Tour 2021: Voorbeschouwing favorieten algemeen klassement

Tour 2021: Voorbeschouwing favorieten algemeen klassement

foto: Cor Vos

Door Youri IJnsen & Koen Middendorp
zaterdag 26 juni 2021 om 06:00

In de laatste aflevering van onze serie voorbeschouwingen voor de Tour de France 2021 kijken we uiteraard naar de kanshebbers op de gele trui. Wie is nu de grote favoriet voor de eindzege in de komende Ronde van Frankrijk? WielerFlits wikt en weegt de kansen van de klassementsrenners.

Historie

Op 1 juli 1903 is de Tour de France nog een beginnend evenement met amper zestig deelnemers. In een voorstad van Parijs beginnen de dappere pioniers van het wegwielrennen aan de eerste editie van een meerdaagse wielerwedstrijd door Frankrijk, met tussenstops in Lyon, Marseille, Toulouse, Bordeaux, Nantes en weer terug naar Parijs. Na zes etappes en 2.428 kilometer mag Maurice Garin, een Fransman geboren in het Italiaanse Arvier, zich de allereerste winnaar van de Tour de France noemen.

Nu, meer dan honderd jaar later, is Garin als allereerste Tourwinnaar natuurlijk onlosmakelijk verbonden met de grootste wielerwedstrijd van het jaar. In 1903 won hij een evenement dat nog in de kinderschoenen stond, maar anno 2021 is de Tour een van de grootste sportevenementen tout court. Dat komt mede door de introductie van de eerste bergen in 1905, het eerste bezoekje aan de Pyreneeën in 1910 en de eerste kennismaking met de hoogste bergtoppen in de Alpen. De Tour werd een koers om trots op te zijn.

Hinault en Zoetemelk vochten in de jaren ’70 en ’80 verbeten duels uit – foto: Cor Vos

Jacques Anquetil, Eddy Merckx, Bernard Hinault en Miguel Induraín vormen met z’n vieren een select clubje van renners die in hun carrière vijf keer de Tour de France wisten te winnen. Anquetil boekte zijn eerste Tourzege in 1957 en was ook de beste in 1961, 1962, 1963, 1964. De heerschappij van Merckx begon in 1969 en dat leidde ook in 1970, 1971, 1972 en 1974 tot Touroverwinningen. Na het afscheid van Merckx was er met Hinault (1978, 1979, 1981, 1982 en 1985) al snel een opvolger. En Induraín? Die won als enige renner vijf keer (1991-1995) op rij.

Na de eeuwwisseling wist een renner uit Texas het record van vijf Touroverwinningen nog wat scherper te stellen, maar na een jarenlange klopjacht van de Franse en Amerikaanse dopingautoriteiten en een bekentenis bij televisiepersoonlijkheid Oprah Winfrey, werden de zeven Tourzeges van Lance Armstrong geschrapt. In het huidige peloton is er één renner die met een nieuwe Tourzege geschiedenis kan schrijven en zich in het rijtje Anquetil-Merckx-Hinault-Induraín kan voegen. Zijn naam? Chris Froome.

De Brit, die tegenwoordig uitkomt voor Israel Start-Up Nation, heeft inmiddels vier Tourzeges achter zijn naam staan. De kans is echter klein dat we Froome na drie weken koers met de gele trui zien pronken op de Avenue des Champs-Élysées. We staan tot slot nog even stil bij de Belgische en Nederlandse Tourwinnaars. België wist maar liefst achttien keer de Ronde van Frankrijk te winnen, al dateert de laatste eindzege (Lucien Van Impe) alweer van 1976. Nederland won slechts twee keer de Tour (met Jan Janssen en Joop Zoetemelk) en wacht inmiddels ook alweer 41 jaar op een derde Tourzege.

