Voorbeschouwing: Critérium du Dauphiné 2020

Door , woensdag 12 augustus 2020 om 07:30
Voorbeschouwing: Critérium du Dauphiné 2020

Alaphilippe won vorig jaar de bergtrui - foto: Cor Vos

Na het wegvallen van de Ronde van Zwitserland als gevolg van de coronabreak, is het Critérium du Dauphiné (12-16 augustus) de enig overgebleven traditionele voorbereidingskoers op de Tour de France. De ingekorte Franse WorldTour-wedstrijd heeft een ijzersterk startveld met de complete blokken van Team Ineos en Jumbo-Visma aan het vertrek. WielerFlits blikt vooruit.

Historie

De historie van het Critérium du Dauphiné gaat terug tot 1947. Initiatiefnemer voor de ronde was de plaatselijke krant Le Dauphiné Libéré, die kort na de Tweede Wereldoorlog het levenslicht zag. Om haar naamsbekendheid en verkoopcijfers te vergroten zette de krant een meerdaagse koers op touw door de voormalige provincie Dauphiné in het zuidoosten van Frankrijk, hedendaags de departementen Isère, Drôme en Hautes-Alpes.

In de eerste editie ging de wedstrijd over 953 kilometer, in vier etappes. Na net geen 28 uur koers werd de Pool Édouard Klabinski de eerste winnaar op de erelijst. Maar in de jaren daarna pakten de Fransen de overwinning. Nello Lauredi zegevierde in 1950, 1951 en 1954 en werd zo de eerste renner die driemaal de eindzege behaalde. Door haar bergachtige karakter en plek op de kalender werd de ronde voor Franse renners een voorbereidingskoers op de Tour de France.

Van der Velde is de enige Nederlandse winnaar – foto: Cor Vos

De Dauphiné keerde jaarlijks terug en kreeg onder meer Louison Bobet, Jacques Anquetil en Raymond Poulidor als eindwinnaars. Tot aan 1967, want toen werd de ronde na een geschil van het internationale programma geschrapt. In 1969 maakte de ronde haar rentree als het Circuit des Six-Provinces (de Ronde van de Zes Provincies) en net als in 1966 behaalde Poulidor de zege, nadat hij een ultieme aanval van Roger Pingeon op zijn leiderstrui had afgeslagen.

Een jaar later won Luis Ocaña zijn eerste Dauphiné en omdat hij ook in 1972 en 1973 de koers op zijn naam schreef, kwam hij op gelijke hoogte met Lauredi. In de jaren ’70, ’80 en ’90 werden ook Bernard Hinault en Charly Mottet mederecordhouder in de Franse ronde met drie overwinningen. Naast Anquetil en Hinault legden ook de andere vijfvoudige Tourwinnaars Eddy Merckx (in 1971) en Miguel Indurain (1995-96) beslag op de eindwinst.

Merckx is overigens een van de drie Belgen, die de Dauphiné wisten te winnen. Alex Close ging hem in 1956 voor, terwijl Michel Pollentier in 1978 vriend en vijand verbaasd deed staan met zijn eindzege. De tot op heden enige Nederlandse overwinning kwam in 1980 op naam van Johan van der Velde. In de koninginnenrit greep de renner uit de Raleigh-ploeg van Peter Post de leiderstrui en een dag later stelde hij de eindwinst veilig.

Froome werd mederecordhouder met drie eindzeges – foto: Cor Vos

In de jaren ’80 kwamen ook de eerste renners van buiten Europa op de erelijst. Greg LeMond was de eerste Amerikaanse winnaar, Phil Anderson de eerste Australische en Martín Ramírez en Luis Herrera zorgden voor de eerste Colombiaanse successen. Als we kijken naar de laatste tien jaar zien we vooral winnaars uit Team Sky. Bradley Wiggins won de koers tweemaal, Chris Froome werd met drie zeges mederecordhouder en ook Geraint Thomas was een keer de beste.

