plateau de Solaison
  • Alpe d’Huez
  • Col du Glandon
  • Col de Sarenne

Eerste categorie-klim
10 – 8 – 6 – 4 – 2 – 1 punten

  • Col de Toses
  • Col de l’Aspin
  • Pas de Peyrol
  • Col de Pertus
  • Ballon d’Alsace (etappe 13)
  • Grand Ballon
  • Ballon d’Alsace (etappe 14)
  • Col du Haag
  • Col de la Croisette
  • Côte d’Engins
  • Orcières-Merlette
  • Col du Noyer
  • Col du Télégraphe

Tweede categorie-klim
5 – 3 – 2 – 1 punten

Onder andere:

  • Col de Coudons
  • Col de Montségur
  • Gavarnie-Gèdre
  • Suc au May
  • Col du Page
  • Côte de Larringes
  • Col d’Ornon

Derde categorie-klim
2 – 1 punten

Vierde categorie-klim
1 punt


Favorieten

Van alle nevenklassementen, blijft die van de bergtrui het moeilijkst te voorspellen. Dat heeft niet zozeer te maken met de puntenverdeling, maar wel met het belang van het bergklassement. Het winnen van de bolletjestrui is een hele eer, maar er zijn maar weinig renners die er voor de start van de Tour de France een doel van maken. Je hebt natuurlijk enkele rasaanvallers in het peloton die bij voorbaat al dromen van de bollen.

Maar vaak zie je dat het bergklassement wordt gewonnen door een coureur die eigenlijk met klassementsambities naar de Tourstart trekt, maar door ziekte, pech of een slechte dag het geweer van schouder moet veranderen en dan maar op jacht gaat naar de bergtrui. Dit is op voorhand alleen niet te voorspellen. En dan zijn er nog de klassementsrenners, die we ook zeker niet mogen uitvlakken in de strijd om de witte trui met rode stippen.

Volgt Tadej Pogacar zichzelf op als bergkoning? – foto: Fotopersburo Cor Vos

Als we kijken naar de voorbije edities van de Ronde van Frankrijk, dan zien we dat de klassementsrenners steevast in de top van het bergklassement eindigen. En dat Tadej Pogacar vorig jaar als winnaar werd gehuldigd op het eindpodium in Parijs. Niet na drie weken lang punten sprokkelen op allerlei beklimmingen, maar door meerdere keren toe te slaan op een klim van eerste of buitencategorie, wat vaak gepaard ging met het winnen van de etappe. Zo won hij al voor een derde keer in zijn carrière het bergklassement, en dat als bijvangst naast zijn Tourzege.

De wereldkampioen zal ook dit jaar geen doel maken van de bergtrui (of hij moet onderweg iets tegenkomen), maar er is een reële kans dat Pogacar na drie weken koers wel weer komt bovendrijven als de renner die onderweg de meeste bergpunten heeft verzameld. Gezien de dominantie die hij dit seizoen weer tentoonspreidt, moeten aanvallers al van zeer goeden huize komen om het Sloveense wielerwonder van een nieuwe bergtrui af te houden.

Vingegaard in de bolletjestrui – foto: Fotopersburo Cor Vos

Maar, als er iemand is die Pogacar kan aftroeven in de strijd om het bergklassement, dan is het wel zijn eeuwige rivaal Jonas Vingegaard. De Deen weet wat het is om de bolletjestrui te winnen. Dit deed hij al eens in 2022 – het jaar van zijn eerste Tourzege – en hij haalde nog drie keer het podium in het bergklassement. Vorig jaar werd hij tweede in dit nevenklassement, op vijftien punten van zijn Sloveense tegenstrever.

Kan hij de rollen dit jaar omdraaien? Dan zal hij wel zijn Giro-vorm moeten meenemen naar Barcelona, en hopen dat dit genoeg is om Pogacar te kraken in het hooggebergte, het geliefkoosde terrein van Vingegaard. De vraag is hoe de kopman van Visma | Lease a Bike zich de komende weken zal verhouden tot zijn grote concurrent, in de wetenschap dat de Sloveen de laatste jaren de scepter zwaait in het rondewerk.

Mochten de klassementsrenners in aanmerking komen voor de bergtrui, dan kijken we vooral naar Pogacar en Vingegaard, maar dat wil niet zeggen dat we Remco Evenepoel, Juan Ayuso en Paul Seixas bij voorbaat afschrijven. Er is één probleem: deze toppers krijgen – als ze nog in de race zijn voor een goed klassement – niet de ruimte om ook op jacht te gaan naar bergpunten. Dat wil zeggen dat ze het rechtstreeks moeten opnemen tegen Pogacar en Vingegaard, als er in bepaalde ritten nog (heel wat) punten voor het oprapen liggen. En dat is zeker geen sinecure.

Richard Carapaz zoals we hem kennen: in de aanval – foto: Fotopersburo Cor Vos

Waar we echter rekening mee moeten houden, is dat er onderweg de nodige klassementsambities zullen sneuvelen. Is het niet tijdens de stressvolle en hectische eerste Tourweek – een valpartij zit in een klein hoekje – dan wel na de eerste bergetappe. En dan? Uithuilen, jezelf bijeen rapen en nieuwe doelen stellen. Voor klimmers is de bergtrui dan een meer dan mooie troostprijs. Misschien dat de piepjonge Paul Seixas na twee weken wel tot de conclusie komt dat het rijden van een klassement nog te hoog gegrepen is, en dan is de bergtrui plots heel interessant.

