EK wielrennen 2022: Voorbeschouwing wegwedstrijd mannen

zondag 14 augustus 2022 om 08:30
EK wielrennen 2022: Voorbeschouwing wegwedstrijd mannen

foto: Cor Vos

Het Europees kampioenschap wielrennen vindt komend weekend plaats in Duitsland, in München om precies te zijn. De wit-blauwe trui met de sterren was het afgelopen jaar in handen van Sonny Colbrelli, maar de laatste maanden kon hij die vanwege hartproblemen niet meer laten zien. Wie wordt zijn opvolger in München? De kans is groot dat het een sprinter wordt. WielerFlits blikt vooruit op het parcours en de favorieten.

Historie

Voor het eerste Europese kampioenschap op de weg voor elite-mannen moeten we niet ver terug in de tijd. De junioren, beloften en vrouwen betraden al langer het strijdtoneel voor de Europese sterrentrui, maar de elite-renners doen dat pas sinds 2016. Dat jaar moest het EK eigenlijk plaatsvinden in de badplaats Nice, aan de Franse Côte d’Azur. Omdat na een terroristische aanslag de veiligheid niet kon worden gewaarborgd, werd uitgeweken naar Plumelec in Bretagne.

Met Peter Sagan kreeg het EK voor elite-renners een klinkende eerste naam op de erelijst. Later dat jaar maakte initiator UEC bekend dat het volgende EK wielrennen in het Deense Herning zou worden gehouden, op een parcours met kansen voor sprinters. Het was Alexander Kristoff die het daar haalde. In 2018 trok het circus naar het Schotse Glasgow, waar het EK wielrennen onderdeel was van een multisportevenement van zeven sporten. Na 230,4 kilometer kroonde Matteo Trentin zich tot de derde Europese kampioen bij de elite-renners, voor Mathieu van der Poel en Wout van Aert.

Titanenstrijd in de regen van Glasgow – foto: Cor Vos

Vanaf 2019 besloot de UEC de koersen op het EK voortaan korter te laten zijn, om de wedstrijden voor zowel publiek als media aantrekkelijker te maken. Het parcours voor de elite-mannen mocht ‘nog maar’ tussen de 150 en 180 kilometer bedragen. Het eerste EK ‘nieuwe stijl’ werd verreden in Nederland, in het Noord-Hollandse Alkmaar en daar kroonde Elia Viviani zich tot kampioen. Een jaar later volgde de derde Italiaanse zege op rij, toen Giacomo Nizzolo een massasprint wist te winnen in Plouay.

Laatste winnaars EK wielrennen voor mannen
2021: flag-it Sonny Colbrelli
2020: flag-it Giacomo Nizzolo
2019: flag-it Elia Viviani
2018: flag-it Matteo Trentin
2017: flag-no Alexander Kristoff
2016: flag-sk Peter Sagan


Vorig jaar

De grote landen mengden zich al vroeg in de openingsfase van de EK-wegwedstrijd vorig jaar en dat was de inleiding van een groot slagveld in Trentino. De vroege kopgroep kreeg er bijval van onder meer Thibaut Pinot, Andrea Bagioli, David De la Cruz, Mikel Landa en Gorka Izagirre, terwijl ook topfavoriet Remco Evenepoel zich toonde. In de afdaling van de Monte Bondone wist hij de aansluiting te maken met de kopgroep, samen met onder meer Matteo Trentin, Marc Hirschi, Diego Ulissi en Victor Campenaerts.

Zes rondes voor het einde was het Romain Bardet die versnelde op de klim, maar Campenaerts counterde die aanval. De tijdrijder ontsnapte even later met Mark Padun, Markus Hoelgaard, Matteo Trentin en Tadej Pogačar. Reden voor Frankrijk om te achtervolgen en 60 kilometer voor de meet de koers uit elkaar te laten spatten.

Remco Evenepoel maakte de koers hard – foto: Cor Vos

Evenepoel, Benoît Cosnefroy, Sonny Colbrelli, Ben Hermans, Hirschi en Pavel Sivakov sloten aan bij Pogačar, Trentin en Hoelgaard. Daarachter hadden Bardet, João Almeida en Padun de slag gemist, evenals een groep met Bauke Mollema.

Vooraan was het Hermans die het tempo bepaalde, en mede door het stoorwerk van de geloste Campenaerts en Dewulf in de achtervolgende groep (met daarin Mollema, Almaida en Bardet) groeide de voorsprong verder en verder. De winnaar moesten we dus vooraan zoeken. Het was Sivakov die op de voorlaatste Povo-klim een aanval plaatste, maar de tegenaanval van Evenepoel had meer effect. Alleen Cosnefroy en Colbrelli geraakten met de Belgische topfavoriet over de top.

