WK 2020: Voorbeschouwing tijdrit vrouwen

WK 2020: Voorbeschouwing tijdrit vrouwen

foto: Cor Vos

donderdag 24 september 2020 om 07:00

Na twee jaar Annemiek van Vleuten was het vorig jaar de Amerikaanse pletwals Chloé Dygert die de wereldtitel tijdrijden veroverde. Een jaar later is de wereld vanwege de coronapandemie flink veranderd, maar Dygert is er opnieuw bij, in tegenstelling tot Van Vleuten. Gaat Dygert op en rond het beroemde circuit van Imola er met een nieuwe wereldtitel vandoor of gooit iemand op 24 september roet in het eten van de Amerikaanse? WielerFlits wikt, weegt en kijkt vooruit!

Historie

Het eerste officiële WK waar vrouwen welkom waren, vond in 1958 plaats in Reims. Het was even wachten totdat ook tegen de klok om regenboogtruien werd gekoerst. Legendarische figuren als Beryl Burton hebben nooit de kans gekregen om in deze discipline om de wereldtitel te strijden. Deze mondiale titelstrijd stond pas in 1994 voor het eerst op het programma. Toch kunnen we in dit geval niet zeggen dat de vrouwen langer op hun kans moesten wachten. Immers, ook voor de heren gold dat het onderdeel voor de eerste maal op het WK-programma stond.

Jeannie Longo won het WK tijdrijden vier keer, een record – foto: Cor Vos

Waar bij de mannen de Brit Chris Boardman als winnaar uit de bus kwam rollen, was het bij de vrouwen een Amerikaanse die met de trui mocht pronken; Karen Kurreck is de naam. In de eerste editie bleef zij Anne Samplonius en Jeannie Longo voor. Laatstgenoemde zou zich in de jaren daarna ontpoppen tot een dominante factor in het tijdrijden. Sterker nog: ook afgelopen jaar veroverde ze een wereldtitel tijdrijden. Weliswaar bij de wereldkampioenschappen Gran Fondo, maar toch.

Met vier titels heeft Longo – die over goed een maand 62 wordt – het record bij de vrouwen in handen. Er zijn verder liefst zes vrouwen die de titel twee keer wonnen. Te weten: Judith Arndt, Kristin Armstrong, Karin Thürig, Leontien van Moorsel, Amber Neben en Annemiek van Vleuten.

Tussen de twee titels van Neben zat de langste periode. De Amerikaanse won haar eerste regenboogtrui in Varese (2008) en acht jaar later trok ze op 41-jarige leeftijd opnieuw aan het langste eind. Daarmee is ze niet de oudste winnares, die eer is natuurlijk voorbehouden aan Longo. Toen zij in 2001 voor het laatst wereldkampioene werd, was ze 43.

Laatste tien winnaressen WK Tijdrijden
2019: flag-us Chloé Dygert
2018: flag-nl Annemiek van Vleuten
2017: flag-nl Annemiek van Vleuten
2016: flag-us Amber Neben
2015: flag-nz Linda Villumsen
2014: flag-de Lisa Brennauer
2013: flag-nl Ellen van Dijk
2012: flag-de Judith Arndt
2011: flag-de Judith Arndt
2010: flag-gb Emma Pooley


Vorig jaar

Wanneer er een wielrenner eens harder rijdt dan de anderen, wordt al eens gezegd dat-ie een brommer heeft ingeslikt. Het gerucht gaat dat zelfs de straaljagers van deze wereld jaloers keken naar de manier waarop Chloé Dygert het WK tijdrijden reed.

Dat de Amerikaanse een monstertalent is, weten we al een tijdje. Dygert had zich in 2015 in Richmond al verzekerd van de mondiale dubbel bij de junioren. Ook op de baan had ze al wat regenboogtruien veroverd. Zeven bij de elites, om precies te zijn. Denk maar aan de wijze waarop ze begin 2018 de maat nam van Annemiek van Vleuten op de individuele achtervolging tijdens de WK baanwielrennen in Apeldoorn. Zeker geen schande voor Van Vleuten, aangezien haar baanavontuur een tussendoortje was, maar toch.

