Eindejaarslijstjes: De beste wielrenster van 2021

Eindejaarslijstjes: De beste wielrenster van 2021

Vijfwerf hoera voor de Nederlandse rensters in 2021! - foto: Cor Vos

donderdag 2 december 2021 om 20:00

In de maand december blikt WielerFlits traditioneel terug op het afgelopen wielerseizoen met de reeks Eindejaarslijstjes. Wat waren de hoogte- en dieptepunten van het afgelopen jaar en welke renners verdienen nog een eervolle vermelding voor 2021? Iedere werkdag is er een nieuwe lijst met bijbehorende poll. Vandaag staat centraal: de beste wielrenster van het jaar.

Wil je de tussenstand of uitslag van de Eindejaarslijstjes-poll bekijken? Check dan elke dag de Instagram Stories van @WielerFlits!


flag-nl Anna van der Breggen (SD Worx)

Van der Breggen won voor de zevende keer de Waalse Pijl – foto: Cor Vos

In haar laatste jaar als professioneel wielrenster mocht Anna van der Breggen het gehele seizoen kleur geven in haar regenboogtrui. De 31-jarige wereldkampioene van SD Worx deed dat in de eerste helft van het jaar met verve. Ze begon het seizoen meteen met een solozege in Omloop Het Nieuwsblad. Een demarrage aan de voet van de Bosberg was al haar concurrentes te machtig. Later in het voorjaar zegevierde ze ook in de Waalse Pijl, waar de Koningin van de Muur van Huy voor de zevende keer wist te winnen; een absoluut record. In die periode werd ze ook vijfde in Luik-Bastenaken-Luik en derde in Strade Bianche.

Van der Breggen was dus bezig aan een waardig afscheid en dat zette ze voort in mei. Op Spaanse bodem won ze toen twee eendagskoersen, waarna ze ook de beste was in de nieuwe WorldTour-vrouwenkoers Vuelta a Burgos. Weer een maand later werd ze voor de tweede keer in haar carrière Nederlandse kampioen tijdrijden, om tien dagen later net buiten het podium te vallen in La Course: de geboren Zwolse werd daar vierde. Het was een opmaat naar de maand juli, waar voor Van der Breggen de twee belangrijkste afspreken van het jaar op de kalender stonden: de Giro d’Italia voor vrouwen en de Olympische Spelen.

In de Italiaanse rittenkoers greep ze op de tweede dag met aankomst op Prato Nevoso meteen de macht. In de acht etappes die daarna volgden (waarvan ze ook nog een individuele tijdrit won), zou de Nederlandse wielerlegende de roze leiderstrui niet meer afgeven. De wegrit op de Olympische Spelen draaide voor de Nederlandse dames vervolgens uit op een fiasco, maar Van der Breggen nam in de tijdrit een paar dagen later wel de bronzen medaille mee naar huis. Daarna ging het kaarsje langzaam uit, haalde ze haar waardes niet meer en zwaaide zo in de achterhoede af tijdens het WK op de weg in Leuven.

Beste resultaten
flag-it flag-nr1 Giro d’Italia Donne (+ twee ritzeges)
flag-be flag-nr1 Waalse Pijl
flag-be flag-nr1 Omloop Het Nieuwsblad
flag-es flag-nr1 Vuelta a Burgos (+ één ritzege)
flag-jp flag-nr3 Olympische Spelen – tijdrit


flag-nl Ellen van Dijk (Trek-Segafredo)

Van Dijk werd weer ’s werelds beste tijdrijdster – foto: Cor Vos

In tegenstelling tot de andere vier vrouwen in deze lijst, was Ellen van Dijk een stuk minder constant. Desondanks heeft de 34-jarige Nederlandse van Trek-Segafredo haar nominatie dubbel en dwars verdiend. Hoewel haar voorjaar in het klassiekerblok stroef verliep, won ze half maart wel de Healthy Ageing Tour (UCI 2.1). Tot medio juni reed Van Dijk – herstellende van een coronabesmetting half april – vrij anoniem in de rondte. Op het NK tijdrijden liet ze weer van zich spreken, al moest de meervoudig kampioene haar meerdere erkennen in Anna van der Breggen. Zes dagen later won ze wel de proloog in de Lotto Belgium Tour.