In de laatste omloop legde Evenepoel een snoeihard tempo op, dat te veel was voor Cosnefroy. De Fransman werd 11 kilometer voor de meet keihard uit het wiel gereden. Op de Povo zette Evenepoel nog een keer aan, maar een taaie Colbrelli verbeet de pijn. Evenepoel moest het daardoor tactisch zien op te lossen tegen de rappe Italiaan. Dat lukte niet. Evenepoel nam, weliswaar zichtbaar geïrriteerd, de Italiaan mee naar de laatste kilometer en werd daar met overmacht geklopt in de sprint.

In de sprint was Colbrelli een maatje te groot voor Evenepoel – foto: Cor Vos

Uitslag EK wielrennen 2021
1. flag-it Sonny Colbrelli (Italië) in 4u19m45s
2. flag-be Remco Evenepoel (België) in z.t.
3. flag-fr Benoît Cosnefroy (Frankrijk) op 1m30s
4. flag-it Matteo Trentin (Italië) op 1m44s
5. flag-si Tadej Pogačar (Slovenië) op 1m44s
Lees hier het wedstrijdverslag


Parcours

Voor het eerst in drie jaar is het EK wielrennen voor elite mannen weer langer dan 200 kilometer. Na Alkmaar (172 km), Plouay (177 km) en Trento (179 km) krijgen de renners in Beieren een parcours van 209,4 kilometer voorgeschoteld. Als startplaats voor de wegwedstrijd is Murnau am Staffelsee aangewezen, een kleine plaats in het Landkreis Garmisch-Partenkirchen ten zuidwesten van München. Er wonen ruim 12.000 mensen. In vergelijking: München heeft ruim 120 keer zoveel inwoners.

Het wielrennen is overigens, net als in 2018 in Glasgow, onderdeel van een ‘Super-EK’ in München. Naast de Europese titels op de fiets, worden ook EK’s afgewerkt in het atletiek, beachvolleybal, kanovaren, turnen, roeien, sportklimmen, tafeltennis en het triatlon. En dat allemaal in één stad. Een mini-Olympische Spelen dus.

Het Europees kampioenschap wordt gezien als een sprinterskoers, maar vroeg in de wedstrijd liggen wel de nodige hoogtemeters. Zo ligt al na 17 kilometer koers de Kesselberg op het traject, een klim van 5,1 kilometer aan 4,9%. Kort na de top van de Kesselberg passeren de renners ook nog Walchensee, wat met 862 meter boven zeeniveau het hoogste punt van de dag is. Niet lang daarna, vanaf Jachenau, volgt een lange strook in licht dalende lijn.

Het tweede serieuze klimmetje van de dag volgt na ruim 90 kilometer koers. Daar is de Eurasburg-klim gelegen van 1 kilometer aan gemiddeld 10,4%. Een pittige muur, maar die ligt waarschijnlijk te ver van de finish om onderscheidend te zijn voor de sprinters. Vanaf daar is het nog veertig kilometer, waarvan meer dan de helft licht glooiend, tot het lokale circuit in het centrum van München. Na het opdraaien van dat rondje is het negen kilometer tot de eerste passage aan de finish.

Wat dan nog volgt zijn vijf rondjes over een plaatselijke ronde van 13 kilometer lang in München. Dat circuit is behoorlijk technisch, met zeker 18 (meer dan) haakse bochten en enkele verraderlijke passages. De renners rijden rond de oude stad en onder meer over het evenemententerrein Theresienwiese, daar waar jaarlijks het Oktoberfest gehouden wordt.

De tweede helft van het lokale parcours verdient extra aandacht. Zo rijden de renners eerst ónder de finish door, bij een passage door de Altstadtring-Tunnel. Deze tunnelpassage is ongeveer een kilometer lang en voert de renners richting de Luitpoldbrücke, waarna een ommetje (met de nodige links-rechts-combinaties) gemaakt wordt rond het monument van de Friedensengel. Vanaf daar gaat het weer terug over de Luitpoldbrücke.

Dit keer laten ze de tunnel links liggen, om op een kleine twee kilometer van de finish al de finishstraat op te draaien. In tegengestelde richting weliswaar. Het peloton passeert de staatsbibliotheek en maakt vaart richting de Siegestor, eentje die gelijkenissen toont met de Arc de Triomphe. De 180-gradenbocht rond die poort is erg smal en zal dus voor veel gedrang zorgen. Vanaf daar is het namelijk nog 1 kilometer tot de finish, die vlak voor de Odeonsplatz gelegen is. Een koninklijke massasprint ligt in de lijn der verwachting…

Zondag 14 augustus, EK wielrennen: Murnau am Staffelsee – München (209,4 km)
Start: 10.15 uur
Finish: tussen 15.25 en 15.55 uur


Favorieten

Een ding is zeker, Sonny Colbrelli zal zijn Europese titel niet verdedigen. De Italiaan kreeg in maart te maken met hartproblemen in de Ronde van Catalonië, waarna hij geopereerd moest worden. Inmiddels heeft hij een defibrilator en kan hij alweer fietsen, maar van een rentree is voorlopig nog geen sprake. Wel liet Colbrelli zijn gezicht zien in onder meer de Giro d’Italia.