Vijfvoudig Tourwinnaar Eddy Merckx – foto: Cor Vos

Laatste tien winnaars Tour de France
2020: flag-si Tadej Pogačar
2019: flag-co Egan Bernal
2018: flag-gb Geraint Thomas
2017: flag-gb Chris Froome
2016: flag-gb Chris Froome
2015: flag-gb Chris Froome
2014: flag-it Vincenzo Nibali
2013: flag-gb Chris Froome
2012: flag-gb Bradley Wiggins
2011: flag-au Cadel Evans

De Tour, de statistieken

Eerste winnaar: flag-fr Maurice Garin (1903)
Laatste winnaar: flag-si Tadej Pogačar (2020)
Aantal edities: 107
Meeste Tourzeges: 5 (Jacques Anquetil, Eddy Merckx, Bernard Hinault en Miguel Induraín)
Meeste Tourzeges per land: 36 (Frankrijk)
Meeste podiumplekken zonder overwinning: 8 (Raymond Poulidor in 1962, 1964, 1965, 1966, 1969, 1972, 1974 en 1976)
Niet-Europese Tourwinnaars: 5 (3x Greg LeMond, Cadel Evans en Egan Bernal)

Greg LeMond is nog altijd de enige Amerikaanse Tourwinnaar – foto: Cor Vos


Vorig jaar

De 107e editie van de Tour de France stond in het teken van het duel tussen twee Slovenen. Primož Roglič begon als een van de topfavorieten aan de ronde en aanvankelijk liep het ook gesmeerd voor de kopman van Jumbo-Visma. Op dag vier deelde hij al een eerste tik uit aan de concurrentie door in skigebied Orcières Merlette een sprint bergop te winnen van zijn voornaamste concurrenten. De gele trui was op dat moment nog in het bezit van Julian Alaphilippe, maar de Fransman was niet direct een gevaar voor de eindzege.

Een dag later verloor Alaphilippe het felbegeerde kleinood al door een tijdstraf. Adam Yates profiteerde en de Britse klimmer mocht vervolgens enkele dagen in het geel rondfietsen. In rit negen, van Pau naar Laruns, kon Yates echter niet mee toen er werd versneld in de favorietengroep. Roglič was wel bij de pinken en wist aan de streep het geel te veroveren, al ging de ritzege naar zijn jongere landgenoot Tadej Pogačar. Het bleek het begin van een Sloveens duel voor de eindzege in de belangrijkste wedstrijd van het seizoen.

We zagen de trein van Jumbo-Visma veelvuldig op kop van het peloton – foto: Cor Vos

In de daaropvolgende Alpenetappes slaagde Roglič er in om de gele trui in zijn bezit te houden, al wist hij geen definitieve uppercut uit te delen in de bergen. De kopman van Jumbo-Visma leek te rekenen met het oog op de afsluitende tijdrit naar La Planche des Belles Filles en dus bleef het bij volgen en het sprokkelen van (bonificatie)seconden. Na de laatste Alpenrit met aankomst in La-Roche-sur-Foron was het verschil tussen Roglič en uitdager Pogačar 57 seconden in het voordeel van de man in het geel.

Dit leek voldoende met het oog op eindwinst, maar in de afsluiteinde tijdrit werd de Tour volledig op zijn kop gezet. Roglič begon met een mooie buffer aan de 36,2 kilometer lange tijdrit, maar botste die bewuste zaterdag op een ontketende Pogačar. De Tourdebutant van UAE Emirates had bij het eerste tussenpunt al twaalf seconden van zijn achterstand op Roglič goedgemaakt en aan de voet van La Planche des Belles Filles had de bleek weggetrokken Roglič nog maar 21 seconden speling. Het kalf bleek al lang en breed verdronken.

Een verslagen Roglič komt over de finish in de laatste tijdrit – foto: Cor Vos

Pogačar kreeg vleugels na het horen van de tussentijden en reed als een bezetene La Planche des Belles Filles op. De jonge klimmer wist de tegenstand te degraderen in de Vogezen. Het verschil met de nummer twee in de daguitslag, Tom Dumoulin, was bijna anderhalve minuut. Roglič kwam, in de wetenschap dat hij zojuist de Tour had verloren, als vijfde over de streep op bijna twee minuten van Pogačar. Niet Roglič, maar Pogačar werd zo de eerste Sloveense winnaar van de Tour. Richie Porte mocht als nummer drie mee het eindpodium op.