Laatste tien winnaars Critérium du Dauphiné
2019: flag-dk Jakob Fuglsang
2018: flag-gb Geraint Thomas
2017: flag-dk Jakob Fuglsang
2016: flag-gb Chris Froome
2015: flag-gb Chris Froome
2014: flag-us Andrew Talansky
2013: flag-gb Chris Froome
2012: flag-gb Bradley Wiggins
2011: flag-gb Bradley Wiggins
2010: flag-si Janez Brajkovič


Vorig jaar

Traditiegetrouw was de Dauphiné vorig jaar een belangrijk meetmoment in aanloop naar de Tour de France. Romain Bardet, Chris Froome, Thibaut Pinot, Richie Porte en Nairo Quintana gingen allemaal van start in Aurillac. Vanuit Nederlands perspectief was het uitkijken naar de rentree van Tom Dumoulin na zijn knieblessure, waardoor hij opgaf in de Giro d’Italia. De Sunweb-renner wilde in de Franse voorbereidingsronde vooral koersritme opdoen richting de Tour.

De openingsetappe werd een prooi voor Edvald Boasson Hagen, die in Jussac de snelste was van een uitgedund peloton. De Noor kreeg de leiderstrui uitgereikt, maar kon slechts kort genieten van het tricot doordat Dylan Teuns een dag later een dubbelslag sloeg. In deze rit testte Dumoulin de benen eens door mee te gaan in de vroege vlucht. De kopgroep werd echter op 35 kilometer van de streep ingerekend, waarna de Nederlander uitrolde naar de aankomst.

Tom Dumoulin test zijn benen – foto: Cor Vos

Sam Bennett legde daarna beslag op de derde etappe. De volgende dag stond de enige tijdrit op het programma en deze had dramatische gevolgen voor Froome. In de verkenning raakte de Brit aan 65 per uur de controle kwijt over zijn fiets en knalde op hoge snelheid tegen een muurtje. Daarbij liep hij meerdere breuken op en kon hij de rest van het seizoen vergeten. De tijdrit in Roanne werd overigens gewonnen door Wout van Aert, terwijl Adam Yates het geel pakte.

Van Aert verbaasde een dag later wederom door in Voiron Sam Bennett te verslaan in een sprint. De Belg wilde eigenlijk meespurten voor de punten om de groene trui, maar kwam verrassend als eerste over de finish. Vervolgens trok het peloton de bergen in en zegevierde Julian Alaphilippe in Saint-Michel-de-Maurienne. Die dag klonk Dumoulin nog strijdlustig, maar de volgende dag ging hij niet meer van start: zijn knieproblemen speelden toch weer op.

Wout van Aert viert zijn tweede ritwinst – foto: Cor Vos

Desondanks kleurde het slotweekend van de Dauphiné rood-wit-blauw. Eerst won Wout Poels de verregende koninginnenrit naar Pipay, waarin Jakob Fuglsang de gele trui overnam van Yates. En de volgende dag sprong Poels’ ploeggenoot Dylan van Baarle mee in de ontsnapping, bleef weg en versloeg Jack Haig in Champéry in de strijd om de dagzege. Fuglsang kwam niet meer in de problemen en sleepte zijn tweede eindoverwinning binnen in de Franse ronde.

Eindklassement Critérium du Dauphiné 2019
1. flag-dk Jakob Fuglsang (Astana) in 30u44m27s
2. flag-us Tejay van Garderen (EF Education First) op 20s
3. flag-de Emanuel Buchmann (BORA-hansgrohe) op 21s
4. flag-nl Wout Poels (Team Ineos) op 28s
5. flag-fr Thibaut Pinot (Groupama-FDJ) op 33s

Het podium van 2019 – foto: Cor Vos


Parcours

Oorspronkelijk stond de Dauphiné als achtdaagse wedstrijd op de planning, van 31 mei tot 7 juni. In het etappeschema was, anders dan voorgaande jaren, geen plek voor een tijdrit. Wel stonden vier aankomsten bergop op het programma, namelijk op de Col de Porte, in Saint-Martin-de-Belleville en twee keer op de Montée de l’altiport bij Megève. Maar het coronavirus gooide dan alle plannen door de war en dat had ook consequenties voor de Zuid-Franse ronde.

De organisatie moest namelijk op zoek naar nieuwe wedstrijddata en die werden gevonden in 12 tot en met 16 augustus. De ronde wordt gehouden in afgeslankte vorm, want ze duurt nu geen acht maar vijf dagen. De openingsetappe is hertekend, Saint-Christo-en-Jarez behoudt haar aankomst en de ritten naar de Col de Porte, Saint-Martin-de-Belleville en de Montée de l’altiport blijven intact. Ook de passages over de Madeleine, de Bisanne en de Col de Romme houden stand.