Dit geldt voor nog meer klassementsrenners, van wie het onduidelijk is of ze ook daadwerkelijk drie weken lang kunnen meestrijden om een goede eindklassering. De eerste naam die ons te binnenschiet, is die van Richard Carapaz. We kennen zijn adelbrieven in het rondewerk, maar we mogen de Ecuadoraan toch ook wel een specialist noemen in het verzamelen van bergtruien.

De renner van EF Education-EasyPost won al eens het bergklassement in de Tour (2024) én de Vuelta (2022). Carapaz zal wellicht toch met klassementsambities van start gaan, maar het verleden heeft ons geleerd dat hij net zo makkelijk kan switchen naar rittenkapen, mocht onderweg blijken dat hij niet goed genoeg is om de Pogacars en Vingegaards van deze wereld het vuur aan de schenen te leggen. Als de olympisch kampioen van Tokio besluit om vol voor de bergtrui te gaan, dan is hij onze topfavoriet, gezien zijn klasse, kunde en vormpeil.

Gaat Thymen Arensman voor een klassement of de bergtrui? – foto: Fotopersburo Cor Vos

Andere renners die na verloop van tijd wellicht hun klassementsambities moeten bijstellen, zijn Tobias Halland Johannessen (Uno-X Mobility), Tom Pidcock (Pinarello-Q36.5) en Mattias Skjelmose (Lidl-Trek). Deze renners beschikken zonder enige twijfel over de kwaliteiten om een rol van betekenis te spelen in het bergklassement. En dan is er nog Neerlands klimtrots Thymen Arensman.

De renner van Netcompany INEOS heeft laten weten dat hij na een klassement in de Giro – hij werd vierde – voor een ritzege gaat in de Tour. Arensman begon vorig jaar ook als rittenkaper aan de Tour en dat wierp zijn vruchten af. Wat heet: Arensman zegevierde zowel in de Pyreneeën als in de Alpen. Het zou ons dan ook verbazen als hij nu plots weer een klassement najaagt, maar de bergtrui komt zo wel in beeld.

Zien we verder nog aanvalslustige klimmers die totaal niet bezig zijn met een klassement? Ze zijn er wel degelijk! EF Education-EasyPost heeft – naast Carapaz – met Ben Healy en Alex Baudin nog twee rasaanvallers in de gelederen die ver kunnen komen in het bergklassement, terwijl Soudal Quick-Step met Valentin Paret-Peintre een kandidaat-winnaar in huis heeft.

Valentin Paret-Peintre is een van de Franse kanshebbers – foto: Fotopersburo Cor Vos

De Fransen voeren overigens de boventoon in dit nevenklassement. Sinds de invoering in 1933 kwam de winnaar 24 keer uit het thuisland. Misschien voegen Baudin of Paret-Peintre zich wel in dit rijtje.

Of is die eer weggelegd voor landgenoten Lenny Martinez (Bahrain Victorious), Kévin Vauquelin (Netcompany INEOS), Guillaume Martin (Groupama-FDJ United), Julian Alaphilippe (Tudor) of Jordan Jegat (TotalEnergies)? Alaphilippe won al eens het bergklassement, al is dit inmiddels wel acht jaar geleden. Dan kijken we toch eerder naar Martinez. De pure klimmer laat er geen misverstand over bestaan: nadat hij vorig jaar naast de bolletjestrui greep, gaat hij dit jaar weer resoluut voor winst in het bergklassement. De concurrentie kan zijn borst natmaken!

Net omdat het bergklassement zo’n lastig te voorspellen strijd is, is het lijstje met outsiders ook wat langer dan gebruikelijk. Lotto-Intermarché heeft met Lennert Van Eetvelt een interessante renner tot zijn beschikking, Movistar kan met rasaanvallers Einer Rubio en Pablo Castrillo de bergritten kruiden en van Sergio Higuita en Harold Tejada mogen we hetzelfde verwachten, maar dan in dienst van XDS Astana.

Michael Storer is altijd een gevaarlijke klant – foto: Fotopersburo Cor Vos

We zijn verder zeer benieuwd naar de rol van Maxim Van Gils binnen het geheel van Red Bull-BORA-hansgrohe. Moet de Belg zich voornamelijk wegcijferen voor kopmannen Remco Evenepoel en Florian Lipowitz, of krijgt hij ook de ruimte om zijn eigen dromen na te jagen? In de voorbije Tour Auvergne-Rhône Alpes hebben we gezien dat hij helemaal terug is na een periode vol blessureleed. Tot slot, noteren we de namen van de herboren Ion Izagirre (Cofidis) en Australiërs Ben O’Connor (Jayco AlUla) en Michael Storer (Tudor).


Deze zomer staat weer in het teken van de Tour!

Heb jij de tactische blik om te voorspellen wie er triomfeert op de Alpe d’Huez?

Weet je precies welke renner gaat verrassen? En wie, wanneer op het podium staat?

Daag je vrienden, familie en collega’s uit en bewijs dat jij de ultieme wielerkenner bent!

Speel GRATIS mee!

Om te reageren moet je ingelogd zijn.