Eindklassement Tour de France 2020
1. flag-si Tadej Pogačar (UAE Emirates) in 87u20m05s
2. flag-si Primož Roglič (Jumbo-Visma) op 59s
3. flag-au Richie Porte (Trek-Segafredo) op 3m30s
4. flag-es Mikel Landa (Bahrain McLaren) op 5m58s
5. flag-es Enric Mas (Movistar) op 6m07s

Eindwinnaar Pogačar viert zijn Tourzege – foto: Cor Vos


Favorieten

Wie dit jaar aan de start staat met de intentie om de Tour de France te winnen, moet over een breed palet aan kwaliteiten beschikken. Met twee middellange tijdritten, meerdere potentiële waaieretappes en enkele explosieve finales zal de beslissing niet alleen maar vallen in de Alpen en Pyreneeën. En zoals altijd is het van levensbelang om een sterke ploeg te hebben, zeker in de eerste zeer nerveuze Tourweek.

Pogačar – foto: Cor Vos

Tamau betekent kleine jongen in het Sloveens. Het is de bijnaam die Tadej Pogačar in zijn jonge wielerjaren kreeg van zijn ploegmaats en vrienden. Maar Pogačar is allang geen kleine jongen meer. Ondanks dat hij nog altijd maar 22 jaar jong is, behoort de Sloveen nu al tot de allerbesten ter wereld. Zijn onuitputtelijke energie, zijn ijzeren wil om te winnen, zijn iele klimmersbenen en de Ferrari-motor die in hem ligt, maken van hem een oorlogsmachine. In tegenstelling tot Bernal een jaar eerder, heeft Pogačar totaal geen moeite gehad met het bevestigen van zijn status. De titelverdediger ging in 2021 door waarmee hij in 2020 was geëindigd: winnen.

De Sloveense veelvraat won dit jaar drie van de vier rittenkoersen waarin hij aan de start verscheen: in februari de UAE Tour, in maart op imponerende wijze Tirreno-Adriatico en vorige maand was hij de beste in de Ronde van Slovenië. De koers in zijn thuisland gebruikte hij als opmaat naar de Tour, een alternatieve voorbereiding dus. Pogačar beschikt over het brede palet van een Tourwinnaar: hij kan klimmen, is explosief in de heuveletappes en kan hard tijdrijden. Met Davide Formolo, Marc Hirschi, Rafał Majka en Brandon McNulty als ondersteuning is zijn team alvast een stuk sterker dan vorig jaar. Alles tezamen maakt Pogačar dit jaar de absolute topfavoriet.

Roglič – foto: Cor Vos

Jumbo-Visma leek vorig jaar te slagen in hun missie om die langgekoesterde gele droom te laten uitkomen. De Nederlandse formatie toonde spierballen en met de 31-jarige kopman Primož Roglič in het geel, leek er voor de troepen van Merijn Zeeman geen vuiltje aan de lucht. Tot de beruchte tijdrit naar La Planche des Belles Filles, waar Pogačar de Nederlandse droom hardhandig aan diggelen sloeg. Het leidde ertoe dat de geelzwarten hun Sloveense tegenstander het laatste jaar bestudeerd en ontleed hebben. Pogačar verloor dit jaar dus één rittenkoers. Dat was de Ronde van het Baskenland. Gewonnen door… Roglič! Tactisch meesterspel ging daaraan vooraf.

In die wedstrijd namen Roglič en co hun tegenstander gevangen in zijn eigen ploeg. Ze legden pijnlijk bloot waar het zwakke punt van de Sloveen ligt: een niet te controleren etappe te laten controleren met zijn ploeg, UAE-Emirates. Jumbo-Visma zal moeten proberen om een ploegmaat van Pogačar vóór hem in het klassement te krijgen. Als dat lukt, zal Tamau weer peentjes beginnen te zweten. Jumbo-Visma bewees in het Baskenland dat zij hem op die manier onder druk kunnen zetten. Daarnaast miste Pogačar door slecht positioneren vorig jaar ook de slag in de door Jumbo-Visma opgezette waaieretappe naar Lavaur, waar Wout van Aert zegevierde.