Woensdag 12 augustus, etappe 1: Clermont-Ferrand – St.-Christo-en-Jarez (218,5 km)

Wie de openingsrit van de Dauphiné naast de veertiende etappe van de Tour de France legt, ziet dat de routes 128 kilometer gelijk opgaan. Het peloton kan zo alvast kennismaken met de Côte du Château d’Aulteribe, de Col du Béal en de Côte du Courreau, die ook hier al ver voor de streep liggen. Maar waar de Tour bij Bellegarde-en-Forez rechtdoor gaat naar de finish in Lyon, buigt de Dauphiné af naar het zuiden.

Daar krijgen de renners eerst de Côte de Saint-Héand voor de wielen geschoven en vervolgens de Montée Andreï Kivilev, vernoemd naar de Kazachse renner die in 2003 overleed na een val in Parijs-Nice. Op 35 kilometer van de aankomst passeert de koers al een eerste keer de streep in Saint-Christo-en Jarez, waarna nog een plaatselijke omloop wordt afgelegd. De finish ligt na een klimmetje van ruim drie kilometer.

Start: 10.35 uur
Finish: 16.07 – 16.40 uur


Donderdag 13 augustus, etappe 2: Vienne – Col de Porte (135 km)

De Dauphiné gaat op de tweede dag verder in het departement Isère, waar wordt gestart vanuit het stadje Vienne. Daarvandaan trekt de karavaan in zuidoostelijke richting naar eerst de Côte de Viriville van derde categorie en de Côte de Roybon (cat. 4). Daarna blijft het parcours ten noorden van Alpenstad Grenoble en ligt de Côte Maillet op de route. Deze klim van eerste categorie is de opmaat voor het sluitstuk van de etappe.

De bergrit eindigt namelijk op de Col de Porte, die ook in de zestiende Touretappe is opgenomen. In de Dauphiné wordt de klim niet via de noordzijde (via Saint-Laurent-du-Pont) opgereden, maar via de langere westkant (via Saint-Égrève) en is daarom niet van tweede categorie zoals in de Tour maar van buitencategorie. De klim van 17,5 kilometer is een tweetrapsraket met een korte afzink na de eerste oplopende kilometers. Daarna blijft de weg oplopen tot aan de streep.

Start: 12.50 uur
Finish: 16.17 – 16.38 uur


Vrijdag 14 augustus, etappe 3: Corenc – St.-Martin-de-Belleville (157 km)

Net als de openingsetappe volgt de derde rit lange tijd dezelfde route als het Tourpeloton een maand later. Deze keer vormt de zeventiende rit van de Ronde van Frankrijk de blauwdruk, want vanuit Corenc, net buiten Grenoble, gaat het profiel via La Rochette over de Col de la Madeleine. De bekende Alpencol van buitencategorie wordt net als in de Tour vanuit La Chambre opgereden en brengt de renners naar 2000 meter hoogte.

Daarna gaat het in dalende lijn naar Salins-les-Thermes. Maar in plaats van naar wintersportdorp Méribel en de beruchte Col de la Loze, zoekt de Dauphiné skigebied Saint-Martin-de Belleville op. Daar is na een slotklim van net geen vijftien kilometer de aankomststreep getrokken. In de eerste vijf kilometer is de klim het steilst met stijgingspercentages tot voorbij 9 procent. Dan vlakt het wat af, maar in de laatste drie kilometer variëren de percentages tussen de 6 en 9 procent.

Start: 12.05 uur
Finish: 16.11 – 16.38 uur


Zaterdag 15 augustus, etappe 4: Ugine – Megève (153,5 km)

Ruim een week voor de start van de Dauphiné is het parcours van de vierde etappe aangepast. Om veiligheidsredenen werd de Col de l’Épine uit het begin van de route geschrapt, nadat het wegdek in de afdaling beschadigd bleek. Maar ook zonder de ruim 950 meter hoge klim van de eerste categorie blijven er genoeg hoogtemeters over in deze bergrit. Gestart wordt in Ugine, in de Savoie, waarna de route naar de Col de Plan Bois en de Col de la Croix Fry leidt.

Vervolgens pikt de Dauphiné wederom een stukje van het Tourparcours mee tussen La Praise, over de Col des Aravis naar Flumet, in tegengestelde richting weliswaar. Daarom is de Aravis nu maar van derde categorie en in de Tour van de eerste. Via de Côte d’Héry-sur-Ugine passeert de route nog eens de startplaats, waarna wordt doorgereden naar Villard-sur-Doron en de Montée de Bisanne van buitencategorie.