Giacomo Nizzolo in de Europese kampioenstrui – foto: Cor Vos

De Italiaanse selectie heeft wel een eer om hoog te houden. Het EK zouden we namelijk ook kunnen omdopen tot het Open Italiaans kampioenschap, aangezien de laatste vier gouden medailles gingen naar achtereenvolgens Matteo Trentin, Elia Viviani, Giacomo Nizzolo en dus Sonny Colbrelli. Kijkend naar de sprinters in de Italiaanse ploeg, vallen onze ogen meteen op oud-winnaar Giacomo Nizzolo en Alberto Dainese. Nizzolo won onlangs nog een rit in de Vuelta a Castilla y Leon, maar kwam in het Circuit Franco-Belge afgelopen week wel hard ten val, terwijl Dainese opviel met ritwinst in de voorbije Giro. Daar, en later in de Tour, sprokkelde hij ook ereplaatsen.

Met de steun zit het ook wel goed, want onder meer wereldkampioen tijdrijden Filippo Ganna zal de wegrit op het EK betwisten. Daarnaast zijn rappe mannen als Matteo Trentin, Jonathan Milan, Luca Mozzato en Jacopo Guarnieri van de partij. Milan en Guarnieri weten wat het is om een lead-out te doen.

Fabio Jakobsen bij zijn ritzege in de Tour de France – foto: Cor Vos

Voor de topfavorieten moeten we kijken naar de Lage Landen, te beginnen met Nederland. Daar is Fabio Jakobsen aangewezen als de absolute kopman voor het Europees kampioenschap. De spurter van Quick-Step-Alpha Vinyl won dit jaar al elf keer, met als hoogtepunt zijn ritwinst in de Tour de France in het Deense Nyborg. Jakobsen krijgt al het vertrouwen en heeft Danny van Poppel, dit jaar officieel lead-out bij BORA-hansgrohe, als laatste helper. In noodgevallen kan Van Poppel ook zelf sprinten, heeft hij meermaals bewezen dit seizoen.

Ook Nederlands kampioen Pascal Eenkhoorn en hardrijders Nils Eekhoff, Elmar Reinders, Jos van Emden, Daan Hoole en Jan Maas doen mee namens de KNWU-selectie, die geleid wordt door ‘bondsKoos’ Moerenhout.

De grootste concurrent voor Jakobsen lijkt zijn aankomende ploeggenoot te worden: Tim Merlier. Volgend seizoen zijn ze teammaats bij Quick-Step-Alpha Vinyl, maar in München de grootste uitdagers van elkaar. Merlier wacht nog op zijn eerste overwinning sinds hij voor de tweede keer in zijn carrière Belgisch kampioen werd. De Tour de France kon hij namelijk niet rijden; Jasper Philipsen stelde niet teleur. Merlier is in voorbereiding op de Vuelta-start in Nederland en zal dus graag zijn vorm willen testen in Duitsland. Wel staat hij voor een dilemma: bij winst zal hij de Belgische driekleur voorlopig niet meer dragen, omdat een Europese kampioenstrui voorrang krijgt.

Ruilt Tim Merlier zijn Belgische trui in voor de Europese trui? – foto: Cor Vos

De steun voor Merlier is niet mis, met onder meer Edward Theuns en Bert Van Lerberghe als loodsen in de finale. Yves Lampaert moest zich afmelden vanwege ziekte en ook zijn vervanger Jens Keukeleire kan niet starten, waardoor de selectie nu verder bestaat uit Dries De Bondt, Rune Herregodts, en Dries Van Gestel. Stuk voor stuk hardrijders die Merlier door de biergartens moeten leiden.

Vanuit Scandinavische hoek is het interessant om te kijken naar Noorwegen, waar Alexander Kristoff de rappe man is. In 2017 wist hij het tweede Europese kampioenschap bij de elite mannen te winnen, dat deed hij in Herning. Dit seizoen wil het voor de Beer van Stavanger nog niet vaak lukken in pure massasprints. In de Tour bleef het bij enkele ereplaatsen, maar toch staat zijn teller al op vier in 2022. Afgelopen week werd Kristoff nog knap derde in de Tour of Leuven en wist hij een zware Circuit Franco-Belge te winnen.