In die vierdaagse (eveneens een UCI 2.1-koers) werd ze uiteindelijk tweede in het eindklassement. De eerste tekenen van een groeiende vorm kwamen er in de Clásica San Sebastián, waar ze op een on-Van Dijks parcours tiende werd. Schijn bedroog niet, want in de Simac Ladies Tour werd ze – mede door een goede proloog en dito tijdrit – derde in het eindklassement. In de Challenge by La Vuelta sleutelde ze verder aan haar vorm en reed ze eigenlijk een heel constante en vlakke wedstrijd. Pas toen brak het orgelpunt van haar seizoen aan. Op de kampioenschappen excelleerde de Trek-Segafredo-renster als weleer.

Van Dijk moest op het EK tijdrijden nog haar meerdere erkennen in Marlen Reusser, maar op het WK in Leuven was ze de Zwitserse tempobeul wél te snel af. Zo pakte de Utrechtse voor de tweede keer in haar carrière de regenboogtrui op de individuele chrono. Ze fietst komend seizoen overigens tot half december nooit in haar normale kloffie van de Amerikaanse formatie. In Trente werd Van Dijk na een lange en indrukwekkende solo namelijk ook al Europees kampioene op de weg. Op het WK was ze overigens ook nog goed voor zilver op de Mixed Relay, maar dat zal haar worst zijn geweest. Ze was immers al twee vette prijzen rijk.

Beste resultaten
flag-wc flag-nr1 WK tijdrijden
flag-europe flag-nr1 EK op de weg
flag-nl flag-nr1 Healthy Ageing Tour (+ één ritzege)
flag-europe flag-nr2 EK tijdrijden
flag-nl flag-nr3 Simac Ladies Tour


flag-nl Annemiek van Vleuten (Movistar)

Van Vleuten straalt met olympisch goud én zilver – foto: Cor Vos

Na jarenlang bij Mitchelton-Scott gefietst te hebben, transfereerde Annemiek van Vleuten de voorbije winter naar een nieuwe ploeg. Bij het Spaanse Movistar ging ze een nieuw avontuur aan. In haar eerste koers (Omloop Het Nieuwsblad) moest de 39-jarige Nederlandse er nog even inkomen, maar daarna eindigde ze bij de eerste vier in alle grote wedstrijden tot en met Luik-Bastenaken-Luik. Ze eindigde als vierde in Strade Bianche, won Dwars Door Vlaanderen, zegevierde voor de tweede keer solo in de Ronde van Vlaanderen, werd derde in de Amstel Gold Race, vierde in de Waalse Pijl en tweede in La Doyenne. Straf!

In mei reed ze vervolgens zes Spaanse koersen, waarin ze de beste was in de Ronde van Valencia en Baskische eendagskoers Emakumeen Nafarroako. In de laatste drie koersen werd ze dan steeds tweede achter Van der Breggen. Via het Nederlands kampioenschap en een hoogtestage trok ze vervolgens – zonder Giro d’Italia in de benen dus – naar Tokio. Daar bleek Van Vleuten de beste vrouw in het peloton te zijn. Heel even dacht ze in de wegrit de nachtmerrie van Rio de Janeiro weg te spoelen, tot ze erachter kwam dat Anna Kiesenhofer vooruit was gebleven. In de tijdrit lukte het wél: De Utrechtse veroverde olympisch goud.

Leunend op haar olympische hoogvorm trok ze haar stijgende lijn ook in het tweede deel van het seizoen door. In de Clásica San Sebastián stond er geen maat op Van Vleuten, die solo won. Twee weken later was ze ook de beste in de Ladies Tour of Norway, waar ze eveneens een rit wist te winnen. In de Challenge by La Vuelta lukte dat zelfs twee keer, ook goed voor de eindzege. Nadat ze op het EK genoegen moest nemen met een negende plek, veroverde ze voor de Nederlandse selectie zilver en brons op respectievelijk de WK Mixed Relay en het WK tijdrijden. Haar seizoen eindigde in mineur met een zware val tijdens Parijs-Roubaix.

