Volop kansen voor Wout van Aert en Mathieu van der Poel in eerste Tourweek

Volop kansen voor Wout van Aert en Mathieu van der Poel in eerste Tourweek

foto: Cor Vos

vrijdag 15 oktober 2021 om 16:00
Analyse

Mathieu van der Poel en Wout van Aert zullen vanaf hun vakantieadres met een grijns van tevredenheid naar de presentatie van de Tour de France 2022 hebben gekeken. De openingsweek biedt immers volop kansen voor de twee wielervedettes.

Zes aankomsten bergop, twee tijdritten, een kasseienrit en amper een handvol kansen voor de sprinters. Dat is het parcours van de Tour de France 2022 in een notendop. Als we ons beperken tot de eerste Tourweek zien we vooral veel kansen Van der Poel en Van Aert.

Waar Van der Poel al een kruisje kan zetten achter het dragen van de gele leiderstrui, staat bij Van Aert deze mijlpaal nog open. Dit jaar kreeg hij al een paar kansen, maar hij greep er telkens naast. En na rit 8 verloor hij definitief zijn zicht op de leiderstrui, toen Tadej Pogačar een eerste tik uitdeelde in de etappe naar Le Grand-Bornand.

Mathieu van der Poel in de gele trui – foto: Cor Vos

In de Tour de France van 2022 krijgt de kopman van Jumbo-Visma zowaar een nog grotere kans om zijn gele droom te verwezenlijken. De Tour begint volgend jaar namelijk met een individuele tijdrit door het centrum van Kopenhagen. Natuurlijk, er zullen kapers op de kust zijn. Maar met een lengte van dertien kilometer speelt ook explosiviteit een rol. Een kwaliteit in het voordeel van Van Aert ten opzichte van andere tijdrijders pur sang als Filippo Ganna en Rohan Dennis.

Waaiers
Mocht het Van Aert en zelfs Van der Poel – die blijkens zijn prestaties in de eerste Tourtijdrit van dit jaar ook niet onderschat mag worden – niet lukken, dan volgen in de eerste week nog meer kansen. De twee vlakke ritten langs de kustlijn van Denemarken zijn op papier uitgelezen kansen voor massasprints, maar Kasper Asgreen, die de kans krijgt over zijn thuiswegen te rijden, hintte al op mogelijke waaiervorming. Laat ook dat een specialiteit zijn die Van Aert en Van der Poel beheersen.

Na een verplaatsing en een rustdag op maandag, hervat de Tour op dinsdag met een 172 kilometer lange rit tussen Duinkerke en Calais. Tourdirecteur Prudhomme omschrijft het als een klassiekerwaardige etappe met heuvels die qua profiel lijken op die uit de Vlaamse Ardennen, waaronder de Kasselberg, die we goed kennen uit de Vierdaagse van Duinkerke. Andermaal terrein waar beide mannen gelukkig van worden.

Van Aert won al in die regio Gent-Wevelgem – foto: Cor Vos

Kasseien
Op dag 5 wacht de volgende grote kans, wanneer de kasseien van Noord-Frankrijk bezocht worden. Om de zoveel jaar dropt de Franse parcoursbouwer een aantal kasseistroken in het parcours. Volgend jaar zijn dat maar liefst elf, goed voor een totale lengte van 19,4 kilometer. De organisatie heeft overigens vooral voor onbekende stroken gekozen die we niet kennen uit de Hel van het Noorden.

Het behoeft weinig uitleg dat zowel Van Aert als Van der Poel (begin deze maand nog derde in de echte Parijs-Roubaix) hier extra in het voordeel zijn. Zeker in de wetenschap dat slechts een beperkt deel van het Tourpeloton gemaakt is voor kasseien. Overigens de laatste keer dat er een Roubaixrit in de Tour zat, was in 2018 (rit 9 gewonnen door John Degenkolb), wat betekent dat tweevoudig eindwinnaar Tadej Pogačar op dit terrein nog niet werd getest.

Wanneer een van de twee al in Denemarken de gele trui pakt, heeft die een reële kans het shirt een week lang vast te houden. Ook de heuvelop aankomst in Longwy (rit 6) hoeven ze – net als Julian Alapahilippe – niet te vrezen. Nog beter: ze zijn beiden kanshebber op het klimmetje van de Côte des Religieuses (1,6 km. Aan 5,8%). Pas een dag later zijn de klassementsmannen voor het eerst aan zet, als – tien jaar na de vuurdoop – de Tour voor de vierde keer aankomt op La Planche des Belles Filles.

Dit artikel delen:

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.