Voorbeschouwing: Parijs-Roubaix 2026 – Afspraak met de geschiedenis voor Pogacar en Van der Poel
Chaos, gevloek, getier, stofhappen, stuiteren, vallen, opstaan en toch zegevieren: Parijs-Roubaix is een achtbaan van emoties. Een wedstrijd waar de scheidslijn tussen heroïek en drama bijzonder dun is. En net dat maakt L’Enfer du Nord zo hartverscheurend mooi. Maar wie zegeviert er zondag op de iconische wielerbaan van Roubaix? WielerFlits blikt vooruit!
Historie
Laatste winnaars
| Jaar | Winnaar |
|---|---|
| 2026 | |
| 2025 | |
| 2024 | |
| 2023 | |
| 2022 |
Laatste editie
Abram Stockman (Unibet Tietema Rockets), Jasper De Buyst (Lotto), Oier Lazkano (Red Bull-BORA-hansgrohe), Kim Heiduk (INEOS Grenadiers), Rory Townsend (Q36.5), Max Walker (EF Education-EasyPost), Jonas Rutsch (Intermarché-Wanty) en Markus Hoelgaard (Uno-X Mobility): dat waren de vluchters in de openingsuren van de 123ste editie van Parijs-Roubaix.
Deze acht aanvallers maakten aanvankelijk het mooie weer, maar bleken niet opgewassen tegen de vereende krachten in het peloton. Met het afvinken van de kasseistroken, steeg ook de nervositeit tot ongekende hoogte. De eerste plaagstoten werden uitgedeeld door Mads Pedersen en wereldkampioen Tadej Pogacar, maar het was Mathieu van der Poel die met twee verschroeiende versnellingen – telkens net na een kasseistrook – de boel echt uiteen wist te schudden.

Pogacar in het Bos van Wallers – foto: Fotopersburo Cor Vos
Bij zijn tweede, splijtende demarrage bleken slechts vier renners in staat om te volgen: Pogacar, Pedersen, Jasper Philipsen en de verrassende Stefan Bissegger. Op 85 kilometer van de streep hadden we zo een kopgroep van vijf met alle favorieten, met uitzondering van Wout van Aert. De kopman van Visma | Lease a Bike probeerde zich nog wel in koers te knokken, maar het werd al snel duidelijk dat de vijf vooraan het zouden gaan uitvechten om de overwinning.
Terug naar voren, waar de volgende plottwist niet lang op zich liet wachten. Op de strook van Tilloy à Sars-et-Rosières, met nog meer dan zeventig kilometer te gaan, koos Pogacar de aanval. Pedersen ging Bissegger voorbij om naar de wereldkampioen toe te springen, maar reed juist op dat moment lek. Een flinke domper voor de Deen: hij had een nieuw wiel nodig, viel terug in de groep met Van Aert en zag de kop van de koers niet meer terug.
Ondertussen wist Van der Poel als enige de oversteek naar Pogacar te maken. De twee kwamen samen de strook af, waarna Van der Poel niet overnam. Hij had Philipsen immers nog achter zich, die hiervan profiteerde door opnieuw aan te sluiten. Dit bleek niet meer dan een laatste stuiptrekking, want op de iconische keien van Mons-en-Pévèle ging de leeggereden Philipsen definitief overboord, bij een zoveelste versnelling van Pogacar.