Daarna kwam er een rotperiode voor Dygert-Owen. Ze had vooral lang last van de gevolgen van een valpartij in de Ronde van Californië van 2018. Hierdoor moest ze een jaar later onder meer de WK baanwielrennen missen.

Dygert kwam echter terug. En hoe. In de Colorado Classic hield de 22-jarige huis à la Marianne Vos. Ze won niet alleen het eindklassement, ze zegevierde ook nog eens in alle vier de etappes. Een beetje alsof je een wielerspel speelt op de computer, jouw wielrenner de hoogst mogelijke stats geeft en vervolgens op niveau ‘beginner’ speelt. Natuurlijk, de tegenstand was niet gigantisch sterk, maar ze gaf wel degelijk haar visitekaartje af.

Chloé Dygert was simpelweg superieur in Yorkshire – foto: Cor Vos

Op een enkele bespiegeling na, waren er desondanks weinig mensen die rekening hadden gehouden met het scenario dat ze bij de WK in Yorkshire naar het goud zou snellen in de tijdrit. De titel zou immers wel naar topfavoriete Annemiek van Vleuten gaan. Maar de Wageningse ze moest zich op 1.52 minuut van het goud tevreden stellen met brons.

Een offday, luidde haar verklaring achteraf. Nu ja, als Van Vleuten het niet kan, dan zou Anna van der Breggen toch zeker wel het goud binnenhalen voor de Nederlandse ploeg?

Maar ook dit scenario kwam niet uit in de 30,3 kilometer lange tijdrit tussen Ripon en Harrogate. Dygert was simpelweg een paar niveaus beter dan de rest. Ze haspelde de chronoproef af in 42 minuten en elf seconden en daarmee zou ze Van der Breggen, de winnares van het zilver, op 1.32 minuut zetten.

Zoals een groot wielerfilosoof ooit zei: ga maar eens zo lang met je vingers tussen de deur zitten… Nog nooit was het verschil tussen de nummer één en twee zo groot op een elite-WK tegen de klok. Bonusfeitje: Dygert werd ook de jongste wereldkampioen tijdrijden bij de elites.

foto: Cor Vos

Enkele dagen dagen later maakte het dan 22-jarige nieuwjaarskind ook veel indruk in de wegwedstrijd. In verreweg de langste wedstrijd uit haar carrière, tot dan toe, werd ze vierde na een zeer offensieve koers.

Uitslag WK tijdrijden 2019
1. flag-us Chloé Dygert in 42m12s
2. flag-nl Anna van der Breggen op 1m32s
3. flag-nl Annemiek van Vleuten op 1m52s
4. flag-us Amber Neben op 2m38s
5. flag-de Lisa Klein op 2m40s


Parcours

Het circuit waar de start en finish van de tijdrit ligt is vernoemd naar Enzo Ferrari, de oprichter van Ferrari, en diens vroeg gestorven zoon Dino Ferrari. Tot en met 2006 werd er jaarlijks een Formule-1 wedstrijd toegewezen onder de naam Grand Prix van San Marino. Vreemd, want wie het autocircuit zoekt in het ministaatje komt bedrogen uit; San Marino ligt op ongeveer een uur van het circuit.

De Formule 1 keert dit jaar eenmalig weer terug op Imola, maar 1 november wordt nu de Grand Prix van Emilia-Romagna verreden. Een naam die meer past bij het evenement, want Imola ligt immers middenin de regio Emilia-Romagna.

De stad Imola ligt aan de voet van de noordelijke Apennijnen. De scheiding tussen de Povlakte en het gebergte is vanuit de lucht goed te zien; die loopt bijna in een volledig rechte lijn van het noordwesten naar het zuidoosten. Wie een parcours met hoogtemeters wil, kan beter niet een parcours uittekenen ten westen van die lijn. Hier heeft de organisatie voor gekozen. In het eerste deel van de tijdrit gaat het steeds licht omhoog. Globaal gezien volgt de tijdrit de loop van de Santerno, de rivier die het circuit scheidt van de stad.