Boezemt Roglič vriend en vijand Pogačar angst in? – foto: Cor Vos

Ook was de jongeling niet overtuigend op het Sloveens tijdritkampioenschap. En een tijdrit liegt nooit. Met jonge honden Sepp Kuss en vooral Tourdebutant Jonas Vingegaard heeft Roglič twee heel sterke pionnen aan boord, die ook in een tactisch spel hun rol kunnen spelen. Zet daar de ervaren Robert Gesink en ‘meesterknecht’ Steven Kruijswijk bij en je hebt een sterk team achter je staan. De Sloveen zelf beschikt over een uitstekende tijdrit, heeft de explosiviteit om bonificatieseconden te verzamelen bij aankomsten bergop én zal uit zijn op wraak na de vorige editie. Roglič is daarmee de grootste uitdager voor zijn landgenoot. Bij de favorietenrol blijven hij en zijn team graag weg.

UAE Emirates heeft de titelverdediger in de rangen, Jumbo-Visma beschikt over de runner-up van vorig jaar, maar de sterkste ploeg is zonder enige twijfel INEOS Grenadiers. De Britse formatie kan met Richard Carapaz, Geraint Thomas en Richie Porte drie potentiële kopmannen uitspelen. Carapaz en Thomas zijn op papier de vooruitgeschoven pionnen, maar Porte is dit seizoen ook uitstekend op dreef en won in aanloop naar de Tour het Critérium du Dauphiné. Een goede reden om hem in de wachtkamer te houden. En dan hebben ze ook nog Tao Geoghegan Hart in hun rangen, de winnaar van de Giro d’Italia van vorig jaar.

Van de drie kleppers heeft alleen Thomas ervaring met het winnen van de Tour. De Welshman is na een minder seizoen weer terug op niveau, wat hem al de eindzege in de Ronde van Romandië opleverde. In de Dauphiné werd hij derde achter ploegmakker Porte en Alexey Lutsenko. Thomas lijkt dus klaar om na 2018 opnieuw een gooi te doen naar de Tourzege, zeker nu het parcours hem op het lijf is geschreven. Met twee individuele tijdritten en slechts een handvol zware bergetappes kan Thomas zijn hart ophalen.

Het probleem is alleen dat zijn twee grootste concurrenten, Pogačar en Roglič, ook een erg goede tijdrit kunnen afwerken. De grote vraag is dus eerder of Thomas tegenwoordig nog over de punch beschikt om bergop gelijke tred te houden met de twee Slovenen. In 2018 was zijn sprint bergop nog een wapen, is dat drie jaar later nog steeds het geval? Van Richard Carapaz weten we dat hij over een vinnige demarrage beschikt bergop, maar de Ecuadoraan zal dan weer met de nodige zorgen aan de start staan van de tijdritten.

Carapaz moet rekenen op een tijdsverlies van twee, misschien wel drie minuten op mannen als Pogačar en zeker Roglič. Is de Girowinnaar van 2019 in staat om een dergelijk tijdsverschil te overbruggen in de bergen? We weten van Carapaz dat hij zelden opgeeft, niet bang is om van ver te gaan en op het juiste moment aanvoelt wanneer zijn tegenstrevers een mindere dag hebben. Porte, vorig jaar nog derde in de Tour, komt normaal gesproken net tekort om de Tour te winnen, maar kan met zijn allround kwaliteiten wel ver komen.

López – foto: Cor Vos

Alejandro Valverde zou deze Tour de France niet rijden, maar start toch. Miguel Ángel López zal het graag zien. Movistar komt nu namelijk op volle oorlogssterkte naar de Tour. Met Marc Soler en in mindere mate Carlos Verona kan de Spaanse armada de boel in de bergen op stelten zetten. De 27-jarige López hopen ze daarna in het geel naar Parijs te loodsen. Supermán begon door fysiek malheur pas in de Ronde van Romandië (mei) aan zijn seizoen. Daarna wist hij de Ruta del Sol te winnen, werd hij zesde in het Critérium du Dauphiné en won hij Mont Ventoux Dénivelé Challenge.

Vooral bergop maakte de pocketklimmer dus indruk. Maar wat ook opvalt: zijn tijdritten waren in Romandië en in de Dauphiné allesbehalve slecht. Dat is namelijk een heikel punt voor López. Ook tijdens de voorgaande editie van de Ronde van Frankrijk was dat zijn achilleshiel. Bergop maakte de toen nog Astana-renner veel indruk, maar tijdens de tijdrit op de voorlaatste dag was dat allemaal voor niets. López kelderde door een onthutsend zwakke tijdrit nog van het podium, all the way down tot de zesde plek. Die rekening zal de Colombiaan graag willen vereffenen.