foto: Fotopersburo Cor Vos
Waren we dan op weg naar een titanenduel tussen de twee beste klassiekerrenners van het moment? Daar zag het wel even naar uit, maar op de strook van Pont-Thibault à Ennevelin ging een ietwat overmoedige Pogacar zo wild tekeer, dat hij een bocht naar rechts miste. De wereldkampioen reed bijna het publiek in, viel in de berm en moest zijn ketting opnieuw op de fiets leggen.
In de tussentijd was Van der Poel, die de bocht net wat scherper had genomen, wel overeind gebleven. De Nederlander ‘kreeg’ zo twintig seconden en begon aan een solo. Pogacar gaf zich echter niet zomaar gewonnen. Hij kwam zelfs weer wat dichter, maar verloor daarna weer tijd en na een fietswissel op twintig kilometer van de streep was het duel beslecht. Van der Poel bleef stevig doorjassen en liet zich door niks of niemand – ook niet door een onbezonnen bidongooier – tegenhouden.
Van der Poel kwam zo met meer dan een minuut voorsprong aan bij het velodroom, waar hij zijn zege uitgebreid kon vieren. Het was zijn derde opeenvolgende overwinning in de Hel. Pogacar had het zichtbaar moeilijk in de laatste kilometers, maar hield wel stand tegenover de achtervolgers. Zo werd hij na een gedenkwaardig debuut meteen tweede.
Parcours
Organisator ASO brengt weinig significante verschillen aan in het parcours van Parijs-Roubaix 2026. De gehele route is 900 meter korter dan de editie van 2025, maar wel is de middenfase van de koers aangepakt. Na de openingsstrook van Troisvilles (na honderd kilometer koers) heeft de organisatie rondom Briastre een paar kleine wijzigingen doorgevoerd én een klimmetje toegevoegd.
Met de lichte koerswijziging grijpt de organisatie terug naar de blauwdruk van de editie van 2024. “Door de route lichtjes naar het oosten te trekken nabij het dorp Briastre, krijg je nu een situatie dat de eerste vier kasseistroken elkaar heel snel opvolgen”, legt parcoursbouwer Thierry Gouvenou uit. “Er zit amper asfalt tussen die secteurs, waardoor je een ongekende dichtheid van kasseien krijgt.”
De Fransman vervolgt: “Twee jaar geleden begon Alpecin-Deceuninck daar al het peloton in stukken te scheuren. Aan het einde van die stroken hebben we secteur 26 toegevoegd. Dat is een zeldzaam gebruikte kasseistrook met daarin een klimmetje van 800 meter lang.” Daarmee hoopt de ASO op een vroege schifting die outsiders meteen buitenspel zet. Uiteraard zijn het Bos van Wallers, Mons-en-Pévèle en Carrefour de l’Arbre nog altijd de scherprechters.
De renners zullen zich ook dit jaar weer in Compiègne verzamelen voor de start, dat doordrenkt is met (oorlogs)geschiedenis. Wie op de lagere- en middelbare school een beetje heeft opgelet bij geschiedenis, weet dat in een spoorwegrijtuig – dat in het Bos van Compiègne stond – op 11 november 1918 de wapenstilstand werd gesloten waarmee een eind kwam aan de Eerste Wereldoorlog.

De renners banen zich een weg door het Bos van Wallers – fotopersburo: Cor Vos
In deze Franse stad worden de renners dus op gang geschoten voor een helletocht over 259,2 kilometer. Het eerste deel gaat over louter asfaltwegen, want pas na 95,8 kilometer doemen de eerste kasseien op. Het gaat om de driesterrenstrook van Troisvilles naar Inchy. De kasseienstrook van Quiévy naar Saint-Python is met zijn vier sterren zeker de moeite waard, en wellicht een eerste cruciale passage in deze koers.