Na de start – voor de ingang van het circuit – rijden de rensters via een brug over de rivier, waarna al vrij snel de grote plaat erop kan. In de eerste vijf kilometer zitten nog enkele bochten, maar daarna hoeft er tot vlak voor het keerpunt normaal gesproken niet meer te worden geremd. Het keerpunt, dat tevens dienstdoet als tijdsmeting, is het stadje Borgo Tossignano.

Het ligt aan de rechteroever van de Santerno, wat betekent dat de rensters vlak voor het binnenrijden opnieuw de rivier zijn overgestoken. Net nadat de tussentijd op de borden is gekomen slaat het parcours linksaf, de Via Papa Giovanni XXIII op. Omdat het vanaf dat moment zo’n elf kilometer lichtjes omlaag loopt kunnen de snelheden hard oplopen.

De provinciale weg pal langs de rivier wordt gevolgd tot de rensters bij een rotonde de hekken rondom het circuit kunnen zien. Daar gaan de rensters rechts de Via Omobomo Tenni op. Hier gaat het enkele honderden meters pittig omhoog. Na een korte afdaling gaat het op de Via Tazio Nuvolari ook nog even omhoog.

Het zijn geen hellingen om schrik van te hebben, maar aan het einde van een tijdrit zijn het toch geen prettige obstakels. Uiteindelijk draaien de rensters bij de Variante Alta het niet geheel vlakke circuit op. De bochten die nog volgen tot de finish zijn Acque Minerali, Piratella, Tosa, Villeneuve en Tamburello, de bochtencombinatie waar 26 jaar geleden het noodlot toesloeg voor Ayrton Senna, misschien wel de beste Formule 1-coureur aller tijden.

Als passend eerbetoon aan de legendarische Braziliaan zullen de rensters hier zo hard mogelijk willen gaan. En dat kan ook, want waar auto’s serieus in de ankers moeten voor deze bocht kunnen de beste tijdrijdsters ter wereld hier gewoon volle bak doorheen. Aan het einde van de chicane is het nog zo’n vijfhonderd meter doorstoempen naar de streep.

Start eerste renster: 14.40 uur
Finish laatste renster: 16.35 uur


Favorieten

Vorig jaar kwam haar overwinning voor velen als een volslagen verrassing, maar nu de hele wereld weet heeft van haar capaciteiten kan er bij de wedkantoren een stuk minder geld worden verdiend met een overwinning van Chloé Dygert.

Een uiterst intrigerende persoonlijkheid. Haar levensloop is bij velen nog niet zo bekend als dat van Marianne Vos, dus een nadere introductie kan wat ons betreft geen kwaad. Dygert groeide op in Brownsburg, Indiana, vlakbij het circuit waar elk jaar de Indy 500 wordt gereden. Het is een gebied dat we associëren met de pick-up truck, rednecks en NASCAR. Niet meteen met goede wielrensters. Opmerkelijk genoeg speelde de fiets wel een rol in de familie. Haar vader en oudere broer fietsten en de jonge Chloé mocht ook weleens mee, maar ze ambieerde destijds nog niet om de nieuwe Kristin Armstrong te worden.

foto: Cor Vos

Larry Bird wilde ze zijn, van de fiets droomde ze niet. Dygert deed in haar jeugd onder meer aan voetbal, atletiek en basketbal. Tijdens het uitoefenen van die sporten brak ze echter te veel botten, en niet alleen die van haarzelf. Uiteindelijk brachten blessures haar op de fiets. Aanvankelijk deed ze dit om te herstellen, maar haar vader kreeg haar definitief de fiets op. In 2013 reed ze haar eerste wedstrijden en, na een bij het basketbal opgelopen kruisbandblessure. koos ze definitief voor het stalen ros.