Maar ook na vijf beklimmingen zijn de renners nog niet aan de finish. De eindbestemming ligt deze keer immers op de Montée de l’altiport, de luchthaven van Megève. Hier ligt de aankomst na een slotklim van 7,4 kilometer aan gemiddeld 4,7 procent.

Start: 12.05 uur
Finish: 16.33 – 17.07 uur


Zondag 16 augustus, etappe 5: Megève – Megève (153,5 km)

De slotetappe van de Dauphiné gaat van start in Megève. Daarvandaan voert de route eerst naar de Côte de Domancy en vervolgens naar Cluses, waar de voet van de Col de Romme begint. Na de afdaling gaat het bij Le Reposoir omhoog naar de Col de la Colombière, die dus niet helemaal vanaf de voet in Scionzier wordt beklommen. Dan gaat de route via skigebied Le Grand-Bornand naar de Col des Aravis, waar de renners via dezelfde kant als gisteren omhoog gaan.

Nu is de Aravis alleen niet van derde categorie maar van tweede, omdat de klim aan de voet in La Clusaz begint. Op de top hebben de renners al vier klimmen achter de rug, maar zijn daarmee pas op de helft. Het parcours leidt via de Côte de la Frassette en startplaats Megève naar het sluitstuk van de ronde met voor de tweede keer deze etappe de Côte de Domancy en de Côte de Cordon. De finish ligt net als gisteren op de Montée de l’altiport.

Start: 12.10 uur
Finish: 16.35 – 17.07 uur


Favorieten

Veel ogen zijn in de 72e Dauphiné gericht op Team Ineos, dat met haar supersterren Egan Bernal, Chris Froome en Geraint Thomas aan het vertrek verschijnt. Een bijzonderheid, want slechts twee keer eerder begon de ploeg van Dave Brailsford met het trio aan een koers: in de Tour de France van 2018 en afgelopen vrijdag in de Tour de l’Ain. Maar ook Jumbo-Visma kan op veel aandacht rekenen met haar eigen triumviraat, Tom Dumoulin, Primož Roglič en Steven Kruijswijk. Gaat de eindzege naar een van deze twee machtsblokken of loopt een derde ermee heen?

Roglič in zijn Sloveense kampioenstricot – foto: Cor Vos

Vanuit het driemanschap van Jumbo-Visma maakt Primož Roglič vooralsnog de beste indruk. De Sloveen eindigde vorig jaar in de Giro voor de eerste keer op het podium in een grote ronde en reed daarna foutloos naar de eindzege in de Vuelta. Zeven weken na zijn titel in de Sloveense wegwedstrijd, maakte hij in zijn nieuwe kampioenstrui indruk in de Tour de l’Ain. Roglič won twee etappes en bleef in het klassement Egan Bernal 18 tellen voor. Normaal moeten ook de slotbeklimmingen in de Dauphiné met toppen tot 1500 meter geen probleem vormen.

Tom Dumoulin vierde in de Tour de l’Ain zijn terugkeer in het peloton, nadat hij 420 dagen eerder zijn laatste koerskilometers reed in de Dauphiné, zoals je hierboven al las in de paragraaf ‘Vorig jaar’. De Girowinnaar van 2017 lijkt bij Jumbo-Visma weer opgeleefd en liet zich bij zijn comeback meteen zien. De vraag blijft in hoeverre hij de vorm heeft om al mee te doen om de winst in de Dauphiné. Hetzelfde geldt voor Steven Kruijswijk, die in de Ain ook pas zijn eerste koerskilometers van het seizoen reed, maar wel al vierde werd.

In de verhoudingen bij Team Ineos heeft Egan Bernal meerdere streepjes voor op Chris Froome en Geraint Thomas. Aan het begin van het seizoen legde hij in de Tour Colombia al beslag op de vierde plek. Tijdens de coronabreak was het even spannend of de Tourwinnaar van 2019 wel op tijd terug in Europa zou zijn voor de hervatting van het seizoen, maar een speciale sportersvlucht bood uitkomst. Bernal bleek het winnen niet verleerd en zette de Franse vierdaagse La Route d’Occitanie achter zijn naam. Maar in de Tour de l’Ain moest hij zijn meerdere erkennen in Roglič.