De alternatieve, veiligere aanloop naar het Bos van Wallers
Maar de wielerharten gaan pas echt sneller kloppen in aanloop naar de ‘strook der stroken’, ofwel de kasseien van de Trouée d’Arenberg, beter bekend als het Bos van Wallers. Deze zo gevreesde secteur van 2.300 meter zorgt al sinds jaar en dag voor chaos, valpartijen en botbreuken, en dus besloot de organisatie in te grijpen. Sinds vorig jaar maken de renners een kleine omweg langs de mijnsite van Arenberg, inclusief vier haakse bochten vlak voor het Bos, om de snelheid af te remmen en de veiligheid te vergroten.
De finale moet daar definitief geopend worden. Nadien wachten nog eens achttien kasseistroken, waarvan twee met vijf sterren. Dat zijn op vijftig kilometer van de finish Mons-en-Pévèle en in volle finale Carrefour de l’Arbre, zo’n 17 kilometer voor de wielerbaan. Dit zijn de zwaarste stroken, maar meer dan eens zal het vooral de opeenvolging zijn van stroken die in de benen gaat kruipen bij de renners.
Na Carrefour de l’Arbre is het zwaarste achter de rug en de verlossing nabij, al volgen nog de stroken van Gruson, Hem en Roubaix, naar de prestigieuze finish op de Vélodrome de Roubaix. Daar draaien de renners op ruim 500 meter van de finish op, wat betekent dat ze dan nog anderhalve ronde rijden op de wielerbaan. De historische bel zal klinken voor de laatste ronde, waarna de winnaar zijn handen in de lucht mag steken en zich onsterfelijk zal wanen.
29. Viesly à Quiévy (nog 156 km) 1.800 m – ***
28. Quiévy à Fontaine au Tertre (nog 153,4 km) 3.700m – ****
27. Viesly à Briastre (nog 147,2 km) 3.000m – ***
26. Briastre (nog 143,4 km) 800m – ***
25. Solesmes à Haussy (nog 134,6 km) 800m – **
24. Saulzoir à Verchain-Maugré (nog 127,8 km) 1.200m – **
23. Verchain-Maugré à Quérénaing (nog 123,4 km) 1.600m – ***
22. Quérénaing à Maing ( nog 120,8 km) 2.500m – ***
21. Maing à Monchaux-sur-Ecaillon (nog 117,6 km) 1.600m – ***
20. Haveluy à Wallers (nog 104,7 km) 2.500m – ****
19. Bos van Wallers (Trouée d’Arenberg) (nog 95,3 km) 2.300m – *****
18. Wallers à Hélesmes (nog 89,2 km) 1.600m – ***
17. Hornaing à Wandignies (nog 82,4 km) 3.700m – ****
16. Warlaing à Brillon (nog 75 km) 2.400 m – ***
15. Tilloy à Sars-et-Rosières (nog 71,5 km) 2.400m – ****
14. Beuvry à Orchies (nog 65,1 km) 1,400m – ***
13. Orchies (nog 60,1 km) 1.700m – ***
12. Auchy-lez-Orchies à Bersée (nog 54 km) 2.700m – ****
11. Mons-en-Pévèle (nog 48,6 km) 3.000m – *****
10. Mérignies à Avelin (nog 42,6 km) 700m – **
9. Pont-Thibault à Ennevelin (nog 39,2 km) 1.400m – ***
8a. Templeuve – L’Epinette (nog 33,8 km) 200m – *
8b. Templeuve – Moulin-de-Vertain (nog 33,2 km) 500m – **
7. Cysoing à Bourghelles (nog 26,8 km) 1.300m – ***
6. Bourghelles à Wannehain (nog 24,3 km) 1.100m – ***
5. Camphin-en-Pévèle (nog 19,9 km) 1.800m – ****
4. Carrefour de l’Arbre (nog 17,1 km) 2.100m – *****
3. Gruson (nog 14,8 km) 1.100m – **
2. Willems à Hem (nog 8,1 km) 1.400m – **
1. Roubaix (nog 1,4 km) 300m – *
Paris-Roubaix
Favorieten
Parijs-Roubaix is niet zomaar een wielerwedstrijd. De kasseien in Noord-Frankrijk zijn niet zomaar kasseien. De historie van de ‘Hel van het Noorden’ is niet zomaar een historie. Het is veel meer dan dat. Elk jaar wordt weer geschiedenis geschreven op de Vélodrôme van Roubaix. Maar wat maakt de ‘Hel van het Noorden’ – ondanks al zijn gevaren en gebreken – nu zo’n mooie wedstrijd?
De woorden van oud-wielrenner Theo de Rooij zeggen misschien wel alles. De Nederlander wist zich in de editie van 1985 in een veelbelovende positie te manoeuvreren, maar zag zijn winstkansen door een val in rook opgaan. Na de race ving het Amerikaanse CBS hem op voor een reactie en die liet weinig aan de verbeelding over. “Deze koers, het is onzin! Je slooft je uit als een beest, hebt geen tijd om te pissen, plast in je broek, koerst door, zo door de modder en glijdt dan uit. Het is een hoop stront! Of ik hem opnieuw wil rijden? Natuurlijk, het is de mooiste wedstrijd ter wereld!”

