Professor sportrecht geeft UCI ongelijk: “ASO handelde correct door Johan Bruyneel toe te laten”
Er is veel te doen over het bezoek van Johan Bruyneel aan de Tour de France. De UCI is van mening dat de Belg in geen enkele rol toegang mocht krijgen tot geaccrediteerde zones, maar daar is Bruyneel het niet mee eens. Hij dreigt met juridische stappen tegen UCI-voorzitter David Lappartient en volgens professor sport- en arbeidsrecht Frank Hendrickx maakt hij een goede kans.
De aan de KU Leuven verbonden Hendrickx is in een interview met tijdschrift Knack van mening dat een UCI-verbod in strijd is met fundamentele rechten. “Een tuchtsanctie mag geen afbreuk doen aan internationaal erkende grondrechten, zoals het recht op arbeid, dat ook beschermd wordt door het vrije verkeer van werknemers binnen de Europese Unie”, schetst Hendrickx.
“Ook het recht op privéleven wordt ruim geïnterpreteerd en geldt voor iedereen. Ook voor Bruyneel als privépersoon of als mediagast, zoals in dit geval.” De professor benadrukt dat een straf altijd moet voldoen aan het zogeheten proportionaliteitsbeginsel: de sanctie moet in verhouding staan tot de overtreding. “Een levenslang verbod op toegang tot geaccrediteerde zones is buiten proportie. De schorsing richt zich op officiële functies binnen het wielrennen, niet op publieke of media-optredens.”
De UCI kwam afgelopen dinsdag met een statement naar buiten, waarin het wel aangeeft dat de ASO verantwoordelijk is voor het verstrekken van de accreditaties. Bruyneel kreeg een accreditatie voor het Tourdorp en de zone van de teambussen. Volgens de voormalig wielrenner steunde de ASO-directie zelfs zijn aanwezigheid in de Ronde van Frankrijk.
“ASO handelde correct door Bruyneel toe te laten”, is de conclusie van Hendrickx. “Een organisator kan iemand niet zomaar weigeren op basis van een UCI-schorsing, zeker niet als die persoon optreedt in een andere hoedanigheid.”
Is levenslange schorsing ook betwistbaar?
Ook de levenslange schorsing van Bruyneel wegens het overtreden van de dopingregels, is volgens Hendrickx juridisch aan te vechten. “De reikwijdte van zo’n sanctie – zowel inhoudelijk als qua tijdsduur – moet altijd proportioneel zijn ten opzichte van de vergrijpen. Een uitsluiting van alle wielergerelateerde activiteiten voor het leven houdt juridisch geen stand tegenover fundamentele rechten.”
Om te reageren moet je ingelogd zijn.