Bernal zegeviert in La Route d’Occitanie – foto: Cor Vos

Froome zelf maakte dit seizoen zijn rentree na zijn zware crash in de Dauphiné, vorig jaar. De Brit, drievoudig winnaar van de Franse ronde, kan komende week zijn revanche nemen – al zijn de uitslagen daar vooralsnog niet naar. In de UAE Tour eindigde hij 71e en in La Route d’Occitanie cijferde hij zich weg voor de ploeg. In de Tour de l’Ain werd hij 41e. Naar de vorm van enkelvoudig eindwinnaar Thomas is het gissen. De Welshman keerde pas in de Tour de l’Ain terug in koers. En dan is er nog Pavel Sivakov, die tweede was achter Bernal in Occitanië.

Terwijl veel aandacht uitgaat naar de kopstukken van Team Ineos en Jumbo-Visma, staat bij UAE Emirates een minstens zo grote kanshebber aan het vertrek. Tadej Pogačar reed in 2019, in het spoor van landgenoot Roglič, naar de derde plaats in de Vuelta a España. Zijn talent bleek onmiskenbaar, want toen moest hij nog 21 jaar worden. Begin dit seizoen won hij de Volta a Valenciana en zegevierde hij in de UAE Tour op Jebel Hafeet. Na de coronabreak pakte Poga al de Sloveense tijdrittitel en werd hij 13e in Strade Bianche en 12e in Milaan-San Remo.

Bahrain McLaren wil over een kleine drie weken hoge ogen gooien in de Tour de France met Mikel Landa. De Spanjaard hoeft niet langer de knokken voor zijn plaatsje in de triarchie bij Movistar en is de onbetwiste kopman bij zijn nieuwe ploeg. Dit seizoen was hij al derde in de Ruta del Sol vóór de coronabreak. Begin deze maand moest hij enkel in Remco Evenepoel zijn meerdere erkennen in de Vuelta a Burgos. In de Spaanse ronde maakte hij bovendien een veel betere indruk dan zijn landgenoten Enric Mas en Marc Soler bijvoorbeeld.

Pogačar tijdens de UAE Tour – foto: Cor Vos

Op dezelfde trede als Mikel Landa plaatsen we Thibaut Pinot. De kopman van Groupama-FDJ is een van de Franse renners op wie het thuispubliek haar hoop vestigt, en niet onterecht. Hij verliet een jaar geleden in tranen de Tour de France, maar heeft zich helemaal herpakt. Voor de corona de wielersport platlegde, had hij al top 10-klasseringen in de Tour de La Provence (7e), Tour des Alpes Maritimes et du Var (6e) en Parijs-Nice (5e) te pakken. En vorige week eindigde hij in La Route d’Occitanie als vierde.

Eerder dit seizoen schoot Nairo Quintana als een raket uit de startblokken. Zijn nieuwe werkgever Arkéa Samsic verwende hij meteen met dagsuccessen en eindzeges in de Tour de La Provence en de Tour des Alpes Maritimes et du Var. In Parijs-Nice werd hij vervolgens zesde, maar streek hij wel de winst op in skigebied Valdeblore La Colmiane. Zijn sterke reeks werd onderbroken door de coronacrisis. Hij keerde onlangs terug in de koers met een achtste stek in de Ventoux Challenge en een derde in de Tour de l’Ain. Als hij in de Dauphiné zijn sterke niveau kan doortrekken, is dit een taaie klant!

Miguel Ángel López of Emanuel Buchmann, wie heeft de meeste kans op succes in de Dauphiné? Anders dan López kwam Buchmann nog niet in actie sinds de coronabreak. Maar de Colombiaan van Astana kon in La Route d’Occitanie en de Ventoux Challenge nog niet imponeren. Daarom neigen we naar de Duitser van BORA-hansgrohe na zijn derde plaats vorig jaar in de Dauphiné en zijn goede optreden in de Tour de France. Eind januari wist hij bovendien zijn eerste koers van het seizoen, de Trofeo Serra de Tramuntana, al winnend af te sluiten.

Quintana (l) en Higuita tijdens Parijs-Nice – foto: Cor Vos

Niet alleen Nairo Quintana kan met vertrouwen beginnen aan de ingekorte Dauphiné met haar vele klimwerk, maar Sergio Higuita ook. De Colombiaan gaat aan de zijde van Rigoberto Urán en de nummer twee van vorig jaar, Tejay van Garderen, van start, maar kan in zijn ploeg de beste resultaten overleggen. Higuita won begin februari het nationaal wegkampioenschap en zette vervolgens ook de Tour Colombia achter zijn naam. In Parijs-Nice reed hij vervolgens naar de derde plek. Wat kan de klimmer, die begin deze maand pas 23 werd, in de Dauphiné?