David Dygert zag het talent en hij haalde haar over om bij het wielerteam van de katholieke Marian Universiteit te gaan. De rest is geschiedenis. Na de wereldkampioenschappen van 2015, waar Dygert beide juniorenwedstrijden won, kreeg ze de uitnodiging om het eens op de baan te proberen. Een jaar later behaalde ze bij de Olympische Spelen van Rio de Janeiro al zilver op de ploegenachtervolging, daarna was het op enkele tegenslagen na vooral goud dat er blonk.

Dygert trouwde in 2016 met Logan Owen (renner van EF Pro Cycling, red.), afgelopen winter werden de scheidingspapieren echter getekend. Ze realiseert zich wel dat ze te vroeg is getrouwd, maar spijt heeft ze niet, zo zei ze onlangs in een interview op de site van de energiedrankfabrikant die op haar helm prijkt: “I wouldn’t take it back.” Erover sippen? Het lijkt niet bij haar op te komen.

Dygert heeft wel iets beters te doen: altijd en overal tot het gaatje gaan en winnen. “Ik wil niet arrogant klinken, maar in elke wedstrijd waarin ik start is het mijn doel om te winnen. Winnen met een grote marge.” Ze heeft al meerdere malen de wens uitgesproken dat ze nog zes olympische cycli wil doorlopen, dus we zijn nog lang niet van de Amerikaanse af.

Dygert is inmiddels verhuisd naar Boise, de hoofdstad van de staat Idaho, om nog intensiever samen te kunnen werken met drievoudig olympisch tijdritkampioene Kristin Armstrong. Benieuwd of dat ook in Imola z’n vruchten afwerpt. De dame die een kruis in haar nek heeft laten tatoeëren laat in ieder geval weinig aan het toeval over. Terwijl haar concurrenten de slotetappe van Giro Rosa afwerkten, bestudeerde zij het parcours al aandachtig en intussen moet ze het parcours kunnen dromen.

En dat parcours lijkt haar toe te lachen; vraag maar aan Dygert hoe je lang op topsnelheid kunt rijden op een tijdritfiets. Een nadeel voor Dygert is dat ze dit jaar nog niet op de weg heeft kunnen koersen, maar dat vormde in het verleden al niet echt een probleem voor het Amerikaanse monstertalent. Geloof ons: normaliter gaat Dygert er staan.

Zeven jaar geleden won Van Dijk goud in Firenze – foto: Cor Vos

Er valt nog veel meer te vertellen over Chloé Dygert, maar er moet ook worden gekeken naar andere favorieten, want die zijn er wel degelijk. De afgelopen jaren waren er drie of zelfs vier Nederlandse rensters aan het vertrek van het mondiale tijdritkampioenschap, maar nu mogen er slechts twee oranjevrouwen meedoen. Ellen van Dijk, de wereldkampioene van Firenze (2013), viel aanvankelijk buiten de boot.

Annemiek van Vleuten brak echter haar pols bij een valpartij in de Giro Rosa en zij moest de WK-tijdrit van haar programma schrappen. Hierdoor kan Van Dijk toch in actie komen op het WK tijdrijden. En daar zal ze best blij mee zijn, want op dit parcours mogen we haar zeker tot de potentiële medailleklanten rekenen.

Het parcours is minder zwaar dan dat van het EK, waarop ze haar meerdere moest erkennen in Anna van der Breggen. Een WK-medaille winnen zou een mooie beloning zijn voor de lange revalidatie die ze achter de rug heeft, als gevolg van een valpartij in de Boels Ladies Tour vorig jaar. Goud? Ja, ook dat is mogelijk op een superdag.

De andere Nederlandse in de rit tegen de klok is Anna van der Breggen. De vice-wereldkampioene van de voorbije drie jaar kan terugkijken op een succesvolle maand, met drie aansprekende overwinningen. Het begon met het zware NK rond de VAM-Berg en minder dan 48 uur later later won ze de EK-tijdrit. Enkele dagen geleden sleepte ze haar derde Giro Rosa in de wacht.