Beste resultaten
flag-jp flag-nr1 Olympische Spelen – tijdrit
flag-be flag-nr1 Ronde van Vlaanderen
flag-es flag-nr1 Clásica San Sebastián
flag-es flag-nr1 Challenge by La Vuelta (+ twee ritzeges)
flag-jp flag-nr2 Olympische Spelen – wegrit


flag-nl Demi Vollering (SD Worx)

Vollering schreeuwt het uit nadat ze na Luik ook La Course wint – foto: Cor Vos

Na een jaar SwaboLadies en twee seizoenen bij Parkhotel Valkenburg, was SD Worx er afgelopen zomer als de kippen bij om Demi Vollering te contracteren. Een gouden zet voor beide partijen, want de 25-jarige renster uit Pijnacker brak dit seizoen definitief door. En hoe! In alle voorjaarsklassiekers zat ze mee in de finales, maar in de Brabantse Pijl en de Amstel Gold Race (twee keer tweede) was er net één iemand sneller. Na berenwerk van Anna van der Breggen in Luik-Bastenaken-Luik, boekte Vollering daar haar grootste zege tot nu toe: ze versloeg Annemiek van Vleuten, Elisa Longo-Borghini en Katarzyna Niewiadoma.

De Zuid-Hollandse – die samen met hond Flo in Zwitserland woont – trok in de zomer haar goede vorm door. Via een derde plek in de Vuelta a Burgos en top 10-noteringen op de Nederlandse kampioenschappen, won ze tot haar eigen verrassing in de sprint van een elitegroep La Course. Vollering was ook bij de pinken Giro d’Italia voor vrouwen, waar ze met haar ploeg SD Worx heerste van de eerste tot en met de laatste rit. In de bergetappes was ze steeds de evenknie van kopvrouwe Van der Breggen en de Zuid-Afrikaanse klimster Ashleigh Moolman-Pasio. Vollering eindigde er op het podium: derde.

Uiteindelijk werd ze een beetje de oude Alejandro Valverde van het vrouwenpeloton. Vollering kon haar goede basisniveau namelijk het gehele jaar volhouden, want ook na de Olympische Spelen bleef ze op een hoog niveau acteren. Zo werd ze vijfde in de Simac Ladies Tour en tijdens de wegwedstrijd op het EK, om vervolgens op het WK als zevende over de finish te komen. Als haar dat al frustraties bezorgde, heeft ze die er tijdens The Women’s Tour uit gefietst. In een tijdrit van nog geen zeventien kilometer was ze ruim een minuut sneller dan de nummer twee. Dat was ook goed voor eindwinst in de Britse WWT-koers.

Beste resultaten
flag-be flag-nr1 Luik-Bastenaken-Luik
flag-fr flag-nr1 La Course by Tour de France
flag-gb flag-nr1 The Women’s Tour (+ één ritzege)
flag-nl flag-nr2 Amstel Gold Race
flag-it flag-nr3 Giro d’Italia Donne


flag-nl Marianne Vos (Jumbo-Visma)

Marianne Vos won voor de eerste keer in haar loopbaan dit jaar de Amstel Gold Race – foto: Cor Vos

Wat betreft het Valverde-gehalte van Vollering, mag ook Marianne Vos haar vinger opsteken. Volgens statistiekenwebsite ProCyclingStats reed misschien wel ’s werelds beste renster ooit dit jaar 28 UCI-koersdagen. In 23 daarvan (!) reed ze bij de eerste acht in de uitslag. Net daarbuiten: een elfde plek in de Waalse Pijl, een twaalfde plaats in de Ronde van Vlaanderen, een zestiende stek in de individuele tijdrit in de Simac Ladies Tour, een 43ste plek in de klimtijdrit van de Giro d’Italia voor vrouwen alsmede een 86ste notering in de bergrit naar Prato Nevoso in diezelfde ronde. Wel won Vos er twee etappes voor haar opgave.

Het mag duidelijk zijn dat de 34-jarige ervaren kopvrouw bij Jumbo-Visma weer haar beste vorm benaderde als in de begindagen van haar carrière. Ze won in het voorjaar tevens twee koersen die nog ontbraken op haar alle omvangende palmares: in een sprint met een elitegroep was de Noord-Brabantse de sterkste in zowel Gent-Wevelgem als de Amstel Gold Race. In het voorjaar werd ze daarnaast ook zevende in Strade Bianche, tweede in de Trofeo Alfredo Binda en zesde in Luik-Bastenaken-Luik. Na een lange pauze na La Doyenne voegde ze er in de zomer nog een derde plaats in La Course aan toe, voor de twee ritten in de Giro.