Met zijn 35 jaar behoort Richie Porte intussen tot de oude garde in het peloton. Maar de Australiër is dit seizoen als goede wijn. Hij begon het seizoen met zijn tweede eindzege in eigen land, in de Tour Down Under en zette die goede lijn door in de Tour des Alpes Maritimes et du Var (derde). In Parijs-Nice ging hij kopje-onder in de openingsetappe en reed hij vooral in dienst van Girokopman Vincenzo Nibali. Na de coronabreak keerde Porte terug met een zesde plek in Route d’Occitanie en een tweede stek in de Ventoux Challenge. In de slotetappe van de Tour de l’Ain, een bergrit naar de Grand Colombier, kwam hij als vijfde over de streep.

Tot slot willen we ook de naam van Adam Yates aanstippen op de deelnemerslijst. De beoogde kopman van Mitchelton-Scott voor de Tour de France reed al drie keer top tien in de Dauphiné, waaronder een tweede plaats in 2018. Dit seizoen heeft hij al een eindzege achter zijn naam staan, namelijk in de vroegtijdig beëindigde UAE Tour. Sindsdien zagen we de 28-jarige Brit niet meer in actie door de coronabreak en vingen we vooral signalen op dat Team Ineos interesse in hem zou hebben. Maar normaal laat Adam in de Dauphiné wel weer van zich horen.

Yates in de rode leiderstrui van de UAE Tour – foto: Cor Vos

Maar daarmee is het kransje kanshebbers nog allerminst compleet. Zo is de Franse hoop, naast Pinot, ook gevestigd op Romain Bardet, die in de Dauphiné de puntjes op de i wil zetten in zijn voorbereiding op de Tour. Bij AG2R weet hij Pierre Latour aan zijn zijde. Er staan meer Fransen aan het vertrek, denk aan Julian Alaphilippe bij Deceuninck-Quick-Step, afgelopen weekend nog tweede in Milaan-San Remo, Guillaume Martin bij Cofidis, Pierre Rolland bij B&B Hotels-Vital Concept en Warren Barguil bij Arkéa Samsic.

Astana mikt op López, maar heeft ook Gorka Izagirre en Alexey Lutsenko aan boord. Bahrain McLaren heeft naast Landa de beschikking over Dylan Teuns en behalve Buchmann stelt BORA-hansgrohe ook Felix Großschartner op. Dan Martin is de vooruitgeschoven pion bij Israel Start-Up Nation en Enric Mas, Marc Soler en tweevoudig winnaar Alejandro Valverde zijn dat bij Movistar. NTT gokt op Louis Meintjes en Domenico Pozzovivo, Team Sunweb op Tiesj Benoot, Søren Kragh Andersen en Nicolas Roche.


Sprinters

Ondanks het bergachtige etappeschema hebben veel ploegen toch ook een afmaker aan het vertrek. Denk aan Benoît Cosnefroy bij AG2R La Mondiale, Sonny Colbrelli bij Bahrain McLaren en drievoudig wereldkampioen Peter Sagan bij BORA-hansgrohe. Andere namen zijn Kasper Asgreen en Bob Jungels (Deceuninck-Quick Step), Valentin Madouas (Groupama-FDJ), André Greipel (Israel Start-Up Nation), Daryl Impey (Mitchelton-Scott), Edvald Boasson Hagen (NTT), Wout van Aert (Jumbo-Visma) en Alexander Kristoff (UAE Emirates).


Favorieten volgens WielerFlits
**** Primož Roglič
*** Egan Bernal, Tadej Pogačar
** Mikel Landa, Thibaut Pinot, Nairo Quintana
* Emanuel Buchmann, Sergio Higuita, Richie Porte, Adam Yates

Website organisatie
Deelnemerslijst


Weer en TV

Naar verwachting wordt het een warme editie van het Critérium du Dauphiné met temperaturen tot voorbij de 30 ℃. Later op de dag is er kans op onweer. De Franse ronde is rechtstreeks te volgen via Eurosport, Sporza en Global Cycling Network (GCN). Ook de NOS zendt de Dauphiné uit, dagelijks op NOS.nl en ook enkele dagen op NPO1.


Dit artikel delen:

Reactie plaatsen

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.