AvdB gaf te kennen dat ze zich aan het begin van de negendaagse etappekoers nog niet zo goed voelde. Nadat ze tot eindwinnares was gekroond luidde die boodschap toch anders. “Ik weet dat het met de vorm goed zit”, zei ze na afloop van de Giro Rosa tegen de NOS. Kijk, dat belooft voor het WK! Voor een goede Van der Breggen ligt sowieso een medaille klaar, voor een uitstekende Van der Breggen kan het zomaar eens een dag worden om nooit te vergeten.

Van der Breggen is blij met EK-goud op de tijdrit – foto: Cor Vos

Voor we het vergeten, het draait in de Amerikaanse ploeg niet enkel om Chloé Dygert. Gevaar komt er ook zeker van good old Amber Neben. De intussen 45-jarige reed net als Dygert dit jaar nog geen tijdritten, maar geloof ons als we zeggen dat de diepgelovige Neben de discipline nog altijd beheerst. Kan ze nogmaals uit haar slof schieten en een medaille pakken?

Het lijkt een redelijk onwaarschijnlijk scenario, maar ja, dat dachten we bij de wereldkampioenschappen in Doha ook. En een jaar geleden werd ze knap vierde op het pittige traject in Yorkshire. Nee, het zou stom zijn om Neben bij voorbaat af te schrijven…

Update 23/10: Leah Thomas stond overal vermeld als de derde Amerikaanse aan het vertrek, maar deze subtopper is uiteindelijk vervangen door Lauren Stephens. De 33-jarige Amerikaanse is goed in vorm, want ze won recentelijk de Tour de l’Ardèche, al is dat natuurlijk geen tijdrit. Ze heeft in het verleden al wat tijdritten gewonnen, maar ze is normaliter toch niet van het kaliber Dygert of Van Dijk. Misschien is ze goed voor een plek in de top-5?

De twee Duitse deelneemsters weten net als Stephens dat ze vermoedelijk tekort gaan komen voor goud. Lisa Brennauer is wel een renster die op een topdag nog een medaille moet kunnen pakken. Bij de wereldkampioenschappen baanwielrennen van dit jaar maakte Brennauer indruk door bijna twee seconden onder het wereldrecord van Dygert te rijden.

Het Duitse tijdritkanon had de pech dat de Amerikaanse die dag ook meedeed, en zij deed er nog een schepje bovenop, waardoor Brennauer genoegen moest nemen met zilver. Recentelijk greep Brennauer net naast een medaille bij het EK tijdrijden. Lukt dat bij het WK wel? Gezien de concurrentie wordt dat een pittige opgave, maar voor Brennauer is er op een topdag veel mogelijk.

Brennauer was in 2014 ’s werelds beste tijdrijdster – foto: Cor Vos

Dit geldt in principe ook voor Lisa Klein, al enkele jaren de beoogd troonopvolgster van Brennauer en de nummer vijf van vorig jaar. Voor haar zat er echter niet meer in dan een negende plaats op het EK tijdrijden. Een prestatie die we gerust tegenvallend mogen noemen. Maar misschien was het een eenmalige misser. We moeten een renster met zulke hardijderscapaciteiten het voordeel van de twijfel geven.

Update: Lisa Klein moet het WK noodgedwongen aan zich voorbij laten gaan. De Duitse heeft er reeds enkele dagen met maagklachten opzitten, en daarom heeft ze besloten huiswaarts te keren. Ze wordt vervangen door Mieke Kröger.

Komen we uit bij de derde Duitstalige in deze favorietenlijst: Marlen Reusser. Het verhaal van de Zwitserse is nog relatief onbekend bij het grote publiek, maar ze is zonder twijfel een boeiend figuur. Voor haar wielercarrière deed ze aan hardlopen en de nobele triatlonsport. Verder speelde ze behoorlijk viool, was ze zeer actief bij de Jonge Groenen en tot begin 2019 was ze werkzaam als arts. Ze besloot toen echter vol voor het wielrennen te gaan en sindsdien is ze nog een heel stuk harder gaan rijden.