Tadej Pogacar – foto: Fotopersburo Cor Vos
Er zijn twee renners die zondag een stukje wielergeschiedenis kunnen schrijven. Tadej Pogacar is er daar één van. De Sloveen kan – na eerdere zeges in Milaan-San Remo, Ronde van Vlaanderen, Luik-Bastenaken-Luik en de Ronde van Lombardije – zijn bingokaart aan monumentale overwinningen afvinken. In de wielergeschiedenis gingen slechts drie renners hem voor, met Rik Van Looy, Eddy Merckx en Roger De Vlaeminck. Er staat kortom het nodige op het spel voor Pogacar, maar kan de wereldkampioen op het moment suprême ook toeslaan?
Van alle wielermonumenten, is Parijs-Roubaix wel de moeilijkste wedstrijd om te winnen. Er is het parcours dat hem misschien niet op het lijf is geschreven, maar Pogacar moet ook zien af te rekenen met de ijzersterke tegenstand en een minstens zo grote vijand: pech. In L’Enfer du Nord zit een ongeluk in een klein hoekje, is een lekke band, stuurbreuk of valpartij nooit ver weg. Aan de andere kant moeten we benadrukken dat Pogacar bij zijn debuut in 2025 meteen tweede werd, nadat hij zijn kansen op winst door een schuiver in rook zag opgaan.
We doen er dus goed aan om de kopman van UAE Emirates XRG met stip te noteren voor de overwinning; een op revanche beluste Pogacar is misschien nog wel gevaarlijker. De tegenstand kan zijn borst natmaken, in de wetenschap dat zijn ploeg – althans, dat verwachten we toch – bijzonder sterk voor de dag zal komen. Welke andere formatie kan nu renners van het kaliber Nils Politt (al eens tweede en vierde in Roubaix) en Florian Vermeersch uitspelen? Vermeersch is een zeer interessante pion, die als schaduwkopman eventueel kan profiteren van een status quo tussen de topfavorieten.
Wie ook een afspraak heeft met de geschiedenis, is Mathieu van der Poel. De Nederlander jaagt niet zoals Pogacar op die nog ontbrekende monumentale zege – hij won in zijn carrière ‘slechts’ drie van de vijf monumenten, maar Van der Poel kan met een vierde overwinning wel mederecordhouder worden in Roubaix, naast Roger De Vlaeminck (1972, 1974, 1975 en 1977) en Tom Boonen (2005, 2008, 2009 en 2012). Als we afgaan op zijn voorjaarcampagne, dan lijkt de renner van Alpecin-Premier Tech klaar om zich in dit illustere rijtje te fietsen.
Op basis van zijn intrinsieke kwaliteiten, stuurmanskunsten en track record – Van der Poel won de voorbije drie edities van de helleklassieker – moeten we hem eigenlijk tot topfavoriet bombarderen. Dan gaan we echter wel voorbij aan het feit dat hij in de voorbije twee monumenten zijn meerdere moest erkennen in Pogacar. Die laatste lijkt nóg beter te zijn geworden in vergelijking met voorgaande jaren en was vorig seizoen al de grootste uitdager van Van der Poel op weg naar Roubaix. De twee tenoren waren toen aan elkaar gewaagd, tot Pogacar onderuit ging in een bocht.
Zien we komende zondag weer dezelfde waardeverhoudingen, of doet Van der Poel er goed aan om het over een andere, meer tactische boeg te gooien en nog meer te rekenen op zijn ploeggenoot Jasper Philipsen? We kennen de Belg als topsprinter, maar vergeet niet dat hij ook een uitmuntend klassiekerrenner is, met een voorliefde voor Parijs-Roubaix. Dat hij deze wedstrijd als geen ander aankan, bewees hij al in 2023 en 2024. Van der Poel zette deze edities op indrukwekkende wijze naar zijn hand, maar Philipsen werd in zijn schaduw telkens tweede.

Wout van Aert – foto: Fotopersburo Cor Vos
Nu we toch zijn aanbeland bij de Belgische kanshebbers: wielerminnend Vlaanderen zal de nodige schietgebedjes prevelen voor Wout van Aert. Voor de Vlaamse volksheld breekt nu misschien wel de belangrijkste dag van zijn wielerseizoen aan. De renner van Visma | Lease a Bike maakt er geen geheim van dat Parijs-Roubaix zijn droomkoers is. De wedstrijd leunt ook wel het dichtst aan tegen zijn kwaliteiten. Waar het in de Ronde van Vlaanderen draait om explosiviteit, is dit veel meer een koers voor krachtpatsers die beschikken over de nodige PK’s.
Kortom, Van Aert vindt tussen Compiègne en Roubaix een parcours naar zijn mogelijkheden, maar voorlopig moeten we spreken van een stormachtig huwelijk. Hij mocht de voorbije jaren al twee keer het podium (2e in 2022 en 3e in 2023) beklimmen, maar de Kempenaar werd ook regelmatig getroffen door pech. Vallen zondag alle kasseistukjes eindelijk eens in elkaar? Over zijn vorm hoeven we niet te twijfelen. En met erkende kasseivreters als Christophe Laporte en Per Strand Hagenes in steun, lijkt de Visma-ploeg klaar om Van Aert naar een verlossende zege te loodsen.

Mads Pedersen – foto: Fotopersburo Cor Vos
Van Aert zal wel op zijn hoede zijn voor Mads Pedersen, die hem in de voorbije edities telkens te snel af was op de wielerbaan van Roubaix. Ga niet met de oersterke Deen naar de streep, want dan heb je een probleem, maar beschikt de renner van Lidl-Trek weer over het vormpeil om topfavorieten Pogacar, Van der Poel en Van Aert het vuur aan de schenen te leggen? Door een valpartij in de Ronde van Valencia viel zijn voorjaar voor een deel in duigen, en voerde hij een race tegen de klok om überhaupt op tijd fit te geraken voor ‘zijn’ klassiekers.
Pedersen wist zich wonderwel op tijd klaar te stomen voor de belangrijkste eendagskoersen, maar is sindsdien wel op zoek naar zijn allerbeste benen. Er waren toptienklasseringen in Milaan-San Remo, E3 Saxo Classic en de Ronde van Vlaanderen, maar echt meestrijden om de overwinning zat er (nog) niet in voor de ex-wereldkampioen. Zien we zondag wel weer de allerbeste Pedersen aan het werk? Dat is nog maar de vraag, maar we mogen hem nooit en te nimmer uitvlakken, zeker niet in een wedstrijd die hem als gegoten ligt.