“Het parcours past mij niet zo goed. Ik verwacht een massasprint met een grotere groep en er zijn snellere renners…”, keek Kristoff vooruit. Onder meer Rasmus Tiller en Anders Skaarseth rijden in zijn dienst. Wat wel in het voordeel van Kristoff spreekt, is dat hij een echte kampioenschapsrenner is. Hij won dus al een EK en werd al eens vierde, terwijl hij op het WK wielrennen al vijf keer bij de beste acht eindigde. Zijn beste uitslag behaalde Kristoff in 2017 op het WK in Bergen, toen hij zilver won.

foto: Cor Vos

De Deense hoop is gevestigd op Mads Pedersen. Een goede sprinter, maar zijn grootste zege van dit seizoen behaalde hij vanuit een vlucht. Dat toont aan dat Pedersen meer is dan alleen een sprinter. Hij zal baat hebben bij een zware koers, maar weet ook dat hij het in een pure sprint moet afleggen tegen mannen als Jakobsen en Merlier. Wel weet de klassiekercoureur wat winnen is, want hij heeft al zes keer mogen juichen dit jaar. Een groot voordeel heeft Pedersen wel, want de ervaren Michael Mørkøv doet ook mee en hij wordt gezien als de beste lead-out ter wereld. Daar kan Fabio Jakobsen alles over vertellen. Ook Mikkel Bjerg, Lasse Norman Hansen en Mikkel Honoré zijn erbij.

Jetzt geht’s los! Met die instelling zal de Duitse selectie de wei in gestuurd worden in eigen land. Genoeg rappe mannen aan het vertrek, met Phil Bauhaus en Pascal Ackermann als vooruitgeschoven pionnen. Allebei wisten ze recent nog te winnen. Bauhaus won een rit in de Ronde van Polen en was eerder dit jaar zegezeker in Tirreno-Adriatico. Ackermann won eveneens een sprintetappe in Polen en schreef dit voorjaar de Bredene Koksijde Classic op zijn naam. Aan hardrijders geen gebrek voor de twee, want met John Degenkolb, Roger Kluge, Michael Schwarzmann, Nico Denz, Nils Politt en Alexander Krieger stelt de thuisploeg een deftig team op.

De Franse driekleur stond Démare goed, grijpt hij nu de Europese trui? – foto: Cor Vos

Ook de Fransen hebben besloten om hun kansen te spreiden. Met veel improvisatie kan je zeggen dat Les Bleus maar liefst zeven sprinter hebben opgesteld. Arnaud Démare en Bryan Coquard lijken toch wel de kopmannen te zijn, maar ook Hugo Hofstetter, Rudy Barbier en Jérémy Lecroq weten wat het is om korte uitslagen te rijden. Thomas Boudat en Clément Russo doen dat op een blauwe maandag ook, maar zullen vooral als werkpaarden ingezet worden. Datzelfde geldt voor Dorian Godon. Een snelle equipe voor de Fransen dus, waarvan het afwachten is wie de vooruitgeschoven pion gaat zijn. Wij mikken op Démare.

Spanje is nooit echt een sprintland geweest, als we Óscar Freire niet als pure sprinter beschouwen. Voor dit EK is het dan ook zoeken naar kanshebbers binnen de Spaanse armada. Jon Aberasturi en Iván Garcia lijken de meest geschikte kandidaten voor een leuke ereplaats. Winnen? Dat lijkt te moeilijk. Ook voor Sam Bennett geldt dat. De kopman van de Ierse ploeg kent een kwakkelseizoen bij BORA-hansgrohe, met een positieve uitschieter in Eschborn-Frankfurt. Niet voor niets werd hij thuisgelaten voor de Tour. In de Ronde van Polen wilde het ook niet lukken, waardoor er geen indicatie is dat Bennett hier op het EK opeens gaat winnen. Verrassen mag hij ons altijd.

De definitieve startlijst is op het moment van publiceren nog niet bekend. Het kan zijn dat er later nog aanpassingen doorgevoerd worden.


Favorieten volgens WielerFlits:

Website organisatie
Deelnemerslijst (WielerFlits)


Weer en TV

De weersverwachting ziet er dit weekend zonnig uit in München en omstreken. De zon schijnt zondag bij de wegwedstrijd voor mannen volop en het blijft droog, laat Weeronline ons weten. De temperatuur ligt tussen 27 en 30 graden en er staat over het algemeen weinig wind.

De EK-wegwedstrijd is live te zien bij de NOS (NPO1) en Sporza (Eén). Vanaf 10.15 uur zijn er uitzendingen op tv en online, waarbij het wielrennen ruim de aandacht krijgt. Aangezien er in meer sporten Europese kampioenschappen zijn in München, wordt er ook geschakeld met andere sporten. Op Eurosport 1, de online Eurosport Player en GCN+ is de koers van start tot finish te zien.


Dit artikel delen:

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.

Populair

Headlines

Materiaalzone