Movistar heeft met Enric Mas nog een tweede klassementsrenner in de gelederen. De Spanjaard valt zelden op, maar werd vorig jaar toch maar mooi vijfde in de Tour. De man van Mallorca is een typische ronderenner die het moet hebben van zijn taaiheid, herstelvermogen en klimcapaciteiten. En voor een klimmer heeft Mas ook een vrij aardige tijdrit in de benen. De Tour winnen is normaal wat te hoog gegrepen, maar we sluiten niet uit dat Mas zich in de slotweek zal mengen in de strijd om de podiumplaatsen.

Kan Urán (34) nog een keer stunten? – foto: Cor Vos

Insiders hebben het tijdens de Tour de France vooral over INEOS Grenadiers als sterk blok, met UAE-Emirates en Jumbo-Visma daar kort onder. Maar ook EF Education-Nippo zal een geduchte tegenstander zijn. De Amerikaanse ploeg schuift Rigoberto Urán naar voren als leider. De 34-jarige Colombiaan liet zich zien met een ijzersterk optreden in de Ronde van Zwitserland (overtuigende winst in de tweede individuele tijdrit en tweede in het eindklassement). In 2017 werd hij nog tweede in de Tour, waardoor Urán een niet te onderschatten concurrent vormt voor de overige drie machtsblokken. Met Sergio Higuita, Ruben Guerreiro en Neilson Powless is Urán goed omringd.

Maar weinig wielervolgers houden rekening met Wilco Kelderman. Dat terwijl de 30-jarige Nederlander in de kracht van zijn leven is en – als hij op zijn fiets blijft zitten – ontzettend constant is. In 2020 en 2021 reed de kopman van BORA-hansgrohe in alle rittenkoersen die hij uitreed top-10 in het eindklassement. Verspreid over twee seizoenen waren dat acht stuks, waarvan zeven op WorldTour-niveau. Kelderman zal met een glimlach de twee tijdritten aanschouwen. Die discipline beheerst hij goed. Hij is ook redelijk explosief, waardoor hij boni’s kan verzamelen in de heuvelritten en etappes met aankomst bergop. Bij de Duitse ploeg geloven zij in zijn kansen op het podium. En dan behoort winnen ook tot de mogelijkheden voor de nummer drie van de Giro d’Italia 2020.

Kelderman – foto: Cor Vos

Onze laatste ster gaat naar een man die twee jaar geleden de Fransen even liet dromen van Tourwinst. Julian Alaphilippe was in 2019 de meest opvallende renner in de Tour. De renner van Deceuninck-Quick-Step droeg toen veertien dagen de gele trui en stond drie dagen voor het einde van de Tour nog altijd eerste in het algemeen klassement. De Franse publiekslieveling wist zich in meerdere bergritten binnenstebuiten te trekken en zo het geel vast te houden, maar uiteindelijk bleek de Tour net iets te lang te duren.

Alaphilippe werd na een ijzersterke ronde wel knap vijfde en dit jaar verwachten we hem opnieuw in de top van het klassement. Het parcours lijkt namelijk ontworpen voor een renner als Alaphilippe. De twee tijdritten zijn de coureur op het lijf geschreven en verder kan de wereldkampioen zich in heel wat heuveletappes uitleven. Daarnaast hebben we weleens zwaardere passages door de Alpen en Pyreneeën gehad, wat ook weer in de kaart van Alaphilippe speelt. Zelf zegt hij te gaan voor een ritzege, maar Alaphilippe heeft vast grotere ambities.

Alaphilippe – foto: Cor Vos

Outsiders
Er moet al iets heel geks gebeuren wil een outsider er met de Tour de France-titel vandoor gaan na drie weken ploeteren en zweten in Frankrijk. Maar voor de beeldvorming willen we toch nog een aantal mannen meegeven die zo maar een stempel op de top-10 van het eindklassement kunnen drukken. Denk dan vooral aan mannen net achter hun kopman. In hoeverre is bijvoorbeeld Emanuel Buchmann hersteld van zijn valpartij in de Giro? Als dat het geval is, zit er een mooi resultaat voor hem in. Dat geldt ook voor de 41-jarige Alejandro Valverde, die tien jaar geleden op dit parcours tot de topfavorieten behoord zou kunnen hebben. Wie weet wat hij kan met zijn explosiviteit.