Filippo Ganna – foto: Fotopersburo Cor Vos
De laatste jaren is Parijs-Roubaix het strijdtoneel van de toppers en zien we geen verrassende winnaars meer, maar als we iets verder teruggaan in de tijd, zien we dat de wedstrijd zich ook leent voor onvoorspelbare koersscenario’s en ditto uitkomsten. Wie had in 2011 nu rekening gehouden met een zege van Johan Vansummeren? Of van good old Mathhew Hayman in 2016? En de overwinning van Sonny Colbrelli in 2021 stond nu ook niet in de wielersterren geschreven. Wat we hiermee willen aangeven: outsiders mogen altijd dromen in Parijs-Roubaix.
Nu doen we Filippo Ganna tekort met de kwalificatie van outsider, maar de Italiaan kan misschien wel profiteren van het feit dat alle aandacht zal uitgaan naar Pogacar, Van der Poel en Van Aert. De tempobeul van INEOS Grenadiers droomt al jaren van winst in Roubaix, moet met zijn kwaliteiten ver kunnen komen en heeft zich echt tot in de puntjes voorbereid op de Franse klassieker. De winnaar van Dwars door Vlaanderen besloot er zelfs de Ronde voor te skippen. Dat wil toch iets zeggen over zijn ambities voor komende zondag!
In Parijs-Roubaix zien we steevast een hevige strijd om de vroege vlucht. De geschiedenis leert ons immers dat een ontsnapping erg ver kan reiken. Daan Hoole is nu zo’n renner die wel eens zou kunnen anticiperen, om zo een aanval van een van de tenoren voor te zijn. Net als zijn Zwitserse Decathlon-ploegmaat Stefan Bissegger, nog zo’n sterke hardrijder die niet snel zal stilvallen. Datzelfde geldt voor Alec Segaert en Matej Mohoric (Bahrain Victorious), Joshua Tarling (INEOS Grenadiers), Jonas Abrahamsen (Uno-X Mobility) en Dries De Bondt (Jayco AlUla).

Mick (rechts) en Tim van Dijke – foto: fotopersburo Cor Vos
We houden ook rekening met de tweelingbroers Mick en Tim van Dijke, die zich twee jaar geleden al wisten te onderscheiden in de finale. Red Bull-BORA-hansgrohe heeft nog meer ijzers in het vuur met Gianni Vermeersch, Laurence Pithie, Jordi Meeus en… Remco Evenepoel? Na zijn succesvolle debuut in de Ronde van Vlaanderen hield Evenepoel de deur naar deelname nog op een kier, maar die blijft – voor nu – dicht.
Soudal Quick-Step rekent dan weer op oud-winnaar Dylan van Baarle en Jasper Stuyven, terwijl een andere ex-winnaar – John Degenkolb – de vooruitgeschoven pion is bij Picnic PostNL. Tot slot noteren we de namen van Luca Mozzato (Tudor), Arnaud De Lie (Lotto-Intermarché), Davide Ballerini, Mike Teunissen (XDS Astana), Kasper Asgreen (EF Education-EasyPost) en Lukas Kubis (Unibet Rose Rockets).
Weer en TV
Het is elk wielerseizoen weer een terugkerende vraag: krijgen we een natte Parijs-Roubaix? Meestal blijft het droog, maar dit jaar verwacht Weeronline wel wat regen voorafgaande en tijdens de wedstrijd. Al zal het waarschijnlijk ook weer geen gigantisch modderfestijn worden zoals in 2021.
Bij een matige noordwestenwind (3 Beaufort) wordt het ’s middags ongeveer 15 graden. Deze wind staat op een groot deel van het parcours schuin tegen en op een aantal kasseistroken in de laatste 100 kilometer zelfs vol tegen.
Voor wie niks wil missen van de actie, is er goed nieuws: Eurosport 1 en HBO Max zenden de wedstrijd vanaf het begin uit. Sporza en de NOS schakelen ’s middags in. Bekijk alle tv-zenders en uitzendtijden in onze tv-gids Wielrennen op TV.




Om te reageren moet je ingelogd zijn.