Zeven bruggen en vijf pontons: dit kan je verwachten op WK-parcours in Hulst
Interview “Het is een parcours dat we nog niet vaak hebben gezien en wat ook de komende jaren niet vaak gaat terugkomen op een WK.” Dat is hoe organisator Bram De Brauwer de omloop in het Zeeuwse Hulst beschrijft, waar komend weekend de wereldkampioenschappen veldrijden op de planning staan. Met vijf pontons over het water en zeven bruggen is het een heel ander parcours dan wat we in Hulst gewend zijn, maar wel eentje waar de spektakelwaarde stevig is toegenomen.
Hulst is natuurlijk een bekende in het veldritwereldje. Tijdens het WK is het al de tiende keer dat aan de iconische vestingwerken – die dateren uit de 16e eeuw – wordt gecrost, al gebeurde dat door de jaren heen op verschillende locaties.
Het WK-parcours is een mix van die omlopen geworden. “We zijn tien jaar geleden begonnen in het centrum van Hulst”, aldus De Brauwer. “Vanaf 2021 konden we toetreden tot de Wereldbeker, maar net dan kwam corona op de proppen. Omdat we zonder publiek moesten organiseren, konden we niet meer in de binnenstad terecht. Dan zijn we vrij snel op de Perkpolder, aan de Westerschelde, neergestreken.”
“We speelden al met het idee om een kampioenschap in Hulst te organiseren, zelf dachten we aan een EK. Maar toen de UCI in 2021 kwam kijken, hebben ze zelf gezegd dat we de ruimte en het parcours hebben om een WK op te zetten. Ze vroegen ons om een kandidatuur in te dienen. Eind 2021 was alles rond. Toen speelden we nog altijd met het idee om in de Perkpolder te organiseren. Alleen is dat een gebied in ontwikkeling, waar best wat bouwwerken aan de gang zijn. Ook de gemeente Hulst was voorstander om het WK naar het centrum te halen. Drie jaar geleden hebben we beslist om aan het bolwerk te organiseren.”
Andere rijrichting, klim en weide extra
Sindsdien ging parcoursbouwer Kurt Vernimmen aan de slag om de beste elementen te combineren. “We hebben sinds vorig jaar de rijrichting omgedraaid en er alles aan gedaan om de doorstroom van het publiek te verbeteren. Dat doen we nu nog beter met een uitgestrekt parcours, met vijf pontons en zeven rennersbruggen. De meest spectaculaire brug is in totaal 200 meter lang en opgebouwd uit twee hoogteniveaus. De renners kunnen hun concurrenten zien rijden als ze elkaar kruisen, ongezien.”

De iconische molen in Hulst aan de vestingwerken – foto: Fotopersburo Cor Vos
Langs het bolwerk rijden de renners naar een nieuw stuk parcours. Het gaat om een vlakke, iets lager gelegen weide die de gemeente Hulst op de kop kon tikken vlakbij het stadspark. “Daar hebben we veel ruimte om onze bijna 5.000 vips neer te zetten. Het is een interessant deel van het parcours, een echt weiland. Als het zwaar regent, kan het daar nog 300 tot 400 meter lopen worden. De voorsprong die renners opbouwen in het snellere, technische stuk kan je daar zo terugnemen als je fysiek de betere renner bent.”
Veel aan de algemene teneur van de omloop die we kennen in Hulst, verandert dat nieuwe stukje volgens de organisator niet. “Ik zou het nog altijd omschrijven als een snelle omloop met best wat intervalstukken.”
Spektakelwaarde
Dat laatste heeft te maken met enkele beklimmingen op het bolwerk, dé feature die Hulst, Hulst maakt. “In totaal hebben we daar twee klimmetjes en even veel afdalingen. Eentje aan de molen, waar ze vroeger naar beneden reden. En een nieuwe aan de andere kant van het bolwerk. Verder heb je nog wat kleine klimmetjes beneden. Die moet je op de juiste manier aansnijden, waardoor techniek cruciaal is.”
Kortom, een omloop met alles erop en eraan. “We hebben heel goed nagedacht over wat we hier zouden neerzetten”, aldus De Brauwer. “We zijn er in geslaagd om de charme van het oude parcours langs de molen te combineren met even veel spektakel in het nieuwe deel. Tegelijk zal alles écht als Hulst aanvoelen. De start-finish locatie en de materiaalposten zijn gewoon behouden. Het was al leuk, maar met die toevoegingen, een arena, de pontons en bruggen is er nu echt overal iets te zien.”


Om te reageren moet je ingelogd zijn.