Tijdens de olympische wegrit won Vos de sprint van de elitegroep, maar dat was achter de ontsnapten Anna Kieserhofer, Annemiek van Vleuten, Elisa Longo-Borghini en Lotte Kopecky. Een maand later won de ervaren renster van Jumbo-Visma de proloog en twee ritten in de Simac Ladies Tour, goed voor een vierde plek in het klassement. Op het einde van het jaar miste ze op pijnlijke wijze een derde wereldtitel en werd Vos voor de zesde keer tweede op het WK. Een week erna was ze de beste onder de favorieten tijdens Parijs-Roubaix, maar kon ze Lizzie Deignan niet meer achterhalen. Zo zie je: een oude Vos verleerd nooit d’r streken.

Beste resultaten
flag-nl flag-nr1 Amstel Gold Race
flag-be flag-nr1 Gent-Wevelgem
flag-wc flag-nr2 WK op de weg
flag-fr flag-nr2 Parijs-Roubaix
flag-it flag-nr2 Trofeo Afredo Binda


Outsiders

Onder de favorieten voor dit Eindejaarslijstje dus louter Nederlandse rensters, maar het gaat wel degelijk om het uitroepen van de beste renster ter wereld. Hebben de andere toppers dat niet van zich laten horen? Jawel, maar dat was een stuk minder indrukwekkend – of in ieder geval niet in dezelfde lange, periode. Elisa Longo-Borghini slaagde daar wel in, maar de Italiaans kampioene van Trek-Segfredo moest het onderspit delven tegen een van het bovenstaande viertal. Wel won ze de Trofeo Alfredo Binda en de GP Plouay, werd ze tweede in Strade Bianche en derde in Luik-Bastenaken-Luik en tijdens de olympische wegrit.

Lotte Kopecky (Liv Racing) kan eveneens terugkijken op een heel constant seizoen. Door haar sterke sprint werd ze onder meer vierde in Omloop Het Nieuwsblad, tweede in Gent-Wevelgem, tweede in de Thüringen Rundfahrt. Daarnaast won ze op sterke wijze de Lotto Ladies Tour en werd ze vierde tijdens de olympische wegrit. Straf, maar van een ander kaliber als waarop de Nederlandse dames scoorden. Dat geldt ook voor Lorena Wiebes van Team DSM, die onder meer de Scheldeprijs won, alsmede ritten in de Giro en the Women’s Tour (twee in elk). Ze sloot het seizoen af met winst in de Ronde van Drenthe (WorldTour).

Ook het sterke tweede deel van het seizoen van Marlen Reusser verdient een vermelding. De Zwitserse tijdritspecialiste dankte daaraan korte eindnoteringen in de Simac Ladies Tour (tweede) en de Challenge by La Vuelta (tweede). Daarnaast werd ze ook derde in de Ronde van Zwitserland (een tweedaagse, weliswaar) en vierde in de Ladies Tour of Norway. Voorts pakte ze zilver op het WK tijdrijden en de olympische tijdrit; wel pakte ze de Europese titel tijdrijden. Chantal van den Broek-Blaak had een moeizaam jaar, maar de 32-jarige kende met winst in Strade Bianche en de Simac Ladies Tour wel twee WorldTour-uitschieters.

De opvallende lezer is in dit stuk de wereldkampioene op de weg nog niet tegengekomen. Dat klopt. De 23-jarige Elisa Balsamo kende een sterk voorjaar, met een vierde plaats in Gent-Wevelgem en een derde plek in de Scheldeprijs en de Brabantse Pijl. De wereldtitel op de weg in Leuven kwam voor de talentvolle sprintster en bijgevolg de rest van het peloton in het najaar toch als een verrassing. Maar eerlijk is eerlijk: alle zes deze vrouwen komen – net als Parijs-Roubaix winnares Lizzie Deignan – niet aan de resultaten van de vijf Nederlandsen.


Stem hier op jouw favoriet!

Dit artikel delen:

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.

Wielernieuws

Materiaalzone

Populair