Bij de Europese Spelen in Minsk boekte ze een overtuigende overwinning en bij het WK eindigde ze op een keurige zesde plaats. Dit jaar was ze op het EK goed voor brons. De eigenzinnige Zwitserse had graag in eigen land meegedaan om de WK-medailles, maar dat zit er vanwege de coronacrisis niet in. In Italië dan maar?

We hebben nog twee plekken over in de lijst, al zijn de voornaamste medailleklanten eigenlijk al wel besproken. Misschien is het nog wel goed om de naam van Vittoria Bussi nog eens te laten vallen. De huidige houdster van het werelduurrecord (een jaar geleden reed ze 48,007 km) kan niet alleen hard fietsen, ze is tevens gepromoveerd wiskundige aan de universiteit van Oxford.

Na het behalen van haar doctoraat besloot Bussi zich in 2016 echter op het fietsen te storten. En niet zonder succes. Een medaille winnen, of zelfs top-5 rijden, is in dit deelnemersveld normaliter te hoog gegrepen, maar wellicht kan ze op eigen bodem de verwachtingen flink overtreffen.

Wat kan Vittoria Bussi in haar thuisland? – foto: Cor Vos

België moet het doen met Ann-Sophie Duyck en Sara Van de Vel, al rekenen we beide dames niet bij de eerste tien favorieten. Duyck, in het verleden al eens vijfde op een WK tegen de klok, komt uit een sportief dal. Ze onderging vorig jaar een operatie aan een vernauwde slagader in haar linkerbeen. Begin september won ze met de testtijdrit Memorial Igor Decraene al wel weer eens, maar het is nog te vroeg om prestaties van haar te verwachten. Ook Van de Vel moeten we de tijd gunnen. Imola wordt voor haar een mooie kans om WK-ervaring op te doen. Wie weet wat er dan in de toekomst mogelijk is…

De laatste plek in deze favorietenlijst kan naar een heel aantal rensters gaan. Maar naar wie? ‘Iene miene mutte’ zou wat dat betreft een goede tactiek zijn, of misschien moet Vader Abraham zich er nog eens over buigen. De Canadese afgevaardigden Leah Kirchmann en Carol-Ann Canuel hebben allebei al eens een mooie uitslag neergezet op het WK tijdrijden en zij zouden dan ook recht kunnen hebben op een sterretje achter hun naam. Kirchmann eindigde in 2018 op een zucht van het podium — laten we haar daarom dan nu het voordeel van de twijfel geven, al kan het zomaar ook de andere kant op vallen.

Dit geldt net zo goed voor Olga Zabelinskaya, al lijken voor de Oezbeekse brommer de jaren toch echt te gaan tellen. Misschien Audrey Cordon-Ragot, de Nieuw-Zeelandse seizoensrevelatie Mikayla Harvey, de Oostenrijkse Anna Kiesenhofer of de Zweedse Lisa Nordén? Ach, voor iedereen in dit lijstje valt wel wat te zeggen. Zo ook voor Alena Amialiusik. De Wit-Russische hoeven we niet op te schrijven voor de top-5, maar desondanks doet de meer dan degelijke Amialiusik al jaren leuk mee in deze discipline.


Favorieten volgens WielerFlits
**** Chloé Dygert
*** Anna van der Breggen, Ellen van Dijk
** Marlen Reusser, Lisa Brennauer, Amber Neben
* Leah Kirchmann, Vittoria Bussi, Lauren Stephens, Alena Amialiusik

Website organisatie
Deelnemerslijst
Starttijden tijdrit voor vrouwen


Weer en TV

In Yorkshire regende het afgelopen jaar pijpenstelen tijdens de tijdrit, Italië lijkt de rensters vooralsnog stukken beter gezind. De temperatuur gaat richting de 28 graden Celsius, maar de regen zal niet van de partij zijn. Ook de wind zal vermoedelijk geen rol van betekenis spelen.

Het WK tijdrijden is live te zien bij de NOS (op NPO1), Sporza (op Eén) en op Eurosport 1. Ook via de diverse online platforms van deze rechthebbenden is de chronoproef te volgen. De televisie-uitzendingen beginnen omstreeks 14.30 uur.


Dit artikel delen:

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.