Dat laatste ontbreekt bij Steven Kruijswijk. Desalniettemin is hij in het rondewerk een stabiele factor. Twee jaar geleden stond de 34-jarige Nederlander nog als derde op het podium in Parijs. In een grote ronde kan Kruijswijk ook behoorlijk goed tijdrijden, maar hij zal zeker in de derde week vooral van waarde moeten zijn voor Roglič. Bij Israel Start-Up Nation hebben ze Michael Woods aangewezen als kopman. De 34-jarige Canadees jaagt zelf echter liever een ritzege na. Ook viervoudig winnaar Chris Froome heeft de selectie gehaald. Maar als hij dit jaar de Tour wint, zouden de wonderen de wereld nog niet uit zijn.

Lucas Hamilton won vorig jaar een rit in Tirreno-Adriatico – foto: Cor Vos (archief)

Ook Australië mag voorzichtig hopen op een nieuwe Tourwinnaar. Er zouden dit jaar met een beetje geluk drie Aussies in de top-10 van het eindklassement kunnen eindigen. Lucas Hamilton heeft daarvoor de beste papieren. De 25-jarige coureur is door BikeExchange aangewezen als kopman. Dit jaar beëindigde Hamilton al zijn rittenkoersen bij de eerste tien van het eindklassement (behalve de Ronde van Zwitserland, waar hij uitviel). Ook Jack Haig maakt dit seizoen bergop indruk. Hij is dan weer door Bahrain Victorious gebombardeerd tot klassementsleider. Haig werd onlangs nog vijfde in het eindklassement van het Critérium du Dauphiné en schuwde daar de aanval niet.

Bij AG2R Citroën hopen ze stiekem op een topresultaat voor Ben O’Connor. In de rittenkoersen van een week toonde hij dit seizoen dat hij in goeden doen is. Hij werd onder meer zesde in de Ronde van Romandië en achtste in de Dauphiné. Ook zijn tijdritten in die rondjes waren steeds prima voor een klimmer. Dat kunnen we nu niet meteen zeggen van Nairo Quintana, die hier start namens Arkéa-Samsic. De 31-jarige Colombiaan kende pre-corona een uitstekende seizoenstart in 2020, maar de break van het seizoen sloeg hem wat terug. Desalniettemin mag je Quintana nooit afschrijven. Hij stond al drie keer in Parijs op het podium, al is de laatste keer al wel weer vijf jaar geleden.

Wat kan Gaudu tegen de grote mannen? – foto: Cor Vos

Tot slot nog de dark horse, de renner die voor de grootste verrassing kan zorgen. Dat is namelijk David Gaudu. Hij klom in het voorjaar met de allerbesten ter wereld mee. Vooral zijn antwoord op de demarrage van Pogačar in Luik-Bastenaken-Luik was tamelijk indrukwekkend. De 24-jarige Fransman van Groupama-DFJ ging in mei op hoogtestage en trok daarna naar het Critérium du Dauphiné. Daar was Gaudu niet zo overtuigend, maar in de Tour zal hij er staan. Hij krijgt van teammanager Marc Madiot het kopmanschap toebedeeld nu Thibaut Pinot uit de roulatie is. Bergop zullen we Gaudu waarschijnlijk vaak in de aanval zien. In beide tijdritten gaat hij namelijk minuten verliezen. Maar dat de Fransman desondanks een significante rol kan spelen, is duidelijk.


Favorieten volgens WielerFlits
**** Tadej Pogačar
*** Primož Roglič, Geraint Thomas
** Richard Carapaz, Miguel Ángel López, Rigoberto Urán
* Enric Mas, Richie Porte, Wilco Kelderman, Julian Alaphilippe

Website organisatie
Deelnemerslijst (WielerFlits)



Lees en download nu de gratis digitale RIDE Tourgids 2021.

Dit artikel delen:

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.

Headlines

Materiaalzone

Populair